home | Inloggen
Aantal schrijvers: 556 | Aantal boeken:

16059

 

Elsschot, Willem

WILLEM ELSSCHOT

Antwerpen, 7 mei 1882 – Antwerpen, 31 mei 1960

(Foto: ca 1950)

Prozaschrijver, dichter en reclameman.

Pseudoniem van Alfonsus Jozefus de Ridder

Het pseudoniem ‘Elsschot’ ontleende De Ridder aan de bosrijke streek bij Herselt, in de Kempen bij zijn oom en tante. Het bos heette eigenlijk “Helschot”. Willem kwam van “Willem die de madocke maecte”.

Pseudoniemen:  ‘Nicodemus’ in Snoecks Almanack; ‘Absolon’ in Jong Holland.

BIOGRAFIE

7 mei 1882: Willem Elsschot werd geboren als Alfons de Ridder te Antwerpen als zoon van Christiaan De Ridder, bakker aan de Keyserlei en Adele Van Elst.

  • Hij was de achtste van tien kinderen.  Zijn moeder kwam uit de Antwerpse Kempen en was zeer gevoelig, een eigenschap die de zoon ongetwijfeld heeft overgeërfd, alhoewel zijn latere carrière in de zakenwereld laat vermoeden dat het veeleer de handelsgeest van zijn vader is geweest die hem leidde.

1888-1893: Lager onderwijs volgde hij op de Antwerpse gemeenteschool in de Van Maerlandstraat.

1893-1899: Middelbaar onderwijs kreeg hij op het Athenée Royale of Koninklijk Atheneum. Het waren vooral de lessen Nederlands van de dichter en latere vriend Pol de Mont en Engelbert de Chateleux die hem diep zouden raken..

  • Hij treedt ook toe tot het door medeleerlingen opgerichte leeskringetje ‘Flandria’, die hun zakgeld gebruikten om o.a. poëzie van de Tachtigers te kopen. Voorzitter van het clubje was Ary Delen, en vriend voor het leven.
  • De memoires over de schooljaren op het Atheneum, voltooid in maart 1913, verschijnen als Een ontgoocheling in Groot Nederland, augustus 1914.
  • Elsschot was in zijn puberteit blijkbaar zo opstandig en brutaal dat zijn prestaties zo ondermaats waren dat hij het jaar zou moeten overdoen, wat hij vertikte. Op zeventien jaar verliet hij zonder diploma het onderwijs.

1899-1901: Loopjongen bij de graanhandel Kahn & Schoen in de Beddenstraat, later bij de scheepsagentuur Tonnelier & Schepens, Sint-Paulusstraat 30.

  • Bohémienbestaan, schrijft eenentwintig romantische jeugdgedichten, sluit zich aan bij de anarchistische beweging van ‘De Kapel’, aan de Falconrui nr 47.
    • De kapel was een door de Antwerpse mecenas François Franck in het oude Godshuis Lantschot ingerichte voordracht- en tentoonstellingszaal van artistieke anarchisten, een levendig kunstcentrum waar ook handarbeiders en dokwerkers kwamen luisteren en dat op het artistieke leven te Antwerpen tot 1918 een grote invloed uitoefende. In een ietwat geheimzinnige typisch fin-de-siècle decor met op het altaar ‘le beau Dieu’ van Amiens en een ‘wazige, verleidelijke’ ‘Aurore’ van Eugène Carrière, langs de wanden friezen van het Parthenon en een Baudelaire-buste lazen schrijvers en dichters  (oa  Stijn Streuvels, Frederik van Eeden) uit hun werk voor.
    • Onder de talrijke toehoorders van diverse pluimage waren aanwezig: de gebroeders Franck, Emmanuel De Bom en zijn broer Joris, Hegenscheidt en zijn zuster, Charles Mertens, Richard Beseleer, Lodewijk Mortelmans, Lode Baekelmans, Jef van Overloop en zijn zuster. Victor Resseler, Jan Eelen, Ary Delen, Karel Tyck (de schilder), A. Goethals, J. Schaeps, Jan Baeten (van de ‘Scalden’), J. van Hoof, De Lange, Jan Madou en Arthur Cornette. Alle deelnemers waren jong, wilden kennis nemen van wat de wereld zoal bood en sloten er vriendschappen voor het leven. (Bron: Hegenscheidt-Heyman, Madeleine. 1977. Leven met een schrijver: biografie van Alfred Hegenscheidt volgens de memoire van Madeleine Hegenscheidt-Heyman en met editie van onuitgegeven documenten. p.324)
  • Het was hier dat De Ridder zijn bekend gedicht voorlas:
‘K heb in mijn jeugd gelijk een beest gezopen
aan al de passies van een menschenleven;
ik heb den beker huilend hoog geheven
en aangegaapt met lippen gulzig open.

1901: Medeoprichter van het tijdschrift De Alvoorder. (samen met Ary Delen, Karel van den Oever, Leo J. Krijn, Lode Baekelmans, Herman Teirlinck en Ferdinand Toussaint van Boelaere).

  • April 1901: debuteert met “Kind” en “Openbaring” in dit tijdschrift; publiceert zeven gedichten in Alvoorder en één gedicht in het Nederlands-Vlaams blad De Arbeid.
  • Ontmoet Jeanetta Josephina (Fine) Scheurwegen uit Berchem.
  • 29 augustus 1901: wordt vader van een zoon, Walter.
  • Heeft zich inmiddels op voorspraak van zijn broer Karel en  na een toelatingsexamen laten inschrijven op het Institut Supérieur de Commerce d’Anvers, het Hoger Handelsinstituut (aan de Schilderstraat te Antwerpen).
  • In zijn studententijd actief lid van de Vlaamsgezinde NSK, de Nederlandse Studenten Kring, waarvoor hij ‘epossen’ schrijft en liederen als ‘Spaanse ban’ en ‘Schele Vanderlinde’.

1902: Onder het pseudoniem Absolon verschijnen van zijn hand een drietal gedichten in Jong Holland, maandschrift voor Groot-Nederland, gewijd aan litteratuur, beeldende kunst en muziek. Het betreft ‘Moeder’ in het septembernummer 1902 en ‘Herfstgroet’ en ‘De Zee’ in het oktobernummer.

1903: Behaalt met grote onderscheiding het diploma van de Hogere graad in de Handels- Consulaire en Koloniale Wetenschappen aan het Hogere Handelsgesticht.

1906: Vertrekt naar Parijs waar hij werk vindt bij de ingenieur Alfredo H. Bustos, inspecteur van het Ministerio de Obras Publicas de la Republica Argentina.

  • Elsschot verblijft in Parijs in een pension aan de Rue d’Armaillé, dat later de basis wordt van zijn eerste roman Villa des Roses.
  • Elsschot geeft ook zichzelf een rol in de roman, die van Grünewald, de Duitser die het aanlegt met het dienstmeisje Louise. Zij raakt zwanger maar laat de vrucht weghalen, die vervolgens over een schutting wordt gegooid. Grünewald wordt verliefd op een knappe Amerikaanse en laat Louise stikken. Wat is waarheid, wat is fictie ?

1907: Elsschot ruilt Parijs in voor Rotterdam en aanvaardt een baan als  boekhouder en chef-correspondent bij de werf Gusto in Schiedam.

  •  Rotterdam is belangrijk in de literaire ontwikkeling van Elsschot:
    • Hij wordt er ondergedompeld is een Noord-Nederlands taalbad
    • Hij schrijft er Villa des Roses op aandringen van zijn collega en vriendin Anna Christina van der Tak.
    • Hij schrijft er zijn beroemde gedicht “Het huwelijk”.
  •  Elsschot:  “Mijn Rotterdamse jaren waren de mooiste van mijn leven. Ik liet Fine met wie ik inmiddels getrouwd was en onze zoon overkomen en kocht er regelmatig een kindje bij – het zijn er zes nu. Verder leerde ik er Juffrouw van der Tak kennen, die altijd zo moest lachen om mijn verhalen uit de Villa des Roses, en voor wie ik ze heb opgeschreven.”

8 augustus 1908: huwt Fine Scheurwegen.

  • In het boek “Willem Elsschot. Man van Woorden”  toont Martine Cuyt dat Elsschot beneden zijn stand getrouwd was met de meid des huizes Fine Scheurwegen, die hij had zwanger gemaakt. Broers en zussen hebben hem ervan moeten overtuigen dat hij zijn verantwoordelijkheid moest nemen. Na lang aarzelen huwt hij haar in 1908. Zijn zoon Walter is dan al bijna zeven jaar.
  • Tijdens zijn Parijse en Rotterdamse periode schreef hij enkele gedichten die door zijn vriend Ary Delen – later in 1932 – in het Nederlandse tijdschrift Forum gepubliceerd werden. Nog later werden ze gebundeld tot “Verzen van vroeger” (1934). Eentje ervan, ‘Het huwelijk’ (geschreven in 1910) behoort tot de bekendste gedichten uit de Vlaamse poëzie en de uitspraak “tussen droom en daad staan wetten in den weg en praktische bezwaren” is al lang verheven tot spreekwoordelijke versregel.

1912: Verhuist naar Brussel, waar hij als boekhouder werkt  bij de gelatinefabriek Herz & Wolff.

  • Al snel wordt hij vaste medewerker van het advertentietijdschrift La Revue Générale Illustrée, dat door zijn Antwerpse vriend Jules Valenpint wordt geredigeerd. René Leclercq, tekenaar van oorsprong, wordt mede-exploitant.
  • Het is Jules Valenpint, die model staat voor het personage Boorman in de roman Lijmen/Het Been, waarin La Revue Continentale is omgedoopt in “Algemeen Wereldtijdschrift voor Financiën, Handel, Nijverheid, Kunsten en Wetenschappen”. Het echte tijdschrift gaat tijdens de Eerste Wereldoorlog wegens de economische omstandigheden in België failliet.

1913: Publicatie van zijn eerste roman onder de titel Villa des Roses onder het pseudoniem Willem Elsschot.

  • Rond de novelle ‘Een ontgoocheling’ af. In augustus 1914 wordt het gepubliceerd in Groot Nederland.
  • De samenwerking met Valenpint en Leclercq komt plots ten einde wanneer de Duitsers België binnenvallen. Het gezin De Ridder vlucht naar Antwerpen.

1914-1918: Vestigt zich opnieuw in Antwerpen.

  • Tijdens de Eerste Wereldoorlog is hij secretaris bij het Provinciaal Oogstbureel, een vennootschap voor ‘ het aankoopen van den inlandsche oogst, alsmede de herverkoop van dien oogst aan het Nationaal Hulp en Voedingskomiteit, en aan de komiteiten die ervan afhangen’. Het gezin De Ridder kan er goed van leven.
  • Voltooit op 1 april 1915 het manuscript van De Verlossing, dat vanaf augustus 1916 in drie opeenvolgende nummers van Groot Nederland wordt voorgepubliceerd. Een versie van Een ontgoocheling met veel streektaal verschijnt vanaf 12 februari 1916 in acht opeenvolgende nummers van het weekblad Het Toneel.

1918: Na de capitulatie werkt hij enkele maanden als correspondent voor de Nieuwe Rotterdamsche Courant. Dit als opvolger van  Emmanuel De Bom die ingevolge de ‘zuivering van activisten’ binnen het stadsbestuur eveneens zijn correspondentschap bij de krant is kwijtgeraakt.

1919: Samenwerking met Léonce Leclercq, broer van René, voor het werven van advertenties voor o.m. Livre d’adresses de la Ville et de Province d’Anvers, een adresboek, later telefoonboek.

  • Het gaat hem voor de wind: doet een eerste aanbetaling van 11.000 frank (op een totaal van 53.000 frank) voor het verwerven van een statig herenhuis in de Lemméstraat 19 (later hernummerd 21), in het zuidelijk deel van Antwerpen.
  • Als schrijver wordt hij door Koning Albert geridderd in de Orde der Kroon, op voorstel van minister voor Wetenschappen en Kunsten J. Destrée. 

1920: Léonce Leclercq en De Ridder tekenen een contract voor tien jaar waarbij het reclamebureau ‘La Propagande Commerciale’ wordt opgericht met een vestiging in Antwerpen, Groenplaats 1, en een in Brussel, 11 rue de la Reinette (Pippelingstraat). Beiden leggen elk 1.000 frank in, de winst werd gedeeld.

1921: Richt een tweede onderneming op “S.A. d’Editions Commerciales et Industrielles” gericht op het uitgeven van gelegenheidsboeken.

1923: Publicatie van ‘Lijmen ‘ in het tijdschrift De Vlaamsche Gids – acht jaar nadat hij eraan begonnen was.

1924: Publicatie van ‘Lijmen’ bij de uitgeverij L. J. Janssens., met matig verkoopsucces.

1926: Overlijden van zijn moeder.

1928-29: Elsschot bouwde in de duinen van Sint-Idesbald (Koksijde) zijn villa Kerkepanne . Vanaf 1929 brengt het gezin daar zijn vakanties door.

1931: Maakt een einde aan het compagnonschap met Leclercq en begint voor eigen rekening een reclamebureau. Als eerste initiatief bedacht hij “De almanak der kroostrijke gezinnen”.

1932: Een heruitgave van ‘lijmen’ bij de Wereldbibliotheek in Amsterdam blijkt een succes. Circa 3000 ex. vliegen de deur uit. De uitgave is dan ook prachtig verlucht met houtsneden van Henri Van Straten.

  • Een paar maanden later laat Jan Gresshof vroege gedichten van Elsschot (hem toegezonden door Ary Delen en Jan van Nijlen) publiceren in ‘Forum’. Het wordt een groot succes en in 1934  verschijnt een bundeling onder de titel “Verzen van vroeger”.
  • Hierdoor aangemoedigd begint hij te schrijven aan wat later de titel “Kaas” zal meekrijgen.

1933:Kaas‘ verschijnt eerst in het tijdschrift ‘Forum’ en daarna in boekvorm bij P.N. Van Kampen. Omslag en illustraties zijn van de hand van J. Cantré.

1934: Publicatie van de roman  “Tjip

  • Het boek wordt nogal controversieel ontvangen, omdat het passages bevat over godsdienstonderwijs, die niet bij iedereen in de smaak vallen. Onder meer Marnix Gijsen en Gerard Walschap roeren zich.
  • Het boek ligt dicht bij de werkelijkheid en beschrijft het huwelijk van zijn dochter Adèle met haar Poolse vriend Bennek Maniewski. Zij moet zich voor haar huwelijk bekeren waardoor haar Bijbelstudie wordt bijgebracht. ‘Tsjip’ is de bijnaam voor Jan die uit dat huwelijk geboren wordt.

1937: “Pensioen”, een bizarre geschiedenis over de strijd om het soldatenpensioen van de omgekomen Willem Verstappen die Elsschot ter ore komt in zijn schoonfamilie, een gebeurtenis van bijna 20 jaar eerder.

1938:Lijmen: Het been”. Het is Menno ter Braak die de aanzet geeft om dit vervolgboek te schrijven. Het kost Elsschot heel wat moeite om het te laten aansluiten bij het 11 jaar eerder verschenen boek ‘Lijmen’.

1940: Duitsland valt in mei België binnen. Het gezin vlucht naar de kust, naar Frankrijk en keert in juni naar België. Elsschot naar Antwerpen. Fine verblijft bij haar oudste dochter Adèle te Brussel.

1941: Raakt door de oorlog zijn inkomsten uit de reclame kwijt.

  • Wordt gedwongen Huize Kerkepanne in Sint-Idesbald te verkopen.
  • Schrijft moeizaam aan Het tankschip, bestemd voor publicatie in Criterium.
  • Voegt een nieuw hoofdstuk toe aan Kaas.
  • Verwerft een contract met de Nationale Landbouw- en Voedingscoporatie, een organisatie door de bezetter in het leven geroepen. Het betreft een publiciteitsmonopolie voor de Nederlandse en de franse editie van hun blad ’Handel en distributie’ tegen een commissie van 25 %.
  • Verwerft de concessie voor de publiciteit in Snoeck’s Almanakken. Dit zou hem tot na zijn dood veel inkomsten bezorgen.
  • Voor Snoeck’s Almanak heeft hij ook zelf enkele stukken geschreven. (onder het pseudoniem Nicodemus).
  • In de rol van reclameman schrijft hij onder andere een tekst met de titel “Lofzang op de mostaard” (eet mosterd van Tierenteyn Ferdinand / veruit de bekwaamste fabrikant / van ons beminde Belgenland). Hij is gespecialiseerd in gedenkboeken van bedrijven en winkeliersverenigingen. Elsschot houdt niet van de reclamewereld. Vlak voor zijn dood in 1960  formuleert hij het als volgt: “Niet alleen walg ik van de reclame, maar ook van de commercie in het algemeen. En ik heb Lijmen geschreven omdat ik er op een of andere manier van af moest komen. Ik moest wel reclame bedrijven, want van mijn pen heb ik nooit kunnen leven.”

1942: Neemt voor de eerste keer van zijn leven zitting in een literaire jury, die voor de Leo J. Kryn-prijs, ingesteld door de weduwe van zijn jeugdvriend Kryn.

  • Na de toekenning van de prijs aan Louis Paul Boon ontstaat een ‘harde vriendschap’ met hem.
  • Frans Smits publiceert de studie Willem Elsschot. Zijn leven, zijn werk en zijn beteekenis als prozaschrijver en dichter.

1945: De familie De Ridder komt de oorlog ongeschonden door.

  • Fritz Francken – onder zijn echte naam Frederik Clijmans hoofd propaganda en toerisme in Antwerpen – trekt Elsschot over de streep om ‘namens de literatuur’ een welkomstwoord te richten aan Winston Churchill bij diens ontvangst als ereburger van de stad Antwerpen.
  • Met de huwelijkstrouw zou Elsschot het niet zo nauw genomen hebben, zo zou hij tussen 1946 en 1951 een relatie met de dichteres Liane Bruylants gehad hebben. Volgens haar zou hij ook nog een andere relatie hebben gehad met een onbekende vrouw.

1947: Schrijft het ‘Borms’-gedicht, dat hem van zijn collega’s zal vervreemden.

1949: Treedt toe tot de redactieraad van het Nieuw Vlaams Tijdschrift.

Stopt definitief met het schrijven van letterkundig werk.

1957: Uitgave van zijn ‘Verzameld Werk’ ter gelegenheid van zijn 75ste verjaardag. 

31 mei 1960: Willem Elsschot overlijdt op 78-jarige leeftijd aan huidkanker in zijn geboortestad Antwerpen. Zijn vrouw Fine overlijdt de dag daarop. Elsschot wordt gecremeerd en zijn as werd samen met het lichaam van zijn echtgenote begraven op het Schoonselhof.

Postuum wordt hem de Staatsprijs voor literatuur toegekend.

Epiloog

2004:  In 2004 willen drie kleinzonen delen van het archief (3-van 4-identieke  eerste drukken en brieven van andere schrijvers aan Elsschot) van Elsschot verkopen. De dochter van Elsschot, Ida de Ridder, en andere familieleden weten dat via een kort geding in december 2004 te verhinderen. Zij vinden dat de nalatenschap bij elkaar moet blijven. Het archief van Elsschot is bij zijn oudste zoon Walter; bij zijn overlijden komt het in handen van de kleinzonen:

  • Walter, Fons en Christiaan de  Ridder. Recent hebben de erven van de nalatenschap van Alfons de Ridder in onderling overleg beslist dat het literaire archief van Willem Elsschot als één onverdeelbaar geheel wordt beschouwd. Aan dit archief wordt nu ook het zakelijke archief van Alfons de Ridder toegevoegd.
  • Door dit akkoord komt een einde aan het geschil tussen de erfgenamen en zal de lopende rechtsprocedure worden stilgelegd.
  • In samenspraak met de Stad Antwerpen en de Vlaamse overheid zal verder bekeken worden aan welke voorwaarden en aan wie het archief kan worden overgedragen om het toegankelijk te maken voor verder wetenschappelijk en literair onderzoek.
  • Het spreekt voor zich dat de beschikbaarheid van het archief de zinvolle invulling van de Elsschot jaren 2007-2010 ten goede zal komen. (Bron: WEG.)

2010: Grootse stadshulde –  De Stad van Elsschot –  ter gelegenheid van de herdenking dat hij 50 jaar geleden overleden is, met allerlei activiteiten en een prachtige tentoonstelling ‘Dicht bij Elsschot’ in het Letterenhuis.

  •  Lanoye prijst het feit dat “nu niet eens de schilders of de mode-ontwerpers centraal staan in Antwerpen, maar een schrijver.” (..) En zonder dat daar Elsschot-kaas of salami moet aan te pas komen.

BEKRONINGEN

  •  1934: Prijs der Vlaamse Provinciën voor Kaas.
  • 1938: Prijs der Vlaamse Provinciën voor Pensioen.
  • 1948: Driejaarlijkse Staatsprijs voor Vlaams verhalend proza  voor Het dwaallicht.
  • 1951: De Constantijn Huyghens prijs voor zijn hele oeuvre.
  • 1960: Postuum wordt hem de Staatsprijs ter bekroning van een schrijversloopbaan toegekend.

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Websites

Referenties

  •  Wieneke ’t Hoen, Dicht bij Elsschot. Athenaeum Polak & Van Gennep.Amsterdam  2010 118pp.

 

SMAAKMAKER

Uit de inleiding van ‘Kaas’:

“Wie het slot niet uit het oog verliest zal vanzelf alle langdradigheid vermijden omdat hij zich telkens afvragen zal of ieder van zijn details wel bijdraagt tot het bereiken van zijn doel. En hij komt dan spoedig tot de ontdekking dat iedere bladzijde, iedere zin, ieder woord, ieder punt, iedere komma het doel nader brengt of op afstand houdt. Want neutraliteit bestaat niet in de kunst. Wat niet nodig is, dient geweerd en waar het met één personage kan is een menigte overbodig.”

 

MARIA   –  Uit: Het Dwaallicht, 1960

“Een vreemde stad,” zegt Ali, “al de straten gelijken op elkander.” Maar ik leg hem met de hand het zwijgen op en verklaar dat ik mee zal gaan tot bij het meisje van de sigarettendoos. Meteen loop ik vastberaden in de richting van de derde rechts, naast Ali, gevolgd door zijn donkere, zwijgzame kameraden.
Zo ben ik dan eindelijk de baan eens op met mensen die volkomen verschillen van de volksgenoten met wie ik gedoemd ben mijn dagen te slijten, althans met mensen van een andere kleur, die anders lopen, anders groeten en lachen, misschien ook anders haten en beminnen, die in ieder geval van onze beroemdste medeburgers nooit hebben gehoord en voor wie onze vorsten en heiligen absoluut niet in tel zijn, dus zeer waarschijnlijk mensen naar mijn hart. En nu deze drie zo onverhoopt mijn pad hebben gekruist moet ik er onverwijld uithalen wat er uit te halen is, want onze betrekkingen zullen kortstondig van duur zijn.
Om met iets te beginnen, vraag ik of hij Maria al gezien heeft want wie weet hoe zij aan die eigenaardige visitekaart geraakt zijn en ik wil zekerheid hebben dat zij geen fictie is maar een tasbaar iemand. Ja, hij heeft haar gezien. Of het een aardig meisje is ? “Very nice,” verzekert hij met overtuiging. Jong ? Ik reken er namelijk op, dat aan ’t eind van onze kruistocht geen oude kween voor ons zal opduiken.

“Neen, neen,” verzekert hij lachend, met een afwerend handgebaar. Hij draait zijn hoofd om en zegt iets in zijn taal waarop ook zijn twee makkers als kinderen aan ’t lachen gaan.
“Veertien?”
Ditmaal krijg ik een berisping van zijn bruine wijsvinger en hij verklaart nu dat zij iets als twintig moet zijn.

“Dat is beter ook,” zeg ik vaderlijk, al valt het mij tegen.
“Beter voor de wet van blanke mensen,” preciseert Ali.

BIBLIOGRAFIE  & FILMOGRAFIE

Woordje vooraf

  • De Elsschotbibliografie bestaat uit 2 delen: een overzicht van de ‘canon’ en de overige publicaties.

De gegevens van deze bibliografie werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience – Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles.
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klikt u op de foto.

Chronologisch overzicht

A. De ‘canon’

Jaar Titel & uitgeversinformatie Fotogalerij
1913 Villa des Roses. (roman)

Bussum: C.A.J. Van Dishoeck. – 227 p.

Afmetingen: 21.25 x 16 (gebonden in linnen kaft)
Colofon: Van dit boek werden tien exemplaren gedrukt op geschept Pannekoek.
Druk: Boek-, Courant- en Steendrukkerij G.J. Thieme, Nijmegen
Opgedragen aan Mej. Anna Christina van der Tak.
Verscheen eerst in het tijdschrift Groot Nederland (jg 11)
1921:  Tweede druk. C.A.J. van Dishoeck, Bussum, 236p., 16.5 × 21.5 cm. [Een deel van deze oplage werd in 1938 overgenomen door P.N. van Kampen en Zoon N.V. en verscheen als titeluitgave met ongewijzigd omslag en met vervanging op de titelpagina van de uitgeversnaam door: P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam. Het jaartal werd op de titelpagina weggelaten].
1941: 3de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [september 1941], 240 blz., 14.5 × 20 cm. [In februari 1943 verscheen nog een ongewijzigde heruitgave met de aanduiding: Derde druk, om verschijning in oorlogstijd mogelijk te maken].
1944: 4de druk. Bij Uitgeversmij A. Manteau, N.V., P.N. van Kampen en Zoon, N.V., Brussel, Amsterdam,  gedrukt Juli 1944, 184p. 20 x 14.5. Met een houtsnede op het omslag door Henri van Straten.
December 1945: 4de  druk (=5de druk) bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, 240p. 29.50 x 14
1952: 5de druk [= 6de druk] bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [oktober 1952], 168p. 21 x 13.5

2018: heruitgave bij uitgeverij Polis, Antwerpen. -248p. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)
1920 Een ontgoocheling. (roman)

Antwerpen: S.V. “Lectura”. / Bussum: C.A.J. Van Dishoeck. – 79 p.
Het Lectura-omslag met vignetje van Frans Masereel.
Afmetingen: 20 x 14 (gewone stofomslag en speelkaarten stofomslag)
Reeks: Lectura-Reeks, Nummer VI.
Drukkerij –Binderij V. Resseler Prinsstraat 30 Antwerpen.
Verscheen eerst in het tijdschrift Groot Nederland (jg 12 nr 8 pp. 139-178)

1934: 2de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam. -164p. (20.50 x 14) Met een tekening op het omslag door E.B.
De 44 pagina’s tellende inleiding verscheen in deze tweede druk voor het eerst.
November 1949: 2de (=3de) druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [], 116p. Afmetingen: 20 x 13cm
Met een tekening op het stofomslag door E.B..
2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -136p. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen
1921 De verlossing. (roman)

Bussum:C.A.J. Van Dishoeck. – 183 p.
Afmetingen: 21 x 15.75 (gebonden in linnen kaft)
Druk: Boek- en Kunstdrukkerij G.J. van Amerongen & Co, Amersfoort.
[Een deel van deze oplage werd overgenomen door P.N. van Kampen en Zoon N.V. en verscheen in oktober 1938 als titeluitgave met een geel omslag, waarop de uitgeversvermelding: N.V. Uitgevers-Mij. C.A.J. van Dishoeck, Bussum, maar met vervanging op de titelpagina van de uitgeversnaam door: P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam. Het jaartal werd op de titelpagina weggelaten].

Verscheen eerst in het tijdschrift Groot Nederland, jg. 14.
1945: 2de druk  bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [1945], 144p. Afmetingen: 20 x 13 cm.
1953: 3de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [1953], 188p. Afmetingen: 21 x 13.50 cm.
2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -248p. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)
1923 De juweelenstoet. Uitgangen te Antwerpen, den 12, 15 en 19 Augustus 1923. Le cortège des bijoux (…). The jewels pageant (…). (non-fictie)

Antwerpen, Leclercq & De RIDDER .

 Oblong. Soepel leder met vergulde belettering. Binnenzijde platten aan randen met vergulde decoratie. Kop verguld. Z.p. Rijk geïllustreerd.
 Gedrukt in een oplage van 1000 genummerde exemplaren.
Onder eigen naam:  ALFONS DE RIDDER
In 1919 had De Ridder samen met Léonce Leclercq (de broer van René Leclercq, met wie De Ridder in 1912 de Revue Continentale Illustrée leidde) het reclamebureau ‘La Propagande Commerciale’ opgericht. De Ridder schreef de teksten voor De juweelenstoet.

1924 Lijmen. (roman)

Antwerpen: L. J. Janssens en Zonen. – 254 p.
Reeks: Keurserie nr 8 N° 1082
Afmetingen: 18.25 x 12 (gebonden in kartonnen kaft)
(oplage: 120 ex.)

Verscheen eerst in het tijdschrift De Vlaamsche Gids.
1932: 2de druk bij Wereldbibliotheek(583) Mij. tot verspreiding van goede en goedkoope lectuur, Amsterdam. -253p. (afmetingen: 12.5 × 18.5)  Oplage 3000 ex.
Met bandontwerp en 9 houtsneden door Henri van Straten
.
1938: 3de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [juni 1938], 254 blz., 13 × 18.5 cm. Versierd met 9 houtsneden en een houtsnede op het stofomslag door Henri van Straten.

 In latere uitgaven wordt ‘Lijmen ‘steeds samen met ‘Het been’ uitgegeven

Juni 1943: Lijmen. I. Lijmen, II. Het been. [Met 13 houtsneden en een houtsnede op het stofomslag door Henri van Straten]. Tweede druk [vierde druk van Lijmen, tweede druk van Het been]. P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [juni 1943], 224 blz. + 13 bladen met houtsneden, 13.5 × 19 cm.
November 1943: Lijmen. I. Lijmen, II. Het been. Verbeterde tekst. Met [12] houtsneden [en 1 houtsnede op het omslag] van Henri van Straten. Vijfde druk van Lijmen, derde druk van Het been. Uitgeversmij A. Manteau N.V., U.Mij P.N. Van Kampen en Zoon, Brussel, Amsterdam, 224p. Afmetingen: 20 x 14
Augustus 1946: Lijmen. I. Lijmen, II. Het been. [Met een tekening op het stofomslag door H.J. en 13 houtsneden en 1 houtsnede op het omslag door Henri van Straten]. Derde druk [zesde druk van Lijmen, vierde druk van Het been]. P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, 240p. 21.50 x 15
1950: Lijmen. I. Lijmen, II. Het been. Vierde druk [zevende druk van Lijmen, vijfde druk van Het been], bij  P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, 228p. 21 x 15. Geïllustreerd [met 13 houtsneden] door Henri van Straten en een tekening op het stofomslag door H.J.

2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -304p. Samen met Het been in één band.  Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

1933 Kaas. (roman)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. -152 blz. + 4 bladen met houtsneden .Afmetingen: 20.25 x 14 (gebonden in linnen kaft)
Omslag en illustraties: Jozef Cantré.
Met een Opdracht Aan Jan Greshoff, een Inleiding en een opgave van Personages en Elementen. Bekroond met de Prijs der Vlaamse Provinciën (1934).

Verscheen eerst in het tijdschrift Forum.
1937: 2de druk bij  P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [juni 1937], 152 blz. + 4 bladen met houtsneden, 12.5 × 19.5 cm. Met een Opdracht Aan Jan Greshoff, een Inleiding en een opgave van Personages en Elementen]. Versierd met 4 houtsneden en een houtsnede op het omslag door Jozef Cantré.
Februari 1942: 3de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, 160p. + 4 bladen met houtsneden, 20 x 14. Versierd met 4 houtsneden en een houtsnede op het omslag door Josef Cantré.
Juli 1944: 4de druk bij Uitgeversmij A. Manteau N.V., P.N. van Kampen en Zoon N.V., Brussel, Amsterdam, [juli 1944], 152p. Afmetingen: 20 x 13.5. Met een houtsnede op het omslag door Henri van Straten.
1947: 5de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [1947], 164p. + 4 bladen met houtsneden, 20 x 12.5 Versierd met 4 houtsneden en een houtsnede op het omslag door Jozef Cantré.
1953: 6de druk bij . P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [februari 1953], 160p.+ 4 bladen met houtsneden, 20.5 × 13.5 Versierd [met 4 houtsneden en een houtsnede op het omslag] door Jozef Cantré.

2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -304p. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

1934 Tsjip. (roman)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 132 p.
Afmetingen: 20.25 x 14 (gebonden in linnen kaft)
– Opgedragen aan Jan Maniewski.
Met een tekening op het stofomslag door Doeve.

 1936: 2de vermeerderde druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [oktober 1936], 164 blz., 13.5 × 20 cm. Met een tekening op het stofomslag door Doeve].
1942: 3de vermeerderde druk bij  P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [februari 1942], 164 blz., 14 × 20 cm. Met een tekening op het stofomslag door Doeve.

In latere uitgaven wordt ‘Tsjip’ steeds samen uitgegeven met ‘De leeuwentemmer’.

1943: Tsjip, gevolgd door De leeuwentemmer. Vierde druk van Tsjip, tweede druk van De leeuwentemmer bij Uitgeversmij A. Manteau N.V. &  Uitgeverij P.N. Van Kampen en Zoon, Brussel, Amsterdam, [mei 1943], 192 blz., 13 × 19 cm.
1943: Tsjip en De leeuwentemmer. Roman in 2 episoden bij Querido Inc. New-York. Met een inleiding van Manix Gijsen. Vijfde druk van Tsjip, derde druk van De leeuwentemmer.
1944: Tsjip. De leeuwentemmer Met een tekening op het stofomslag door Doeve. Deze uitgave is de 5e [6e] druk van ‘Tsjip’, de 3e [4e] druk van ‘De leeuwentemmer’. P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [maart 1944], 196p. 20 x 14.
1952: Tsjip. De leeuwentemmer. Met een tekening op het stofomslag door Doeve. Deze uitgave is de 7de  druk van ‘Tsjip’, de 5de  druk van ‘De leeuwentemmer’. P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [maart 1952], 176p. 21 x 13.50.
 …
2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -304p. Samen met De leeuwentemmer in één band. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

1934 Verzen van vroeger. (gedichten)

Haarlem : Joh. Enschedé & Zonen. -32p.
Afmetingen: 20.50 x 12.50
In een oplage van 400 exemplaren plus 12 luxe-exemplaren op Japans papier.
Publicatie van de 10 gedichten die in het tijdschrift Forum waren verschenen.

Latere heruitgaven al dan niet vermeerderd

1943: Verzen. Brussel: Uitgeversmij A. Manteau. – 28 p.  Reeks:  De Brug nr 3. Deze uitgave kent meerdere herdrukken (zie aldaar)
1954: Gedichten. bibliofiele uitgave  (zie aldaar)

1937 Pensioen. (roman)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 124p. + 1 blad met reproduktie.
Afmetingen: 19.50 x 13.50  (gebonden in linnen kaft én gebonden met stofomslag)
De illustratie van de stofkaft: Doeve. (Foto naar teekening van C. Van Uytvanck)
Opgedragen aan Jeannetta Jozefina Scheurwegen.
1938: Bekroond met de  Prijs der Vlaamse Provinciën

Verscheen eerst als Elsschot nummer van Groot Nederland.

1949: 2de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [maart 1949], 124p.., 20 x  14. Met een tekening op het stofomslag door Doeve.
1962: heruitgegeven als Vlaamse Pocket nr 47 door uitgeverij Heideland te Hasselt (6de druk in 1978)
Elsschot 1
2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -160p. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

1938 Het been. (roman)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 131 p.
Afmetingen: 18 x 12 (gebonden met stofomslag al of niet met tekening)
Met een inleiding van Menno ter Braak.
Met een houtsnede op het stofomslag door Henri van Straten.

Vanaf 1943 wordt ‘Het been ‘steeds samen met ‘Lijmen’ (1924) uitgegeven.

2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -304p. Samen met Lijmen in én band. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

1940 De leeuwentemmer. (roman)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 116 p.
Afmetingen: 19.50 x 13.50 (gebonden met linnen kaft)
Verscheen eerst in het tijdschrift Groot Nederland.

Vanaf 1943 wordt ‘De leuwentemmer’ steeds uitgegeven tesamen met ‘Tsjip’ (1934)
2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -304p. Samen met Tsjip in één band . Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

1942 Het tankschip. (roman)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 92 p.
Afmetingen: 19.25 x 11.50 (gebonden in kartonnen kaft)
Opgedragen aan Herman Molitor.
Omslagtekening van Eppo Doeve.

Verscheen eerst in het tijdschrift Criterium.
1948: 2de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [januari 1948], 92p. 19.50 x  12 Met een tekening op het omslag door Doeve.
1962: heruitgegeven als Vlaamse Pocket nr 47 door uitgeverij Heideland te Hasselt (6de druk in 1978)
Elsschot 1

2017: heruitgave bij Uitgeverij Polis, Antwerpen. -112p. Afmetingen 20 x 13.50 (paperback met flappen)

Elsschot 5
1943 Verzen. (poëzie)

Brussel: Uitgeversmij A. Manteau. – 28 p.
Reeks:  De Brug nr 3.
Afmetingen: 22 x 15.
In een oplage van 510 zowel gebonden als ingenaaide exemplaren met een stofomslag getekend door Marcel Libbrecht naar een ‘idee’ van Elsschot.
(= Tweede druk van Verzen van vroeger 1934).

1943: 2de druk (= 3de druk) eveneens op 500 exemplaren. Herdrukt in de maand Augustus 1943, 32 blz., 14 × 22 cm, bij Uitgeversmij A. Manteau N.V., Brussel. Reeks De Brug, nummer drie.
1946: 3de druk (= 4de druk)  bij P.N. Van Kampen & Zoon N.V  te Amsterdam. [oktober 1946], 28. 20.50 x 12.5. Bevat eveneens de gedichten ‘Van der Lubben’ en ‘De Banneling’.

1943 Tsjip en De leeuwentemmer. Roman in 2 episoden.

New-York: Querido Inc. – 224p.
Afmetingen: 21 x 14
Ingeleid door Marnix Gijsen. (gedateerd September 1943)
Met een tekening op band en stofomslag door Hordijk
Vijfde druk van Tsjip, derde druk van De leeuwentemmer

1946 Het dwaallicht. (novelle)

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 99 p.
Afmetingen: 19 x 12 (gebonden met stofomslag)
Opgedragen aan Paul en Jan Veen.
Met een tekening op het stofomslag door Mohr.
Verscheen eerst in het tijdschrift ‘Nieuw Vlaams Tijdschrift’.
Bekroond met de Driejaarlijkse Staatsprijs voor Vlaams verhalend proza  (1948)

1947: 2de druk bij P.N. van Kampen en Zoon N.V., Amsterdam, [februari 1947], 100p. 19.50 x  12.5  Met een tekening op het stofomslag door Mohr.

1971:  opgenomen in de bundel ’54 Vlaamse verhalen‘, deel 1,  samengesteld door Karel Jonckheere en Marnix Gijsen, Uitgeverij Paris-Manteau, Antwerpen pp 181-207.
1987: 17de druk bij Em. Querido’s uitgeverij te Amsterdam.
2010: heruitgave bij Athenaeum – Polak & Van Gennep te Amsterdam. Bezorgd en toegelicht door Peter de Bruijn. Met een stadswandeling van Eric Rinckhout

1954 Gedichten. (poëzie – bibliofiele uitgave)

Uitgave In de vier Winden, uitgeverij annex bibliophielenvereniging zonder winstoogmerk. -64p.
Afmetingen: 37 x 28
 5de vermeerderde bibliofiele uitgave  van ‘Verzen van vroeger’ (1934) verzorgd door Elsschots schoonzoon Georges W. Kelner.
De bundel werd gepresenteerd als ‘het volledige dichtwerk van Willem Elsschot’ en werd uitgebreid met 5 gedichten: vier jeugdverzen ‘De Zee’, de twee ‘Aan mijn moeder’-gedichten en ‘Aan Fine’  & het in 1946-1947 geschreven gedicht ‘Borms’.

1957 Verzameld werk.

Amsterdam: P.N. Van Kampen & Zoon N.V. – 750 p.
Afmetingen: 21 x 14

In zijn “Verzameld werk” (1957) komen volgende 22 gedichten voor:
De zee
(Antwerpen 1902), opgedragen aan Willem Kloos – Aan mijn moeder (Antwerpen 1902) – Aan mijn moeder (Antwerpen 1904) – Aan Fine (Antwerpen 1903) – Moeder (Parijs 1907) – De baggerman (Rotterdam 1908) – Bij het doodsbed van een kind (Rotterdam 1908) – Moeder (Rotterdam 1908) – Tot den arme (Rotterdam 1909) – De bedelaar (Rotterdam 1909) (The Overweight Beggar) – Tot den arme (Rotterdam 1910) – De klacht van den oude (Rotterdam 1910) – De bult spreekt (Rotterdam 1910) – Het huwelijk (Rotterdam 1910) – O jeugd! (Antwerpen 1933 (O Youth!) – Aan Jan Greshoff (Antwerpen 1933), dit is de opdracht in Kaas – Brief (Antwerpen 1934) – Van der Lubbe (Antwerpen 1934), opgedragen aan Simon Vestdijk – Spijt (Antwerpen 1934) – Aan Willem Gijssels (Antwerpen 1940) –  De banneling (Antwerpen 1943), opgedragen aan Mr. en Mevr. Jan Wilms – Borms (Antwerpen 1947)
Alsook de romans en novelles:
Villa des roses (6de  [7de ]druk;  Een ontgoocheling (3de  [4de ] druk); De verlossing (4de  druk); Lijmen (5de  [8ste] druk); Het been (5de  [6de ] druk); Kaas (7de  druk);  Tsjip (7de  [8ste ] druk) De leeuwentemmer (5de  [6de ] druk);  Pensioen (3de  druk);  Het tankschip (3de  druk); Het dwaallicht (3de  druk);  Verzen (4de  [6de ] vermeerderde druk)

1957: 2de druk ibidem

Elsschot 2

 POSTUUM UITGEGEVEN

1962 Vierspan geschikt voor de laatste drie studiejaren van het Secundair.

Viertal fragmenten uit het prozawerk van Elsschot, in de serie Nederlandse Keurboeken voor het Secundair Onderwijs, geschikt voor de laatste drie studiejaren (en alles daarna!).

Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel- 132 p.

Reeks: Nederlandse keurboeken voor het secundair onderwijs
1973 Verzen van vroeger. (poëzie)

Inleiding C. Bittremieux.
Portret op achterflap door Walter Vaes, 1901
Bevat de gedichten: Moeder; de baggerman; Bij het doodsbed; Moeder; Tot den arme; De bedelaar; Tot den arme; De klacht van den oude; De bult spreekt; Het huwelijk.
 Elsschot 27 Amsterdam: Em. Querido’s Uitgeverij bv. -21 + VII p.

Afmetingen: 20.60 x 12.80 (geniet)
Reeks: Kort en goed.
1975 De wijze gaat liefst onopgemerkt voorbij : citaten en ongebundelde teksten.

(bezorgd door Gerd de Ley)
Melsele : Orbis en Orion. -64p.

Reeks: dwarsliggers.
1979 Zwijgen kan niet verbeterd worden: ongebundelde teksten door Drs. A. Kets-Vree met medewerking van Gerd de Ley. (poëzie – verzamelbundel)

Bevat: Jeugdgedichten; Gedichten uit ‘het cahier’ ; Gedichten uit ‘Alvoorder’ en ‘De arbeid’; Gelegenheidsgedichten; Vertalingen; Beschouwend proza; Journalistiek werk; Opstellen; Inleidingen tot het werk van anderen; Gelegenheidsstukjes.
Elsschot 11  Amsterdam: Loeb & Van der Velden, Uitgevers./ Borsbeek: Uitgeverij Baart. -175p.

Afmetingen: 21.50 x 13 (gebonden – harde linnen kaft met stofomslag)
Colofon: Zwijgen kan niet verbeterd worden, werd samengesteld door Drs. A Kets-Vree en in het najaar van 1979 in opdracht van de uitgeverijen Loeb & Van der Velden te Amsterdam en Baart te Borsbeek gezet in de Baskerville Linotype, gedrukt door Alberts’ Drukkerijen te Sittard en gebonden door Albrecht te Utrecht.
Grafische vormgeving: Guus Ros, Amsterdam.
1981 Aarts’ Letterkundige Almanak voor het Willem Elsschotjaar 1982.

Onder redactie van Dick Welsink (voor Nederland) en Willy Tibergien (voor België).
Boekverzorging: Jan Willem Stas.
Zetwerk: Zetterij Chang, Zetterij Middleton en Coby Vleggaar.
Bevat de ‘originele versie’ van Schele Vanderlinde.
 Elsschot 12 Amsterdam: Uitgeverij C.J. Aarts / Antwerpen: Uitgeverij Contact nv. -175p.

Afmetingen: 20 x 12.70 (paperback)
Drukwerk: Drukkerij Leeuwenberg.
Bindwerk: Boekbinderij Schlüter  & Reuter
1985 Ontmoetingen met W. Elsschot.

Brieven en een nagelaten manuscript, door Simon Carmiggelt.
Heruitgave van een boekje uit 1975 door Simon Carmiggelt met als titel ‘Notities over Willem Elsschot’ uitgegeven bij Peter Loeb, Amsterdam
 Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers. -168p.

Reeks: Open domein.
1986 Twee Heren, over E. du Perron en Willem Elsschot.(essays + 2 ongebundelde verhalen van Willem Elsschot)

Samensteller: Boris Rosseeuw.
Inleiding: Hans Warren.
De bijdragen over Elsschot verschenen in de reeds lang uitverkochte brochure ‘Van hier tot Peking’ en werden voor deze uitgave herzien en uitgebreid.
De Bekeering van Viaene. pp 107-114.
Drama in Vier Bedrijven. pp 115-120.
Beide verhalen verschenen in 1943 in  Snoecks Groote Almanak onder pseudoniem Nicodemus.
Antwerpen: Dedalus. -123p.

Afmetingen 20.50 x 13 (Gebrocheerd onder kartonomslag)
Reeks:  Het Handvest nr 4.
z/w illustratie.
1989 Als een onweder bij zomerdag: de briefwisseling tussen Louis Paul Boon en Willem Elsschot.

Samengesteld door: Jos Muyres en Vic van de Reijt.
Voorwoord Jos Muyres en Bert Vanheste, Nijmegen

 Amsterdam: Em. Querido’ s uitgeverij BV. – 112 p.

Afmetingen: 18.75 x 11.25 (gebonden – harde linnen kaft met stofomslag)

1990 Dankwoord bij de uitreiking van de Constantijn Huygensprijs in ’s Gravenhage op 18 december 1951 / Willem Elsschot. Wildert: De Carbolineum Pers. -6p.

Oplage van 50 exemplaren.
Afmetingen: 17.25 x 11 (ingenaaid)
Colofon: De eerste druk van het “Dankwoord bij de uitreiking van de Constantijn Huygensprijs in ’s Gravenhage op 18 december 1951” werd in de zomer van 1990 met de hand gezet uit de Horley Old Style (ik begin de letter beu te worden) en met een antieke handpers gedrukt op Hollands Van Gelder, in een oplage van 50 genummerde exemplaren, waarvan de nummers 36 tot 50 voor de Erven Alfons De Ridder en de Uitgeverij Querido zijn, zonder wiens vriendelijke toestemming deze uitgave niet mogelijk was.
1993 Brieven.

Verzameld en toegelicht door Vic van de Reijt met medewerking van Lidewijde Paris.
 Amsterdam: Em. Querido’s Uitgeverij. -1.237 p.
1996 Brief aan Hugo Claus / Willem Elsschot ; aantekening Gert Jan Hemmink.

Zeldzame Elsschot-uitgave.
Deze brief is niet opgenomen in de brieveneditie van Willem Elsschot, in 1993 uitgegeven door Querido.

Amstelveen: AMO, 1996. –[Z.p.].

Met de hand gezet in een oplage van 12 op de pers genummerde exemplaren. Ingenaaid met stofomslag. Nr. …

1999 Elsschot leest voor. De briefwisseling tussen Willem Elsschot en Jan C. Villerius.

Bezorgd door Wieneke ’t Hoen en Vic van de Reijt.
Met los bijgevoegde cd, waarop Elsschot voorleest uit Kaas en Tsjip, en een interview met Elsschot door Stuiveling.

Amsterdam: Em. Querido’s Uitgeverij BV. -200p.

Garenloos

2001 Brief aan Walter.

Vormgeving: Anneke Germers.
Amsterdam: Athenaeum – Polak & Van Gennep. -6p.

Afmetingen: 20.50 x 12.50 (ingenaaid met koord in briefomslag met postzegel van Willem Elschot)
Colofon: Deze uitgave werd door Athenaeum – Polak & Van Gennep en de Post uitgebracht ter gelegenheid van de Willem Elsschot Postzegel in april 2001.
De oplage is beperkt tot 3000 ex., waarvan 500 bestemd voor de leden van het Willem Elsschot Genootschap.
2004 Verzen. (teksteditie – verzamelbundel)

Bezorgd door Peter de Bruijn.
Met uitgebreide toelichting bij de tekst van de verzen.

 Elsschot 3 Amsterdam: Athenaeum – Polak & Van Gennep. -116p.

Afmetingen: 18.50 x 11.40 (gebonden – harde kaft)
Colofon: Deze editie is totstandgekomen onder auspiciën van het Constantijn Huygens Instituut voor tekstedities en intellectuele geschiedenis van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Dit deel werd bezorgd door Peter de Bruijn. Aan de voorbereiding van de uitgave is meegewerkt door Wieneke ’t Hoen en Lily Hunter.

2005 Verzameld Werk.

Bezorgd door Peter de Bruijn.
Met illustraties van Peter van Hugten.
1970: Herdrukt en als paperback op de markt gebracht.
Amsterdam: Athenaeum – Polak & Van Gennep.

Reeks: De Gouden Reeks.
Linnen met stofomslag en geïllustreerd foedraal.
 
2005 Gedichten. ( poëzie – bibliofiele uitgave)

Houtsneden Toon Janssen.
Hilversum: Grafisch Atelier ’t Gooi, 2005. – [Z.p.]

Oplage: 25 genummerde exemplaren.
Colofon: Deze bundel bevat 7 verzen uit het Verzameld werk (1960) van Willem Elsschot.
Grafische vormgeving: Toon Janssen.
2006 Volledig werk (2001-2006)

Bezorgd door Peter de Bruijn met medewerking van Wieneke ’t Hoen en Lily Hunter, in 11 delen:  Villa des Roses – Een Ontgoocheling – De Verlossing – Lijmen / Het Been – Kaas – Tsjip / De Leeuwentemmer – Pensioen – Het Tankschip – Het Dwaallicht – Verzen – Nagelaten werk.
 Amsterdam: Athenaeum – Polak & Van Gennep.
2010 Het Dwaallicht. (novelle)

Bezorgd door Peter de Bruijn.
Met een stadswandeling van Eric Rinckhout.
Omslag: Catapult.
Omslagillustratie: ©FelixArchief Stad Antwerpen.
Bevat: Het Dwaallicht (pp 7-60); Aantekeningen (pp 61-72); De Dwaallichtwandeling (pp 73-102) Kaart (p 103)
1946: oorspronkelijke uitgave
Elsschot 4 Amsterdam: Athenaeum – Polak & Van Gennep. -104p.

Afmetingen: 20 x 12.60 (ingenaaid)
2017 Willem Elsschot. Dichter. Alle verzen Verzameld en toegelicht.  (verzamelde poëzie)

Koen Rymenants en Carl de Strycker (red.)
Bevat alle door Elsschot in Verzen opgenomen gedichten met verhelderende close readings van elk gedicht.
Boekverzorging: Herman Huybrechts.
Portret Willem Elsschot: Hubert Pieyns, Letterenhuis, Antwerpen
Elsschot 26 Antwerpen: Uitgeverij Polis. -304p.

Afmetingen: 21.50 x 14 (ingenaaid)
Zetwerk: Intertext
2017 Uitgeverij Polis, de nieuwe uitgever van het werk van Willem Elsschot, brengt  een nieuwe editie van het werk van Elsschot uit in elf delen.

Verschenen in 2017:  Een ontgoocheling. (1920); De verlossing. (1921); Lijmen / Het been (resp. 1924/1938); Kaas (1933); Tsjip / De leeuwentemmer (resp. 1934/1940); Pensioen (1937); Het tankschip (1942);
Elsschot 20    Elsschot 19     Elsschot 23    Elsschot 22    Elsschot 25    Elsschot 24    Elsschot 21
2018 Uitgeverij Polis: Villa des Roses (1913); Het Dwaallicht (1946)

 

 

PUBLICATIES IN BLOEMLEZINGEN EN TIJDSCHRIFTEN

Selectie

1941 Charles van Ganzen. (uit “Lijmen”) In: “Moderne Vlaamsche prozaschrijvers”
1941 Brieven naar Polen. (uit “De leeuwentemmer”) In: “Moderne Vlaamsche prozaschrijvers”
1943 De Bekeering van Viaene.

1986: Opnieuw uitgegeven in: Boris Rousseeuw , Twee Heren, over E. du Perron en Willem Elsschot, Dedalus, Antwerpen, in de reeks Het Handvest nr4,  pp 107-114
In: Groote Snoecks  Almanak
1943 Drama in Vier Bedrijven.

1986: Opnieuw uitgegeven in Boris Rousseeuw , Twee Heren, over E. du Perron en Willem Elsschot,  Dedalus, Antwerpen,  in de reeks Het Handvest nr 4, pp 115-120
In: Kleine Snoecks Almanak
1967 De kaasridder. (uit “Kaas”) In: “Het zonnig uurtje”
1971 Het dwaallicht. (novelle)

1946: 1ste druk bij P.N. Van Kampen & Zoon N.V., Amsterdam
 Gijsen Jonckheere 33 In: “54 Vlaamse verhalen” deel 1  Van Piet van Aken tot Willem Elsschot. pp181-207.

Uitgeverij Paris-Manteau, Antwerpen.
1989 ‘Elf brieven van Willem Elsschot’. In: “Nieuw Wereldtijdschrift”

 FILMOGRAFIE

1962 LIJMEN, een televisieverfilming.

  • Regie: Fred Engelen
1968 VILLA DES ROSES, een miniserie voor de televisie uit 1968

  • Regie: Walter van der Kamp 
1968 KAAS, een televisieverfilming

  • Regie: Gerard Rekers 
1971 IEDER VAN ONS  Belgisch-Nederlandse co-produktie.

  • Regie: Frans Buyens
  • Scenario: Frans Buyens, naar de novelle van Willem Elsschot.
    Cast: Eva Kant (Eva), Romain Deconinck, Dora van der Groen, Hussein Sjeikh, Cox Habbema (Cox), Dom de Gruyter (politicus), Borhan Mohamed Alaouie.

Experimentele film. In ‘cinema verité’-stijl wordt de kijker een aantal acteurs voorgesteld en komt de auteur vertellen welke rollen ze zullen gaan spelen. Het is de bedoeling de toeschouwers te confronteren met de inconsequenties van hun gedragingen en redeneringen. Nederlands en Frans gesproken. Productiemaatschappijen: Appletree Filmproductions, Iris-films-Dacapo, Patrick Dhooghe. Camera: Fernand Tack. Montage: Eliane Du Bois. Muziek: Arsène Souffriau. In het ‘Naslagwerk over de Vlaamse film’ wordt alleen Iris-films-Dacapo als produktiemaatschappij genoemd en derhalve zou het dan een puur Belgische produktie zijn. ZW-83 minuten 

1973 HET DWAALLICHT  ook: WILL-O’-THE WISP

  • Regie: Frans Buyens
  • Scenario: Frans Buyens, naar de gelijknamige novelle van Willem Elsschot uit 1946.
  • Cast: Romain Deconinck (Laarmans), Eva Kant (Fathma/Maria van Dam), Dora van der Groen (mevrouw Laarmans), M.S. Sheikh (Ali), Fred van Kuyk (politie), Sies Foletta, Tim BeekmanBelgisch-Nederlandse co-produktie; 
1975 De Verlossing, een miniserie voor de televisie
Regie: Walter van der Kamp 
1989 Villa des Roses, een televisieverfilming
Regie: Marc Lybaert 
1999 Kaas, een televisieverfilming
Regie: Orlow Seunke 
2000 Lijmen/Het Been
Regie: Robbe De Hert 
2002 Villa des Roses, een Engelstalige verfilming met een internationale cast
Regie: Frank Van Passel