home | Inloggen
Aantal schrijvers: 536 | Aantal boeken:

15559

Claeys, Herman J.

Maakt deel uit van: ,

HERMAN J. CLAEYS

Brugge,  23 mei 1935  –  Antwerpen, 29 december 2009


Ni dieu, ni maître

Schrijver en sixtiesactivist.

Hij is auteur van romans, verhalen, poëzie, essays, songteksten en toneel, en hield zich bezig met woord-beeldinstallaties, poëtisch-muzikale acts, projecten met doorlopende muurpoëzie en tentoonstellingen van visuele poëzie.

Ook bedrijvig als taalkundige op het gebied van de Nederlandse variatielinguïstiek aan de Universiteit Antwerpen en als zelfstandig taalconsulent.

 

BIOGRAFIE

23 mei 1935: Geboorte van Herman Claeys te Brugge.

  • Al vroeg werd hij naar een kostschool gestuurd, “waar ik genoeg nonnen zag voor de rest van mijn leven”.
  • Claeys was licentiaat Germaanse Taal en Letterkunde (RUG) en behaalde het Certificaat Zweeds van het Centrum voor Taal & Spraak aan de Universiteit. Hij was tevens doctoraal onderzoeker in de neerlandistiek met specialisatie lexicografische taalvariatie (Universiteit Antwerpen).
  • Als lexicograaf werkte hij mee aan het Nederlands Woordenboek Koenen en de Ster-woordenboeken van de uitgeverij Wolters-Noordhoff te Groningen. In het landelijke maandblad Onze Taal van het Gelijknamige Genootschap te ’s-Gravenhage hield hij een rubriek over neologismen.

Werkte aanvankelijk te Brussel als leraar in de Cadettenschool.

  • “Ik mocht er Nederlands geven aan kandidaat-soldaten. Wat ik trouwens graag deed. Tot ik op een dag een grap maakte over de Brabançonne. Ik gaf mijn leerlingen de opdracht om een nieuwe tekst voor dat gedrocht te verzinnen. Dat viel niet in goede aarde bij een paar ouders.”

…..

  • “Ik kreeg een beroepsverbod, de ergste sanctie. Moest de school onmiddellijk verlaten. Ik ging naar huis en begon te schrijven. Tien dagen aan een stuk, het was een roes.” Het leverde hem zijn eerste roman op. En een echtscheiding. “Mijn vrouw kwam uit een heel burgerlijk milieu. En met dat beroepsverbod kon zij niet leven. Dat was de ergste schande die een mens kon overkomen.” (Uit Knack 20/01/2010 Stijn Tormans interviewt)

Trok vervolgens naar Amsterdam, waar toendertijd duchtig aan de sixties gesnoven werd. Maakte er kennis met Roel van Duyn en de hele provobeweging. Een openbaring, vertelt hij, in België kon niets, in Amsterdam alles.

1960-1970: Was bijzonder actief in de jaren zestig in diverse tijdschriften van de beruchte zgn ‘gestencilde sector’ en zette zich fel af tegen de te conservatieve literatuur.

1966: Bracht de interviewbundel ‘Wat is links ?’ uit.

  • Herman J. Claeys vond het belangrijk erbij te zijn. “Ik ben toen alle zogenaamd linkse auteurs gaan interviewen over hun maatschappelijk engagement. Bij de meesten reikte dat niet verder dan hun inktlint. Ik herinner me een poëziehappening in Oostende met allemaal protestdichters.’ Hij blaast. ‘Protestdichters…ze waren protestdichters omdat het toevallig in de mode was om links te zijn. Ik heb die happening verstoord. Op dat moment werd ik door de politie opgepakt en onder luid boegeroep de zaal uitgezet.’ Hij glimlacht. De protestdichter die protesteerde tegen protestdichters. Ni dieu, ni maître. (Uit Knack 20/01/2010 Stijn Tormans interviewt)

In 1966 richtte hij ook een Vlaams provotijdschrift op: Revo.

  • “Het blat van et belgise provotariaat. Op de cover schrijft hij: REVO is voor provoos, anarchisten, ban-de-bommers, verdachten, outkatsts, individualisten en pop-fens. En tegen de kapitalisten, pastoors, TV-kijkers, politsikomisarisen, flaminganten, belastingontvangers, sollisitanten, pausen, gezachdragers, voor-huwelelsspaarsters stadsoutomobilisten, directeurs, arrivisten, natovrijwilligers, moeders-aan-de-haard en zebrapadloopers.

1967: Zijn verhaal “De penisgroet” in het tijdschrift ‘Daele’ veroorzaakte een enorme rel.

  • De hele oplage van ‘Daele’ werd in beslag genomen door de BOB. Maar er kwam protest, vooral van zijn collega’s schrijvers. Ze organiseerden twee heroïsche read-ins in het Paleis voor Schone Kunsten. Richtten een ‘Bestendig Comité voor Waakzaamheid tegen de Censuur’ op.
  • Hugo Claus schreef voor hem het gedicht: ‘Aan de gecensureerden’.
Waarom, kermt gij, nemen norse lieden
Onze papieren over liefde mee
Waarom het lied van onze klieden verbieden ?
Ons gevrij is toch vrij als de zee !
Omdat wij aan Vlaanderen willen vertellen
over onze gekwelde roede tegen haar gezwollen lellen
neemt men onze correspondentie mee
tot in de ingewanden van de BOB.
 

1968: Publiceerde de roman ‘Het geluid’, een jaar later gevolgd door ‘Steen’, boeken waarin hij de burgerlijke maatschappij kritisch ontleedt en scherp aanklaagt.

1969: Herman J. Claeys startte zijn Free Press Bookshop in de Spoormakerstraat.

  • Een avantgardistisch informatiecentrum, aldus Claeys. Het boekhandeltje, waar veel van wat toen in België verboden was, verkocht werd, werd al snel een vaste ontmoetingsplaats voor het literaire, artistieke en revolutionaire zootje ongeregeld dat het Brussel van de jaren zestig in zijn schoot koesterde.
  • “Niet dat die tijdschriften zoveel voorstelden. Maar het was mij om de vrije meningsuiting te doen. Het kon niet dat een overheid zomaar besliste wat het publiek wel of niet mocht lezen. Ik herinner me dat Manu Ruys ooit zijn editoriaal in ‘De Standaard’ gewijd heeft aan de Free Press Shop. ‘Vieze vuile contestatie’ zo begon hij. Volgens hem was ik een ordinaire oproerkraaier. En de Free Press Shop een pornoshop die verboden moest worden. In werkelijkheid lag er zo goed als geen porno. Maar de volgende dag was het wel een overrompeling. Nooit zoveel klanten gehad. Allemaal lezers van De Standaard, die dachten dat ze de seksshop van hun dromen gevonden hadden.” (Uit Knack 20/01/2010 Stijn Tormans interviewt)
  • Het handeltje barst uit zijn voegen en algauw wordt er om het hoekje, de Kaasmarkt, een keldercafé geopend. Een café, wel gekend in alternatieve middens en bij de rijkswacht, die regelmatig een groepsbezoek bracht aan het etablissement, en er daarbij niet voor terugschrok de medebezoekers een geleide reis naar de kazernes op te dringen.

1972: In de Spoormakersstraat 52 werd een pand gehuurd.  Claeys zal in het Brusselse altijd bekend staan als de stichter en bezieler van de beroemde anarchistische kroeg ‘De Dolle Mol’, die er werd geopend.

  • De Dolle Mol is een overblijfsel van de woelige jaren ‘60, in de sfeer van de Brusselse provo-beweging.
    Mol in de naam verwijst naar de ‘underground’-sfeer uit die jaren, vertelt Claeys. En voor een café met banden met de provobeweging en Dolle Mina’s ligt het adjectief ‘Dolle’ natuurlijk voor de hand. Het café was intussen een trekpleister geworden van ‘al wie een pen vasthield’ en vooral voor al wie links en rebels was. Het was een kroeg waar ze –tot op het einde- uit principe weigerden om Cola te schenken.
  • Kleinkunstenaars zoals Willem Vermandere en Johan Verminnen kwamen er na hun optreden hun dorst lessen, en ook Walter De Buck trad er op. Enfant terrible Jan Bucquoy voerde het café ten tonele in een van zijn films. Staatsprijswinnaar poëzie Roger de Neef was er een geregelde klant. Zijn collega-schrijver Jeroen Brouwers werd er nog aan de deur gezet.
  • Maar iedereen is er wel eens buiten gevlogen, na een zoveelste hoogoplopende ruzie over politiek of vrouwen, weet dichter en vaste klant Frank De Crits. Tussendoor werd in een van de zaaltjes de wereld verbeterd. De PEN-club, een vereniging die ijvert voor de vrijheid van meningsuiting van schrijvers en dichters, hield er zijn eerste vergaderingen.
  • De mollen hadden een geheim wapen: de stencilmachine toen nog een curiosum. Met grote dank aan Danièle, the Queen of the stencilmachine. “Ze moet er tienduizenden gedrukt hebben. Tegen Alfons Vranckx, de toenmalige BSP-minister van Justitie. Tegen de oorlog in Vietnam, Tegen alles eigenlijk. Aan de toog van de Dolle Mol zijn tientallen actiegroepen ontstaan.”
  • En Herman J. Claeys was er elke keer bij.

Vanuit Dolle Mol vertrok een Free Press Bus waarmee Herman J. Claeys allerlei festivals onveilig maakte, en zowel undergroundstrips als alternatieve publicaties en stencils te koop aan bood.

Zeker tot 1985 was Dolle Mol een ontmoetingsplaats, een literair centrum, een kweekvijver van muzikaal talent, een aparte plek in een overigens eerder conformistisch Brussel.

Thema’s in de poëzie

  • Oorlog & bewapening, racisme & onverdraagzaamheid, machtsmisbruik & uitbuiting, armoede & uitsluiting, verstedelijking & milieu.
  • Daarnaast ook gedichten over kunstwerken, over stads-, zee- en landschappen, over (de onmacht van) de dichter en over het dichten als dusdanig, en over universele onderwerpen zoals hunker, gemis en vergankelijkheid.

Herman J. Claeys was in eerste instantie een podium- en actiedichter, die zijn gedichten creëert voor een luisterpubliek, en ze pas na veelvuldige voordracht in boekvorm wil bundelen.

Vrij recent publiceerde hij een woordenboek van dialecten, maar een ooit aangekondigde bundel kortverhalen kwam er niet.

Hij was steeds overactief bezig met het organiseren van maandelijkse poëzieavonden in het Antwerpse i.s.m. het Masereelfonds.

Vrijdag 18 december 2009: Tedere anarchist Herman J. Claeys neemt afscheid.

  • Afscheid  in café de Dolle Mol te Brussel afscheid van Herman J. Claeys die terminaal ziek maar toch aanwezig was. De directe aanleiding voor de hulde en het afscheid was het verschijnen van een monografie over hem, uitgegeven door de Vereniging van Westvlaamse Schrijvers.
  • Het werd een lange morsige avond. Met veel drank. En veel oude anarchisten. Die op tafels klommen om te roepen wat ze allemaal van Herman geleerd hadden. Dat ze op het raam van zijn winkeltje voor het eerst in hun leven een affiche hadden zien hangen tégen iets (en hoe intrigerend dat wel was). Dat hij hen Vietnam had leren kennen. En Jan Cremer. En hoe belangrijk het was om een mol te zijn in het leven. Een dolle mol liefst, die zot en geestig is. Maar wel: een mol, die onder de grond strijdt tegen de autoriteit.

  • Helemaal links, op een bank zat Herman J. Claeys. Hij veegde een traan weg, rechtte zijn rug en zei: ‘Bedankt allemaal. De laatste weken zijn heel wat mensen mij een goede reis komen wensen, een goede overgang. Maar ze dwalen. De dood is geen overgang. De dood is het einde.” (Uit Knack 20/01/2010 Stijn Tormans interviewt)

29 december 2009: Overlijden van Herman J. Claeys op 74 jarige leeftijd aan een hartstilstand.

13 januari 2010: Aula Crysant, Schoonselhof, Antwerpen. Het sneeuwde nog altijd. Tweehonderd mensen wonen de begrafenis van Claeys bij. Oude provo’s uit Amsterdam. Krakers uit Antwerpen. Danièle, the Queen of the stencilmachine. En ook heel wat jonge dichters, voor wie Claeys de laatste jaren een soort mannelijke muze geworden was.

  • Een van hen zegt: ‘Herman, blije vriend, niemand kon jouw mond snoeren.’ (Uit Knack 20/01/2010 Stijn Tormans interviewt

Een paar dagen voor zijn dood, stuurde Herman J. Claeys onderstaand gedicht bij wijze van nieuwjaarswens door.

 

De jongen met de zwavelstokjes
feestgedicht voor oud-en-nieuw, geïnspireerd op het sprookje van Andersen: Het meisje met de zwavelstokjes.

De jongen met de lucifers schuimt de drankhuizen af,
struint langs volgeboekte restaurants,
in de vrieskou van midwinter,
door het koude hart van de heet gestookte metropool.

Lucifers voor een dubbeltje !
Aanstekers voor vijftig cent !
Voetzoekers voor een euro !
Honger lijden in de geur van kalkoengebraad,
verkleumen onder de rook van fornuizen,
thuisloos dolen tussen de woekerende leegstand
in de verkankerde stad.

De welgedane eigenaren
van de dure verwarmde terrassen
pramen de gezeten bestuurders
om de gratis zitbanken te verwijderen van het plein
vanwege die clochards die de kerstboom ontsieren,
vanwege die rare libertaire hangjongeren,
vanwege dat blonde Meisje met de Zwavelstokjes,
vanwege die bruine jongen met de aanstekers
die de nieuwjaarsillusie van weelde en welstand
vergallen.

Onder de klaterende kerstkitsch
van de stervende evergreen reuzenspar
vol twinkelende valse sterren
en behangen met verpakte nepcadeaus
zit de jongen met de lucifers
te kwijnen.

Hallucinerend steekt hij
– zoals in een Grimmig sprookje van Andersen –
de droomboom in brand tot een torenhoge toorts,
steekt hij de harteloze stad in brand,
steekt hij de wrede wereld in brand,
tot een kolkende zee van vlammen
waarboven hij in een wolk van sprankels
triomferend uitstijgt
naar zijn hemel van merriment and happiness,
van zaligheid en geluk. Duivelse jongen met de solferstekjes,
loop naar de hel !

Herman J. Claeys, 26 december 2009

 

Epiloog

2011: Om Herman J. Claeys te eren, werd een prijs naar hem vernoemd. “Ni Dieu, ni Maître – Noch God, noch Gebod”.  De eerste HJC-prijs 2011 (de jury staat onder het voorzitterschap van de dichter Henri-Floris Jespers) werd op basis van consensus toegekend aan Rik Dereeper met ‘Crapuultjes Club’. Een in kwatrijnen weergegeven, vormvast gedicht. Een statement.

Crapuultjes Club

We schoppen tegen ordediensten keet
en voelen ons in bendes beresterk.
Elk clublid brult van shit en lik mijn reet.
Luid scheldend op scheids is weekendwerk.
In groep ontbloten wij de goorste mop,
zo lachend schudt aan elke lel een ring.
Tattoos versieren ons van teen tot top:
een hartje, draken, + ,een meid in string.
We lopen meer gespierd dan gemanierd
wanneer je ons in steegjes feestend ziet;
van car- tot bikejacking moet ferm gevierd.
Getoeter, bellend ! Cooler kan het niet.
 

 

25 augustus 2011: Op vraag van Stadsdichter Peter Holvoet-Hanssen organiseert Antwerpen Boekenstad samen met Pipelines vzw een literaire wake voor Herman J. Claeys. Claeys’ ‘Wandelgedicht’ werd na 20 jaar gedeeltelijk terug aangebracht op de Antwerpse kaaienmuur, geïntegreerd in ‘Welkom Pierewaaiers’ van Peter Holvoet-Hanssen. ( Website: Welkom op www.antwerpen.be – Literaire wake Herman J. Claeys)

 

MEER OVER HERMAN J CLAEYS

Zie het artikel van Jeroen Kuypers op het blog van Henri-Floris Jespers:  Herman J. Claeys‘ literaire erfenis – Le blog de CDR-Mededelingen

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Websites

 

BIBLIOGRAFIE

De gegevens van deze bibliografie werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience – Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles.
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007
  • POËZIECENTRUM vzw – Gent

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klikt u op de foto.

Chronologische bibliografie – in boekvorm gepubliceerde werken.

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1960 Als zovele schelpdieren: gedichten. (poëzie)
Deeltitels: Embryo’s van gedachten; -Met de vingers van je inktvlek; -Het koperen huis; -Als zovele schelpdieren, -De ontgrendeling.
Antwerpen: Die Poorte. -47p.
Afmetingen: 20.50 x 13.50 (ingenaaid)
Colofon: de bundel ‘als zovele schelpdieren’ door herman j. claeys werd gedrukt van de baskerville op de persen van Die Poorte in november 1963 de eerste oplage bedraagt 300 exemplaren genummerd van 1 tot en met 300

 

1965 Janisme. 
Omslag en typografie: Jan Verhaert.
Voorafgegaan door ‘Een dag als geen ander’ van Julien Weverbergh.
 Weverbergh 4 In: Een dag als een ander. (pp.199-215)
Brugge: Uitgeverij De Galge. -216p.
Reeks: Galgeboekje ; 2.
Afmetingen: 17.50 x 9 (smalle pocket)
Printed in Belgium by Drukkerij Galgeberg 16 Galgeberg Gent
1966 Wat is Links? Vraaggesprekken over literair engagement met Georges Ade, Piet van Aken, Ben Cami …  (interviewboek)
30 interviews met schrijvers.
 Claeys Herman 7 Brugge: J. Sonneville. -270p.
Reeks: Sigma boeken nr 2
1968 Het geluid: suite in vier bewegingen. (roman)
Omslag en typografie: Karel Martens
Brussel/Den Haag: A. Manteau. -105p.

Reeks: 5de meridiaan.
Onder redactionele leiding van J. Weverbergh
Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
Druk: Geuze Dordt
1968 Gewapendertaal. (poëzie) Eigen Beheer.
1968 De Hoornblazer. (novelle) Eigen Beheer
1969 Steen: een moordverhaal met ready-made binnentekstillustraties. (roman)

Omslag en typografie: Karel Martens.
Foto achterplat: Frans Pans
Brussel: A. Manteau. -99p.

Reeks: 5de meridiaan.
Onder redactionele leiding van J. Weverbergh
Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
Druk: Geuze Dordt
1970 Stadsgezicht. (poëzie) Brussel: Free press.
1976 Overleven. (novelle) Pen Centrum
1981 Verbaal process. (poëzie) Brussel: Free Press. -32p.
1988 Menswording.Fantastische Vertellingen (novelle) Amsterdam.
Ook Brussels Free Press (1994)
1992 Sire, sprak de nar. (poëzie) Brussel: Uitgave Pipeline Poetry. -40p.
1993 Karuna’s lied. Episch gedicht in vijf gezangen.  (poëzie) Eigen Beheer. -18p.
1993 Het tij keren (poëzie)
De foto’s op de voor- en achterkant werden respectievelijk in 1993 en 1991 gemaakt door Corinne Taunay.
Lay-out en zetwerk werden verzorgd door wim Strecker;

 

Claeys Herman 2 Brussel: Uitgave Pipeline Poetry.(Spoormakerstraat, 52). -22p. Illl.
Afmetingen: 20.50 x 14.50 (gelijmd)
1994 Belladonna: een midwinternachtmerrie. (novelle)
Lay-out en zetwerk: wim Strecker;
Claeys Herman 1 Brussel: Free press. (Spoormakerstraat, 52).  -30p.
Afmetingen: 20.30 x 13.50 (gelijmd)
1995 Straatgedichten. (poëzie) Eigen Beheer.
1995 Bevrijding. (roman) Brussel: A. Manteau
1996 Bewogen en bevlogen. (poëzie) Brussel: Uitgave Pipeline Poetry
1996 Verbannen dieren. (bibliofiele uitgave)
Samen met Leopold M. Van den Brande (van wie er alleen een handgeschreven excuus voorhanden is)
 
Claeys Herman 4c
Antwerpen: Uitgeverij De Groote Beer. -26p.
Reeks: De kleren van de keizer nr 8.
Afmetingen: 21.40 x 14.80 (katernen los tussen hardkarton – samengebonden met geel lint)
Colofon: Verbannen dieren verschijnt op vijftien december 1969 als achtste nummer van ‘de kleren van de keizer’, een reeks boekjes door De Groote Beer te Antwerpen uitgegeven naar aanleiding van een reeks literaire namiddagen op zondag. Van oieder boekje verschijnen 63 genummerde en gesigneerde exemplaren.
1997 Spiegelingen. (poëzie) Eigen Beheer.
1998 Huize Veronica. De assymetrische vervoering.  (novelle) Brussel: Free press. -55p.
1998 Hommages. (poëzie) Eigen Beheer.
2000 Biotropen. (poëzie) Eigen Beheer.
2001 Lekker Nieuwjaar. (novelle) Brussel: Free press. -12p.

 

B. Bibliografie per genre – ook electronische publicaties, assemblages enz.

VERHALEN EN NOVELLEN

  • “Het feest” (Eigen Beheer)
  • “De Kruisweg, een stichtelijke vertelling” (Eigen Beheer)
  • “De Hoornblazer” (Eigen Beheer  1968)
  • “Overleven” (Pen Centrum 1976),
  • “Belladonna, een midwinternachtmerrie”
  • “Menswording” (Fantastische Vertellingen, A’dam 1988), (Free Press, Brussel 1994),
  • “Karuna’s lied” (Eigen Beheer  1993),
  • “Huize Veronika” (Eigen Beheer 1998),
  • “Lekker Nieuwjaar” (Eigen Beheer 2001) e.a.

WOORD/BEELD ASSEMBLAGES, MONUMENTALE EN MURALE POËZIE

o.m.

  • “Bron” (Sint-Baafsabdij Gent),
  • “Metropolis” (Metro Antwerpen, 1989)),
  • “Black Box” (Zuiderpershuis Antwerpen, 1991),
  • “Het tij keren” (Waterkeringsmuur Antwerpen 1992),
  • “Zeefgedichten” (assemblage 1988),
  • “Asnetha” (plaquette gevel bibliotheek Assenede, 2001).

POËZIE

  • “Als zoveel schelpdieren” (Die Poorte 1960),
  • “Gewapendertaal” (eigen beheer 1968),
  • “Stadsgezicht” (Free Press 1970),
  • “Sire, sprak de nar” (Pipeline Poetry 1992),
  • “Het tij keren” (Pipeline Poetry1993),
  • “Straatgedichten” (eigen beheer 1995),
  • “Bewogen & bevlogen” (Pipeline Poetry 1996),
  • “Spiegelingen” (eigen beheer 1997),
  • “Hommages” (eigen beheer 1998),
  • “Biotropen” (eigen beheer 2000).

Voorts ook songteksten (voor zanger Johan Verminnen, cabaretgroep De Vieze Gasten, voor Bluesmuzikant Jos Steen e.a.) en ballades.

BIJDRAGEN IN VERZAMELBUNDELS

  • Modern Prose from Flanders, Flemish P.E.N.-Centre,  Brussels 1976. (in Engelse vertaling).
  • Hulde aan Paul van Ostaijen, bundel literaire teksten, speciale uitgave van de Mededelingen van Vereniging van Vlaamse Letterkundigen, december 1996.
  • Millenium,. literaire verzamelbundel, speciale uitgave van de Mededelingen van Vereniging van Vlaamse Letterkundigen, december 1999
  • Andere Tijden, literaire verzamelbundel, speciale uitgave van de Mededelingen van Vereniging van Vlaamse Letterkundigen, januari 2001.
  • Bomspotting, schrijvers en dichters voor vrede, verzamelwerk, Antwerpen 2000, Forum voor Vredesactie, Uitgeverij EPO vzw. – ISBN 90 6445 172 9.
  • Met niet minder dan zoveel woorden, literaire verzamelbundel, samenstelling Guy van Hoof, Antwerpen 1999, Uitgave Modus Vivendi. – D/1999/8729/1
  • Van alle stijlen thuis, literaire verzamelbundel, samenstelling Tony Rombouts, Antwerpen 1997, Uitgeverij Facet. – D/1997/4587/24.
  • Stroom!, literaire verzamelbundel, Brussel 1996, Uitgave Natuurreservaten vzw. – D/1996/3106/1
  • Antwerpen, Het Aards Paradijs, literaire verzamelbundel, Antwerpen 2000, Uitgave Vereniging van Vlaamse letterkundigen. – D/2000/7881/1.
  • Misdaad schrijven in Kleine Brogel, literaire verzamelbundel, Brussel 1999, Forum voor Vredesactie vzw.
  • Ya basta!, globalisering van onderop, andersglobalistische essays en gedichten. Academia Press Gent 2002
  • War on War, gedichten geen bommen, internationale bundel  protestpoëzie tegen de oorlog in Irak, Uitgave De Pieren Tijger, Breda 2003.

BIJDRAGEN IN LITERAIRE TIJDSCHRIFTEN

  • Wel, tijdschrift van de Universitaire Werkgroep Literatuur, Leuven.
  • Fantastische Vertellingen, driemaandelijks tijdschrift van de Stichting Fantastische Vertellingen, Amsterdam.
  • Brutaal, driemaandelijks tijdschrift voor literatuur en beeldende kunst, uitgave Brussel Literair.
  • Den Hopsack, driemaandelijks literair tijdschrift, Modus Vivendi vzw, Antwerpen.
  • Eigen-Zinnig, literair kwartaalblad, uitgave François Vermeulen, Antwerpen.

VERSPREIDE LITERAIRE BIJDRAGEN na 1996 in (onder meer) volgende bladen

  • Aktief, tweemaandelijks tijdschrift van het Masereelfonds, Brussel.
  • Magazine van het Forum voor Vredesactie, maandblad, Brussel.
  • Groendruk, tijdschrift van Agalev, Sint-Laureins.
  • Beweeg!, 2-maandelijks tijdschrift van de Beweging voor Sociale Vernieuwing, Antw..
  • Weirdo’s, literair kwartaalschrift, Artforum vzw, Leuven.
  • De Nar, libertair maandblad, Brussel.
  • Sporadisch gedichten ronds actuele thema’s in weekbladen.

ELEKTRONISCHE PUBLIKATIES

“E-gedichten” (e-poems):  gedicht van de maand op een actueel thema, per e-mail verspreid.

NASCHRIFT

Grafschrift Herman J. Claeys: de incorrectste vorm van humor

16 DECEMBER 2009

Gezwel

De minst correcte vorm van humor
is spotten met je hersentumor,
vooral als die kwaadaardig is
en bovendien slagvaardig is
en onverwoestbaar : « terminaal »
in radiotherapeutentaal.

Waarom men mij dan blijft bestralen ?
en ook nog chemisch wil verschralen ?
Omdat verplegers willen scoren
en hun patiënten ringeloren,
en als ik door zo’n tunnel glij
graag grapjes maken over mij,
waarmee ik dan niet lachen kan
want ik lig roerloos aan de scan.

Mijn uitvaart heb ik al geregeld
en zelfs mijn grafschrift is bezegeld :

HIER LIGT DE DICHTER
H.J.C.
IN GOED GEZWELSCHAP
R.I.P.

Herman J. CLAEYS