home | Inloggen
Aantal schrijvers: 528 | Aantal boeken:

15394

Verpale, Eriek

Eriek Verpale

Zelzate, 2 februari 1952 – Zelzate, 10 augustus 2015

Verpale erik 0a  Foto: © Wouter Van Vooren

Schrijver van (neo-romantische) gedichten, romans, essays en theater.  Begenadigd brief- en prozaschrijver.

Stichter-redacteur van het literaire tijdschrift Koebel en van Restant.

Heeft grote interesse voor de Joodse cultuur. Hij reist herhaaldelijk naar Israël, werkt mee aan joodse bladen, schrijft diverse essays over Jiddische auteurs en vertaalt Jiddische en Hebreeuwse poëzie.

Zijn theatermonoloog ‘Olivetti 82’ werd succesvol verfilmd met Dirk Roofthooft in de hoofdrol.

 

BIOGRAFIE

2 februari 1952:  Werd als Eric August Verpaele geboren te Zelzate. Hij werd opgevoed door zijn uit Litouwen afkomstige overgrootmoeder, “de Jiddische”, die vlak naast hem woonde.

“Mijn vader was zijn ganse leven vrachtwagenchauffeur voor een brouwerij, wat het één en het ander met zich meebracht (lacht en maakt drinkgebaren). De smoezen die deze man kon bedenken, waren onbetaalbaar. Iedereen wist dat hij aan het liegen was, maar je was nieuwsgierig wat hij deze keer weer uit zijn mouw zou schudden. Mijn moeder heeft steeds gewerkt als poetsvrouw” Ik kom dus uit een totaal a-literair milieu, ik zou zelfs stellen anti-literair. Thuis waren er geen boeken te vinden.”

” Wel, eigenlijk ben ik tot mijn twaalfde opgevoed door mijn overgrootmoeder, die vlak naast ons woonde. Zij was joodse en wekte mijn belangstelling voor de joodse cultuur. Toen ik op de lagere school het alfabet leerde, heeft mijn overgrootmoeder me ook het Hebreeuwse alfabet geleerd. Ik kan niet zeggen dat ze me echt Jiddisch heeft geleerd, maar ze zorgde voor de basis. Later ben ik dat allemaal zelf gaan uitpluizen. Van ’75 tot ’77 heb ik Hebreeuws gestudeerd en ik heb toen een tijdlang intens contact gehad met de joodse gemeenschap van Gent. Maar ja, ik woon in Zelzate en ik denk dat ik hier op mijn eentje de joodse gemeenschap vertegenwoordig. Nochtans heb ik een streng katholieke opvoeding gehad. Ik denk dat mijn interesse voor de joodse cultuur voortkomt uit het feit dat een mens op een gegeven moment op zoek gaat naar zijn eigen identiteit. Ik heb vaak het gevoel dat ik tussen twee culturen in zit. Bovendien is mijn vrouw arabiste en islamologe zodat er hier van alles wat is”

Uit “Schamper 358 – maandag 2 maart 1998- “De schrijversharen van Eriek Verpale”.

Hij volgt economie-talen als interne leerling bij de broeders in Oostakker-Lourdes.

1970-1972: Studeert aan de Universiteit Gent (toen: RUG),  1 jaar Germaanse filologie en 1 jaar slavistiek  (1970-1972).

Hij maakt er onder meer kennis met Miriam Van Hee en wordt stichter-redacteur van het literaire tijdschrift Koebel en van Restant.

Na zijn legerdienst in Duitsland, gaat hij aan de slag als bediende bij een chemisch bedrijf in de Gentse kanaalzone, waar hij vanaf 1982 deeltijds werkt.

1975: Debuteert als dichter met de neoromantische bundel ‘Polder- & andere gedichten’ en als prozaïst met De rabbi & andere verhalen.

  • Zijn eerste gedichten- en verhalenbundels verkopen echter zo slecht dat hij zijn schrijversambities opbergt: tussen 1980 en 1990 publiceert hij geen nieuw werk.

Van ’75 tot ’77 studeert hij Hebreeuws en heeft  een tijdlang intens contact met de joodse gemeenschap van Gent.

1977: Er ontstaat een omvangrijke briefwisseling met Luuk Gruwez, die aanvankelijk wordt uitgewerkt tot het Grootbrievenboek-project, maar ten slotte grotendeels uitmondt in Alles in het klein (1990).

1980: Wint met Op de trappen van Algiers (1980) de literaire prijs van de Stad Gent.

1990:  ‘Alles in het klein’ rolt van de persen.

  • Dat boek betekent voor Verpale de lang verhoopte literaire erkenning. Het wordt in 1991 bekroond met de Provinciale Prijs voor Letterkunde van de Provincie  Oost-Vlaanderen en in 1992 met de prestigieuze NCR Literair Prijs.

1994: De gedichtenverzameling Nachten van Beiroet ligt in de boekenrekken.

Daarna volgden succesvolle theatermonologen voor acteur Bob de Moor: Olivetti 82 (1993), Grasland (1996) en Voor u geknipt (2001).

1997: Krijgt de Prijs voor Letterkunde van de Vlaamse Provincies voor zijn toneelmonoloog Olivetti 82.

2001: Verfilming van Olivetti 82. Eveneens in 2001 wordt zijn roman Katse nachten (2000) genomineerd voor de ‘ECI-prijs voor Schrijvers van Nu’.

Verpale werkt als dichter en prozaïst mee aan groot aantal tijdschriften, waaronder Filter, Dietsche Warande & Belfort, Yang, Nieuw Wereldtijdschrift en Maatstaf. Voor het tijdschrift Kunst & Cultuur schrijft hij tussen 1988 en 1990 een reeks essayistische beschouwingen. Hij is ook freelance medewerker van het Belgisch-Israëlitisch Weekblad en van het maandblad De Centrale.

Door zijn grote aandacht voor de Joodse leefwereld is Verpale een wat vreemde eend in de Vlaamse literatuur. Hij reist herhaaldelijk naar Israël, werkt mee aan joodse bladen, schrijft diverse essays over Jiddische auteurs en vertaalt Jiddische en Hebreeuwse poëzie.

2012: Jarenlang is het erg stil rond Eriek Verpale gebleven. De schrijver van romans als Gitta en Alles in het Klein, tevens auteur van het verfilmde theaterstuk Olivetti 82, verdwijnt na de publicatie van het brievenboek Katse Nachten in 2000 uit het beeld.

Tot nu, want in het recentste nummer van het literaire tijdschrift De Brakke Hond staat Verpale er terug met tien gedichten. (Lees: Bron: Mensen moeten gedacht hebben: Verpale is dood. Quod non – Knack

 10 augustus 2015: Verpale overlijdt in zijn woning aan terminale lymfeklier- en keelkanker.

EPILOOG

2 februari 2016: op Verpale’s verjaardag organiseren schrijvers Luuk Gruwez en Jan Haerynck en acteur Bob De Moor een hommage aan deze schrijver in de Minardschouwburg, Walpoortstraat 15, 9000 Gent

Verpale Erik Hommage

BEKRONINGEN

  • 1980 de literaire prijs van de Stad Gent voor Op de trappen van Algiers
  • 1991 de Provinciale Prijs voor Letterkunde van de  Provincie Oost-Vlaanderen voor Alles in het klein’
  • 1992 de prestigieuze NCR Literair Prijs voor Alles in het klein’.
  • 1997 Prijs voor Letterkunde van de Vlaamse Provincies voor zijn toneelmonoloog Olivetti 82.

 

MEER OVER E. VERPALE

  • Van Hoof, Guy: De nieuwe romantiek (1981)
  • De Maesschalck, Yvan: Prima categoria, of nachtelijk joods van Eriek Verpale, in: Kreatief (2000), nr. 5, p. 26-36
  • Wildemeersch, Georges en Vandenbussche, Liselotte. ‘Eriek Verpale’. In: Kritisch lexicon van de Moderne Nederlandstalige Literatuur. Red. Hugo Brems, Tom van Deel, Ad Zuiderent. Groningen: Martinus Nijhoff uitgevers. Band 8. Februari 1994 – November 2002.

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Websites

Referenties

  • Paul Demets, Eriek Verpale (1952-2015) Zo romantisch, zo kwetsbaar. In: Boeken, de boekenbijlage bij De Morgen van 12 augustus 2015, pp. 14-15. (mooie diepgravende tekst over de auteur als mens)

SMAAKMAKERS

Spraakgebrek

voor K

Zinnen. Zoveel prachtige zinnen.
Mooie zinnen. Volzinnen, neven -
en ondergeschikte zelfs. Met uitroeptekens.
Met gefronst voorhoofd: vraagtekens?
Met punten en komma’s,
en met dààr ergens tussenin:
een regel met jij.
Hoe je zwijgt, glimlacht,
drinkt, een kat streelt, mijn ziel.
Hoe je bijna onder een auto loopt
en daardoor mijn leven binnen.
Hoe ik je daar zou willen houden:
tussen aanhalingstekens. Mijn armen.
Zodat ik niets meer hoef te zeggen.
Want zinnen. Ach, zo ziek van zinnen.

 

Innamorati

Hoe één mens zo soms
van een ander, en dat maar eens.
Hoe iemand in zijn leven van altijd
maar één vrouw, van haar.
Hoe ik, oud, van jou dus.
 
Hoe een man van geen andere vrouw
dit verdragen kan: een rimpel al,
kwaaltjes, zelfs de muren
van een andere man. En dat je
kunt weggaan, doodgaan, opgaan
in rook, zo simpel. Maar het niet doet.
Er woedt nog oorlog.
 
Want hoe een mens in zijn leven
maar één keer. Hoe een man van
altijd maar één vrouw het meisje,
de poppetjes in haar ogen, het haar
op haar benen en in volle zomer
toch snipverkouden.
 
Hoe ik, een trage dwaas,
juist dààrom. En in al mijn winters.

 

BIBLIOGRAFIE

Woordje vooraf

  • Na het chronologisch overzicht volgt een overzicht per genre alfabetisch op titel met aanduiding van de datum van publicatie

De bibliografische gegevens werden onder meer nagekeken bij

  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles
  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience –Antwerpen.
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klik op de foto

Chronologisch overzicht

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1975 De Rabbi en andere verhalen. Wachtebeke: Driemaandelijks tijdschrift Koebel. -83p.
1975, julinummer 4de jaarg., nr. 13, speciaalnummer
Afmetingen: 23.50 x 16 (gelijmd)
Redactieadres: r.r. van Londersele Isabellakaai 86, 9000 Gent
1975 Polder- & andere gedichten. (poëzie)
Foto’s: Noël Everaert.
Ertvelde: Uitgeverij Van Hyfte-De Coninck. -47p.
Afmetingen:21 x 13.40 (gebrocheerd)
Colofon: de bundel ‘Polder- & andere gedichten ‘ werd in het najaar 1975 uitgegeven door Uitgeverij Van Hyfte-De Coninck te Ertvelde

 

1976 Voor een simpel ogenblik maar…   (gedichten)
Deeltitels: Voor een schnabbeltje meer gaat de zon niet onder; in tsion da tansen die kindelech mit koischere neschoemelig; naamloos.
Gent: Yang. -41p.
Reeks: Yang Poëziereeks vol 64
1979 Een meisje uit Odessa. (Verhalen)
Omslagillustratie: Piet van Leeuwen
Grafische vormgeving: Jack van Heerdt
Haarlem: Uitgeverij  In de Knipscheer. -125p.
Afmetingen: 20.25 x 13 (paperback)
1980 Op de trappen van Algiers. (poëzie)
Foto: Jacques van den Berghe
Bekroond met ‘De literaire prijs van de stad Gent’

 

Ertvelde: Uitgeverij E. Van Hyfte. -48p.
Afmetingen:20 x 12.50 (gebrocheerd – zachte kaft met flappen)
Druk: Van Hyfte – De Coninck, Ertvelde.

 

1984 (Over) De verstrooiing der goochelaars (verhaal)
Oorspronkelijk verhaal. Nooit eerder gepubliceerd.
De Wispelaere 6 Uit de bundel: “Vlaamse verhalen na 1965″ pp. 421-430
Samengesteld door Paul de Wispelaere. Manteau, Antwerpen. -480p.
Omslagontwerp en typografie: Rikkes Voss Afmetingen: 21.50 x 13.50 (paperback – kaft met flappen)
1990 Alles in het klein. (verhalen + brieven)

Omslagontwerp: Nico Richter
Omslag: Fantin-Latour ‘La liseuse’ (1861) Musée d’Orsay, Parijs
Foto: Alice Paesmans
Bevat: Verhalen (pp. 11 – 104) & Brieven (pp. 105-248) – Verantwoording p. 249.
1992: 2de & 3de druk.
1994: 4de  druk.
1997: 5de druk bij Singel pockets, Amsterdam.
 Verpale erik 6 Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers. -249p.
Reeks: Grote ABC. – Amsterdam; vol. 726
Afmetingen: 21.50 x 13.50 (paperback)
Druk: Groenevelt B.V. Landgraaf
Bekroningen:
1991: Provinciale Prijs voor Letterkunde van de Provincie  Oost-Vlaanderen
1992: NCR Literair
1993: Het verhaal  ‘Schoon belleken’  werd eveneens opgenomen in de bundel ‘Nieuwe Vlaamse verhalen’ gekozen door Hugo Brems (pp. 255-269) Uitgave De Arbeiderspers, Amsterdam 285p.
1992 Onder vier ogen: Siamees dagboek.
Samen met Luuk Gruwez.
Omslagontwerp: Nico Richter    Omslagillustratie: Sieb Posthuma
Foto’s Luuk Gruwez: Filip Claus
Foto’s Eriek Verpale: Michiel Hendryckx
Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers. -113p.

Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
Bevat:
Eriek Verpale: De verteller van Akko (dagboek)- Foto op erewoord retour (zelfportret) – Plicht (Brief aan Luuk Gruwez)
Luuk Gruwez: Tippetotje (dagboek)- Medusa (zelfportret) – Een nadeel van geluk (Brief aan Eriek Verpale).
1993 Olivetti 82. (verhalen)
Omslagontwerp: Alje Olthof – Omslagfoto: Hans van den Bogaard
Foto auteur: Alice Paesmans
1994: 2de druk.
1996: Vertaling van enkele fragmenten in het Frans in: Olivetti 82. Eriek Verpale. Traduit par Danielle Losman. Lansman, Carnières-Morlanwelz, 1996. -56 p. Rassemblé dans une boîte avec 5 autres ouvrages faisant partie de la collection “Théâtre contemporain flamand et néerlandais ; 1-6″, sous le titre “Six pièces contemporaines flamandes et néerlandaises “. 1997: Prijs voor Letterkunde van de Vlaamse Provincies.
2001: Verfilmd door Rudi Van Den Bossche met in de hoofdrol Dirk Roofthooft
Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers. -238p.
Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
1993  Scheppend proza. (verhaal) In: De Vijftiende Deur. Vier nieuwe verhalen van A.F.Th. van der Heijden, Yvonne Keuls, Koen Peeters en Eriek Verpale.
Ed. NPP, Creative Concepts, Oudekerk a/d Amstel, i.o.v. Crawford Benelux B.V. te Amsterdam, december 1993
Afmetingen: 19.50 x 13.30 (ingenaaid in luxe linnen kaft).
Relatiegeschenk Crawford – niet in de handel
1994 Nachten van Beiroet. (Dichtbundel)
Samengesteld door Luuk Gruwez met gedichten die, al dan niet in gewijzigde vorm, eerder verschenen zijn in thans onvindbare bundels en/of tijdschriften.
Omslagillustratie: Lieve J. Blanquaert
Omslag: Marjo Starink

 

 

Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers. -49p.
Afmetingen: 20 x 12.50 (gebrocheerd)
Colofon:Nachten van Beiroet werd in 1994 in opdracht van Uitgeverij De Arbeiderspers door Perfect Service te Schoonhoven gezet uit de Janson en gedrukt door Bariet BV te Ruinen op 90 grams houtvrij romandruk.
1994 Een jaar en twee dagen. (bibliofiele uitgave) Kessel-Lo: Literarte -87p.
In een verzamelmap gedrukt op Machine grijs karton van 550 gr
Een jaar en twee dagen: 120 ledenex. (genummerd van 1 tot 120) en 15 Literarte-ex. voor de auteur, voor recensies, archiefdoeleinden e.d. (genummerd van I tot XV). De exemplaren zijn door de auteur en de voorzitter van Literarte gesigneerd. De tekst werd gezet uit de Perpetua, de Futura en de Gill Sans en gedrukt op Pergamenta 90 gr. Bevat een foto, een fotografische weergave van een prentbriefkaart en een door Verpale eigenhandig geschreven gedicht.
1994 Brief aan Madonna. (briefverhaal)
Cahiers d’Amour verscheen ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de v.z.w. Behoud de Begeerte en in de marge van de 5de editie van Saint-Amour, een literair programma rond liefde en begeerte.
Boekverzorging: Zeno Amsterdam
Omslagtekening: Jan Bosschaert.
 1994 Cahier d'amour  Uit de bundel: Cahier d’Amour. Liefdesbrieven. pp.74-76.
Uitgever; Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam, / Dedalus, Antwerpen. 1994. -144p. (Afmetingen: 20 x 12.50, paperback)
Samenstelling: Luc Coorevits
1995 De patatten zijn geschild. Nagelbrieven 1975-1976
Omslagillustratie: Eriek Verpaele  
Foto achterplat: Nico Richter
Omslagontwerp: Steven van der Gaauw
 Verpale erik 8 Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers. -64p.
Afmetingen: 23.50 x 14 (ingenaaid)
Colofon: De patatten zijn geschild. Nagelbrieven 1975-1976 van Eriek Verpale is een voorproef van de complete uitgave van Nagelbrieven 1975-1980, die in 1996 bij de Arbeiderspers zal verschijnen.
Ter gelegenheid van de jaarwisseling 1994-1995 zijn 1000 exemplaren gereserveerd voor vrienden en relaties van de Uitgeverij De Arbeiderspers.
De tekst werd na aanwijzingen van Steven van der Gaauw gezet uit de Trump door Perfect Service te Schoonhoven en gedrukt op 115 grams Bioset houtvrij/chloorvrij offset van Grafisch Papier Nijmegen bv te Andelst, door Drukkerij Tulp bv te Zwolle.
1996 Grasland. (toneel)
Bewerking van een toneelmonoloog gespeeld door Bob de Moor.
Omslagillustratie: Rob Marcelis.
Omslagontwerp: Steven van der Gaauw.
 verpale-erik-7 Amsterdam-Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers. -89p.
Afmetingen: 19 x 11 (ingenaaid)
1997 Gitta. (roman)
Omslagontwerp: Steven van der Gaauw
Omslagillustratie: John Waterhouse  – Foto: Klaas Koppe
1999: 2de druk als grote letterboek in de XL-reeks nr. 475, bij Stichting Uitgeverij XL, Den Haag. -183 p.
Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers. -150p.
Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
1998 De patatten zijn geschild: Nagelbrieven 1975-1980.
Omslagillustratie: Eriek Verpaele  Foto achterplat: Nico Richter
Omslagontwerp: Steven van de Gaauw
Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers. -188p.
Afmetingen: 21.50 x 13.50 (paperback)
Colofon: Een gedeelte van De patatten zijn geschild van Eriek Verpale verschenen ter gelegenheid van de jaarwisseling 1994-1995 in een oplage van 1000 exemplaren gereserveerd voor de vrienden en de relaties van de Uitgeverij De Arbeiderspers.
1998 Tatjana. (toneel)
Bewerking van Eugenij Onegin van A.S. Poeskin.
Première in Theater De Korre
2000 Katse nachten. (prozaschetsen)
2000: 2de druk
Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers. -311p.
2000 Welbesteekt. (theatermonoloog) Première op 22/02/2000 in Studio Herman Teirlinck
Acteur: Isabelle Van Hecke
2000 ‘De wereld heeft haar versierselen afgedaan’. (Brieven aan Delphine) 2000 Gent de dubbelzinnige In: Gent de dubbelzinnige. Stedenreeks ‘Het oog in ’t zeil’ nr 7 pp 167-184.
Uitgever: Bas Lubberhuizen. -288p.
2001 Voor U geknipt. (theatermonoloog) Première op 06/02/2001 te Gent
Acteur: Bob De Moor
2004 Vodden ! (theater) Première op 16/09/2004 te Tielt.
Acteurs: Bob De Moor & Tania van der Sanden

 

FILMOGRAFIE

2001 Verpale Olivetti Olivetti 82.

  • Regie: Rudi Van Den Bossche
  • Cast: Dirk Roofthooft, Hilde Heijnen, Hans de Munter, Ingrid De Vos, Peter Gorissen, Nand Buyl, Herbert Flack, Jaak Van Assche, Sara Vertongen
  • Scenario: Ilse Somers, Rudi Van den Bossche
  • Montage: Ludo Troch
  • Camera: Richard van Oosterhout, Goert Giltaij
  • Muziek: Wim de Wilde
  • Art direction: Jean-Paul van Calster, Johan van Essche
  • Kleur, 88 minuten

 

Overzicht per genre alfabetisch op titel met aanduiding van de datum van publicatie

Gedichten

  • Nachten van Beiroet. (Dichtbundel) 1994
  • Op de trappen van Algiers. (poëzie) 1980
  • Polder- & andere gedichten. 1975
  • Voor een simpel ogenblik maar… (gedichten) 1976

Romans & ander proza

  • Alles in het klein. (verhalen + brieven) 1990
  • De patatten zijn geschild. Nagelbrieven 1975-1976 1994
  • De patatten zijn geschild: Nagelbrieven 1975-1980. 1998
  • De Rabbi en andere verhalen. 1975
  • Een meisje uit Odessa. (Verhalen) 1979
  • Gitta. (roman) 1997
  • Katse nachten. (prozaschetsen) 2000
  • Olivetti 82. (verhalen) 1993
  • Onder vier ogen: Siamees dagboek. 1992

Toneel

  • Grasland. (toneel) 1996
  • Tatjana. (toneel – bewerking van Eugenij Onegin van A.S. Poeskin) 1998
  • Vodden ! (theater) 2004
  • Voor U geknipt. (theatermonoloog) 2001
  • Welbesteekt. (theatermonoloog) 2000

Bibliofiel

  • Een jaar en twee dagen. (bibliofiele uitgave) 1994

 

Verpale erik 0b

Foto: Michiel Hendrickx

Kijk, dat ben ik: in het café van Moeder Zulma. Zijzelf staat er ook op, lacherig als een meisje, en voor één keer zonder een vol glas pale ale in de hand. Ja, dit is mijn stamkroeg. Zie je dan niet hoe ook ik lach, mijn laatste tanden bloot. Zie je, rechts op de foto, de kachel waarin ik me, onder het waakzame oog van de Prins-Carnavallen en Schutterskoningen aan de muur, op sombere winteravonden wel eens kom warmen ? Zie ja al die nieuwsgierige blikken ? Mijn buren. Waarom blijf je daar toch in dat gettogat van een Fabrieksdorp zitten, willen sommige van mijn steedse kunstbroeders weten. Maar waarom zou ik weggaan ? ik zit hier goed: aan de rand van de wereld, in een fijn huis, ingekuild tussen duizenden boeken, foto’s van Kafka, van Mandarijntje, van Boes en VooDoo, en niemand stoort er zich aan dat ik, ook ’s nachts, voor het raam zit. Ik ben, wat ze hier noemen: ‘het laatste lichtje in de straat’.

Uit: Onder vier ogen, Siamees dagboek (i.s.m. Luuk Gruwez). Arbeiderspers, 1992.