home | Inloggen
Aantal schrijvers: 555 | Aantal boeken:

15793

Rogghé, Paul

PAUL ROGGHE

Gent, 16 december 1904 – Gent, 24 juni 1974

Rogghé 0

Gents dichter, prozaïst, essayist, toneelauteur, journalist, historicus en pedagoog.

 

BIOGRAFIE

16 december 1904: Geboren te Gent als Paul Jozef Dimitri Rogghé

Na de humaniora – Grieks-latijnse afdeling in het Frans – aan het St. Lievenscollege te Gent studeert hij geschiedenis, eerst aan de Leuvense universiteit en vervolgens aan deze van Gent.

1925: Medestichter van het literaire tijdschrift PAN

1926: Debuut als dichter met “Kimoon” .

Het zijn nogal zwaarbeladen verzen waarin hij zich voordoet als een gekweld en rusteloos dichter. Zijn latere bundel “Momenten” (1936) baadt in dezelfde sfeer.

In zijn later dichtwerk zoals “De grote vaart” (1954) en “Vertroosting der liefde” (1964) verzoent hij zich met het leven in een vrijmoedige stijl.

1931: Na het beëindigen van zijn universitaire studies sloeg hij de weg in van de journalistiek en verzorgde het secretariaat van de Gentse krant Vooruit.

1932: Promoveert – onder leiding van Prof. H. van Houtte – tot doctor in de Wijsbegeerte en Letteren op het proefschrift ‘De politieke loopbaan van J.J. Raepsaet tot 1815’.

  • Een herwerkte versie van het proefschrift zal in 1938 bij uitgeverij Steenlandt in boekvorm verschijnen.

1932 – 1944: Leraar Geschiedenis aan het meisjeslyceum te Gent, maar blijft zijn taak bij de Vooruit part-time ’s avonds voortzetten.

1939: De mobilisatie maakte een einde aan beide activiteiten.

  • Rogghé vlucht naar Frankrijk maar keert spoedig terug. Zijn lesactiviteit neemt hij zo weer op, maar omdat de krant tijdens de bezetting een ideologische koerswijziging onderging hervat hij zijn journalistieke activiteiten pas in 1944, zij het voor korte tijd.

12 maart 1939: In Gent stichten initiatiefnemers Johan Daisne, Adolf Herckenrath, Paul Rogghé, Jozef Vermeulen en Daan Boens de literaire kring Pan : Kring van Oostvlaamse Letterkundigen.  Men wilde iets doen aan “… de vaststelling dat auteurs in betreurenswaardige afzondering van andere kunstenaars, uitgevers en publiek leven”. De kring bleef bestaan tot circa 1974-1975.

1941: Jacob van Artevelde – met illustraties van Fritz van den Berghe – is een vulgariserende evocatie over de figuur van Artevelde en over het tijdskader van de 14de eeuw. Veel meer dan door literaire kwaliteit, valt dit goed gedocumenteerd historisch verhaal op door zijn historische nauwgezetheid; het bevat een voor- en een nawoord, een register van persoonsnamen en een verklarende woordenlijst.

Het is de uitwerking van het feuilleton Grootheid en verval van Jacob van Artevelde dat in augustus 1938 verscheen in de Gentse Vooruit.

  • Over hetzelfde onderwerp schrijft de auteur nog Beelden uit het leven van Jacob van Artevelde (1945, toneelspel in 14 taferelen, in juli 1945 opgevoerd in de K.N.S., ter gelegenheid van de herdenkingsplechtigheid bij de 600ste verjaring van Arteveldes dood)
  • De kwade maandag (1950), een historisch toneelspel in één akt.
  • Gent in de 14de eeuw (1965), tekst bij een gelijknamige spreek-, klank- en lichtspel dat lange tijd was geïnstalleerd in de Gentse Lakenhalle) en een gedicht Anseele dat in Edward Anseele ter ere de opstellen van een aantal andere auteurs voorafgaat, gepubliceerd naar aanleiding van de inhuldiging van het Anseele-monument in Gent, in juni 1948

1944 – 1972: Achtereenvolgens studieprefect te Gent (1944 – 1947) en te Eeklo (1947-1972).

1945: In de roman “Anna Golochin, de vrouw van één nacht” (1945) wordt dan weer op kundige bedachtzame wijze de psyche ontleed.

Rogghé komt hier dicht bij het magisch realisme te staan, maar beperkt zich tot een formule die ook bij de latere Lebeau aangewend wordt. Evenals Lebeau is Rogghé een veelzijdig intellectueel die goed van de moderne psychologie op de hoogte is.

Intellectualisme ja, maar toch creëert hij enerzijds een geheimzinnige sfeer die ook het werk van Daisne en vooral Lampo voor de geest roept, terwijl hij anderzijds een zakelijke verhaaltrant hanteert en zich als verteller gereserveerd opstelt.

Het is een van de hoogtepunten uit het literair oeuvre van Rogghé. Heel zijn levenshouding is erin terug te vinden.

1945: Medestichter en bezieler van het tijdschrift Faun, Critisch bulletin, letteren, kunst, geestesleven (1945-1946)

  • Het tijdschrift werd gesticht onder pseudoniem Piet Tanner (= Paul Rogghé). Medestichters waren enkele Gentse enthousiastelingen zoals  Emiel Parez, Paul van Keymeulen, Pliet van Lishout e.a.
  • De eerste jaargang (januari 1945 – januari 1946) werd uitgegeven in Sint-Amandsberg, Gent, bij drukkerij Van Doosselaere; vanaf februari 1946 (tot augustus 1946) werd het uitgegeven te Antwerpen en te Amsterdam.
  • Het tijdschrift bracht poëzie, proza en vooral kritische bijdragen. Aan de eerste jaargang werkten o.m. mee: Geo Verbruggen, Ben Cami, Paul van Keymeulen, Sidy de Keyser, Hubert Lampo, Pliet van Lishout, Emiel Parez en Prosper de Smet voor de poëzie, Piet van Aken, Paul van Keymeulen en Hubert Lampo voor het proza.

Het letterkundig en socio-cultureel werk van Rogghé is overigens veelzijdig.

  • Hij is de stichter van, en de stuwende kracht achter verschillende culturele verenigingen (Pan, De Faun, Leesclub Boekuil) en literaire tijdschriften (Pan I, De Faun en Pan II).
  • Hij is voorzitter, ere-voorzitter of lid geweest van talrijke culturele genootschappen en commissies, o.a. van de Cultuurraad voor Vlaanderen, de stedelijke Commissie voor Monumenten, het Stadsarchief en de provinciale Commissie voor Openbare Bibliotheken en Letterkunde.

Hij publiceert ook onder het pseudoniem “Dr. P. Tanner”.

1973: Overlijden van zijn vrouw.

1974: Publicatie van zijn laatste bundel ‘Rouwverzen’ door de Pan-Kring van Oostvlaamse letterkundigen te Gent.  Apart daarvan verschijnt in het tijdschrift Pan  de cyclus ‘Zij, de dood en ik‘.

24 juni 1974: Paul Rogghé overlijdt – precies een jaar na zijn vrouw –  te Gent. Hij ligt begraven op het Campo Santo, Sint-Amandsberg, park U, kelder 265.

 

BEKRONINGEN

1949: Letterkundige prijs voor geschiedenis van de stad Gent voor zijn werk Vlaanderen en het zevenjarig beleid van Jacob van Artevelde.
1954: Letterkundige prijs van de stad Gent voor poëzie voor zijn dichtbundel De grote vaart.
1961: Prijs voor poëzie van de provincie Oost-Vlaanderen voor de bundel Elegie voor een levende.
1962: Prijs van de stad Gent voor Simon de Mirabello in Vlaanderen

MEER OVER P. ROGGHÉ

  • Jan L. Broeckx: Dr. Paul Rogghé (1945)
  • Marc Bostyn: De dichter Paul Rogghé (onuitgegeven licentiaatsverhandeling, RUG 1976)
  • Daniël van Ryssel: Paul Rogghé (1977), Oost-Vlaamse literaire monografieën, 32p.

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Websites

Referenties

  • Marcel Brauns en Dr. Walter Prevenier: De poëzie van Paul Rogghé. Het historisch werk van Dr. P. Rogghé (1964)

SMAAKMAKER

Ik zocht geen roes in oude wijnen,
Geen dromen bij een vedelaar.
Ik meed den muilband en de zwijnen
Den theoloog , den kwezelaar.

Ik zocht het aanschijn van het leven,
Zoals het daaglijks voor ons wast
Met pokken, zweren en soms even
Een vreemden glimlach die verrast.

Uit: Profaan Proces (1944)

 

Getergd en uitgeknaagd liep ’t arme volk te vloeken
Of spuwde vuur en vlam iin ’t donker van zijn slop.
Er was geen helpen aan, geen uitkomst in zijn zoeken.
Het kropte als verteerd zijn woeste wanhoop op.

Tot hij op markt en plein, in dokken en fabrieken
Zijn stoute stem verhief, die drong door merg en been,
Tot zijn nerveuze vuist de massa op kwam zwiepen
En jaagde het verzet in ’t hart van het gemeen.

Toen gaf hij aan het volk dat zwoegde in de mijnen,
Dat bleek de spoelen wond of zwal^te op het diep,
Een doel voor zijn bestaan, een peluw voor zijn pijnen,
Een recht op mondigheid dat nieuwe tijden schiep.

Uit het Anseelegedicht  1948

 

WAT ZOCHT IK HIER ?

Het regent en de verre grassen buiten
Verlaten hun diep groen. Door lind’ en iepen
Gaan jagend onverwachte winden zwiepen.
De Leie fronst. Luid gaan er kikkers muiten.

Weer zit ik eenzaam achter natte ruiten
Mijn oude weemoed breder uit te diepen.
En langoureus en mild blijft buiten fluiten
Die ene merel. Al mijn ramen kriepen.

Wat zocht ik hier : de zon, de zilverberken,
De lentelucht om mijn arm bloed te merken,
Serene rust en wat vergetelheid.

Slechts van dit alles heb ik hier gevonden:
Het verder branden van mijn diepste wonden
En troosteloos het aanschijn van de tijd.

Uit: De grote vaart (1954)

BIBLIOGRAFIE

Woordje vooraf
  • Hij schreef ook Gent, doorheen de poëzie van zijn straatnamen en zijn folklore (meer dan 250 verzen, 1957) waarvan de bedoeling was, het geïllustreerd door kunstschilder Oscar Bonnevalle uit te geven via de Toeristische Dienst van de stad Gent. Het bleef echter onuitgegeven. Samen met een omvangrijke nalatenschap berust het thans in het Handschriftenkabinet van de Gentse universiteitsbibliotheek (Hs III 19).
  • De bibliografie is opgedeeld in 2 delen: I. Het literaire oeuvre & II. De historisch wetenschappelijke publicaties.
  • Na de bibliografie volgt nog een beknopt overzicht van zijn letterkundig werk per genre alfabetisch op titel
De gegevens van deze bibliografie werden onder meer nagekeken bij
  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience – Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles.
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007
  • POËZIECENTRUM vzw – Gent
Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klikt u op de foto.

I.  LITERAIR OEUVRE

Chronologisch overzicht
Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1926 Kimoon. (poëzie) In: Pan, 1ste jaargang nrs 1 – 3  (juni-augustus 1926)
1929 Uit ’s levens koorts. (poëzie) Kortrijk: Uitgeverij “Steenlandt”. –43p.
1936 Momenten. (poëzie)

Verlucht door Jos Verdegem
Rogghé 2b
 
Rogghé 2 Kortrijk: Uitgeverij “Steenlandt”. –[85]p.

Afmetingen: 29.80 x 22 (ingenaaid)
Colophon: Dit boek werd gedrukt in een oplage van 180 exemplaren, genummerd van 1 tot 180, gesigneerd door auteur en illustrator en het kwam van de persen der drukkerij “Steenlandt” te Kortrijk in maart 1936. Dit is nummer 16.
1941 Jacob van Artevelde. (historische roman)

Met teekeningen van Frits Van den Berghe
Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel. -151p.

Afmetingen: 21 x 14 (ingenaaid)
Drukk. P. Lombaerts Schoten
1943 Profaan proces. (poezie)

Teekeningen van Raf De Buck.
Bevat de cycli: Drift en daemon; Bezinning en innigheid; In ballingschap; Op het wisselspoor; Kwatrijnen.

In tweekleurendruk uitgevoerde bundel erotische poezie. Mooie tekeningen.

 
Rogghé 1a
Rogghé 1 Gent: De visschende kat. -93p.

Reeks: Faunreeks nr 5
Afmetingen: 27.20 x 22 (ingenaaid)
Colofon: Deze bundel gedichten, nr 5 der Faunreeks, werd op de persen van Snoeck-Ducaju en Zoon gedrukt, en met teekeningen opgeluisterd door Raf De Buck, kunstschilder te Gent. Anno MCMXLIII
Tweekleuren druk: zwart – bruin met versierde kapitalen.

 

Opgelet: in vele bibliografieën wordt voor Profaan proces Snoeck-Ducaju als uitgever vermeld, terwijl hij eigenlijk de drukker is.

Heruitgaven:
1944: De Bezige Bij, Amsterdam.
1947: Heruitgave bij de Visschende Kat, Gent / A.J.G. Strengholt – Amsterdam -95p. oplage 500 genummerde ex.

[1943] Een pijnlijk Adieu (novelle)

Met verluchtingen van Rafaël De Buck
Gent: Drukkerij Uitgeverij Snoeck Ducaju & Zoon, Begijnhoflaan, 76. -12p.

Afmetingen: 21 x 15.25 (geniet)
1945 Anna Golochin, de vrouw van één nacht. (roman)

Opgeluisterd door 6 lettrines en 12 teekeningen van Raf. De Buck.
1946: Uitgave  P.N. Van Kampen, Amsterdam -76p.
1964: heruitgegeven bij uitgeverij Heideland, Hasselt als Vlaamse Pocket nr 87.
Gent: Snoeck-Ducaju & Zoon. -92p.

Reeks: Is het vijfde boek van de IVde Faunreeks.
Afmetingen: 20.50 x 12.25 (gebonden – stofomslag)
Colofon: In april 1945 werd deze kleine roman, naar een typografisch ontwerp van Raf. De Buck, gedrukt op de persen van Snoeck-Ducaju & Zoon en verspreid op 900 exemplaren op houtvrij papier Pont de Warche en op 100 luxe-exempl. Gemerkt van I tot C, gesigneerd door den auteur en den illustrator, die zijn teekeningen eigenhandig kleurde, en geparafeerd door den drukker-uitgever.
ca. 1946 Reik ons de handen. Spreekkoor. Rogghé 3 s.l. : s.n.: [Gent: Stedelijke vakschool]: 5p.

Afmetingen: 23.50 x 18 (ingenaaid)
Tweekleuren druk: zwart- rood.

 

1948 Edward Anseele ter ere. (gedicht)

Portret van E. Anseele op vooromslag.

Gent: S.M. Het licht.

In kleine oplage in rood en bruin gedrukt gedicht. Gesigneerd door de auteur.

1950 De kwade maandag: historisch toneelspel in één akt. (toneel) Eeklo: Drukkerij H. Steyaert. -16p.
1954 De grote vaart. (poëzie)

Bevat de cycli: Deurlese elegieën; Interludium; Van licht naar schaduw.
Bekroond met de letterkundige prijs van de stad Gent 1954

 

Rogghé 5 Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel. -45p.

Afmetingen: 23 x 14.40 (ingenaaid)
Colophon: Deze gedichten van Paul Rogghé werden ter gelegenheid van zijn vijftigste verjaardag uitgegeven door de N.V. DE NEDERLANDSCHE BOEKHANDEL te Antwerpen en gedrukt op de persen van Drukkerij LOMBAERTS N.V. te Schoten in een oplage van 500 exemplaren.
Vijf exemplaren , niet voor de handel bestemd, werden gedrukt op Groot Imperiaal Van Gelder
Dit is nummer 227.

 

1957
Achter de muur. (poëzie)
Bevat de cycli: Analyses; Homo ludens; Schaduwen.
Rogghé 4
Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel. -54p.
Afmetingen: 23 x 14.40 (ingenaaid)
Colophon: Deze gedichten van Paul Rogghé werden uitgegeven door de N.V. De Nederlandsche Boekhandel te Antwerpen en gedrukt op de persen van Drukkerij Lombaerts N.V. te Schoten in een oplage van 300 exemplaren. Dit is nummer 215.

 

1960 Blinde passagier. (poëzie) Rogghé 6 Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel. -40p.

Afmetingen: 23 x 14.40 (ingenaaid)
1961 Elegie voor een levende. (poëzie)

Illustraties door Guido De Graeve
Rogghé 7a
Rogghé 7 Antwerpen: Uitgeverij De Sikkel N.V. -83p.

Afmetingen: 22 x 14.60 (ingenaaid)
1962 In een kleine kapel. (poëzie)

Met illustraties van Norbert Feliers
Wetteren: ‘Hedendaags’ Drieghe.
1964
Anna Golochin, de vrouw van één nacht. (roman)
1945: eerste druk bij Snoeck-Ducaju & Zoon, Gent
 Rogghé 9
Hasselt: Uitgeverij Heideland. -87p.
Reeks: Vlaamse pockets nr 128
Afmetingen: 18 x 10.80 (pocket)
1964
Tussen gisteren en morgen. (poëzie)
Bevat de cycli: Gesprekken met de heer; Voor de spiegel; Met Euridice.
Met bijlage: Marcel Brauns en Dr. Walter Prevenier: De poëzie van Paul Rogghé. Het historisch werk van Dr. P. Rogghé (1964) z d ; z p. -30p.
Antwerpen: Uitgeverij De Sikkel N.V. -51p.
1964 Vertroosting der liefde. (poëzie)
s.l.; s.n. [Antwerpen: Sanderus] -14p.
Overdruk uit: Poëtisch gastmaal. – 1(1964)
1969 Het evenwicht dat zijn schouders ophaalde. (poëzie) Antwerpen: Uitgeverij De Sikkel N.V. -65p.

Afmetingen: 25.40 x 16.40 (ingenaaid – kaft met flappen)
Colofon: Deze dichtbundel van Paul Rogghé met omslagontwerp van Octaaf Landuyt werd gezet in Monotype Garamont 10 punt en door Drukkerij Lombaerts n.v. te Schoten gedrukt op houtvrij editiepapier

1974 Zij, de dood en ik. (poëzie – cyclus uit rouwverzen) In: Pan, 21ste jaargang, nr 2 (september 1974)
1974 Rouwverzen. (poëzie) Gent : Pan-Kring van Oostvlaamse letterkundigen. -32p.

Reeks:  Pan : Oostvlaams bulletin voor letteren en kunst / Pan. Kring van Oostvlaamse Letterkundigen Nr 2
Geniet

POSTUME UITGAVEN

1976
Gedichten 1924-1974. (poëzie – verzamelbundel)
Inleiding en selektie Daniël Van Ryssel.
Portret van de auteur: Jan Lormans
Omslag en grafische vormgeving: Julien Vangansbeke.
Rogghé 8
Gent: Yang -70p.
Reeks: Yang poëzie reeks: YPR. vol. 66
Afmetingen: 20 x 11.80 (ingenaaid)
Colofon: Copyright 1976 by Yang Poëziereeks, Gent. Realisatie met medewerking IBM.
1976 Judith. Stammoeder van de eerste graven van Vlaanderen. (geschiedkundige studie – bibliofiele uitgave)

Met twaalf lavis- en pentekeningen van Victor Stuyvaert.
Uitgegeven met steun van de Stichting Victor Stuyvaert; voorwoord van Paul Eeckhout.

Gent: Hoste Staelens. -12p.

Afmetingen: 41.50 x 30.50 blind en rood bedrukte map met twaalf geïllustreerde losse bladen van stijf papier in schuifdoos. Genummerde oplage van 500 exemplaren met Nederlandse tekst (dit is nr. …), 500 met Franse tekst en dertien met een originele tekening van de kunstenaar.

 

 

II.  HISTORISCH-WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES

(Geen volledigheid nagestreefd)

Het wetenschappelijk historisch werk van Rogghé omvat een vijftigtal studies. Alle hebben betrekking op de geschiedenis van Vlaanderen van de 12de tot en met de 20ste eeuw. Vier thema’s zijn er duidelijk in omlijnd: de geschiedenis van zijn geboortestad; de revolutionaire episodes uit ons verleden; de geschiedenis van Eeklo (waar hij meer dan twintig jaar studieprefect van het atheneum was); de bronnen van de vrijzinnige overtuiging waarnaar hij – ondanks zijn strenge katholieke opvoeding – als vrijmetselaar in een aantal studies terugkeerde.

1936 Bijdrage over de secularisatie van de geestelijke goederen in de Nederlanden. Utrecht
1938 De politieke loopbaan van J.J. Raepsaet tot 1815, inzonderheid in en om de Commissie tot herziening der Hollandsche Grondwet van 1814.

[1938]: 2de uitgave bij Uitgeverij “Steenlandt” te Kortrijk.

Kortrijk: Uitgeverij Steenlandt. -XLI + 204p.

Uitgegeven onder auspiciën van de Geschied- en Oudheidkundige Kring van Oudenaarde.
[1942] Vlaanderen en het zevenjarige beleid van Jacob van Artevelde, 1338-1345. Een critisch-historische studie. Twee delen.

Geïllustreerd met vier afbeeldingen, een kaart van de Lage Landen aan de Zee en twee genealogische tabellen.
[
1952]: 2de druk bij Drukkerij H. Steyaert te Eeklo 117p. Bekroond door de stad Gent

Brussel: A. Manteau. 2 delen. -56+ 64p.

Reeks: Basisreeks 9 en 10.

1943 De omwenteling van 1789. Het aandeel van Vlaanderen, inzonderheid vn de Staten van Vlaanderen. In: Bijdragen tot de geschiedenis en de oudheidkunde (= Faunreeks, 4de reeks, nr 1), Gent, 1943 pp 143-179
1944 ‘Het Gentsche stadsbestuur van 1302 tot 1342 en een en ander bettreffende het Gentsche stadspatriciaat’. In: Handelingen der Maatschappij van Geschiedenis en oudheidkunde te Gent, nieuwe reeks, I, 1944 pp. 135-163
1946 ‘Italianen te Gent in de XIVde eeuw. Een merkwaardig Florentijns hostelliers en makelaarsgeslacht: de Gualterotti’. In: Bijdragen voor de geschiedenis der Nederlanden, I, 1946, pp 197-226.
1946
-47
‘Over twee grafelijke bestuursraden uit de eerste helft der XIVde eeuw: “Audiëntie” en Rekenkamer”. In: Belgisch Tijdschrift voor Philologie en Geschiedenis, XXV, 1946-47, pp. 619-624
1950 ‘Jacob van Artevelde, diplomaat, democraat en flamingant’. Turnhout: Van Mierlo-Proost
1950 ‘De Samenstelling der Gentse Schepenbanken in de 2de helft der 14de eeuw, en één en ander over de Gentse poorterie’ In: Handelingen der Maatschappij van Geschiedenis en oudheidkunde te Gent, Nieuwe reeks, IV, afl. 2, 1950, pp 22-34
1951 Recensie van het werk van J. Buntinx, “De Audiëntie van de Graven van Vlaanderen” In: Belgisch Tijdschrift voor Philologie en Geschiedenis, XXIX, 1951, pp. 581-586
1952 ‘Gemeente ende Vrient. Nationale omwentelingen in de XIVde eeuw’ In: Handelingen van het Genootschap “Société d’Émulation” te Brugge, LXXXIX, 1952, pp. 101-135
1952 ‘De Zwarte Dood in de Zuidelijke Nederlanden’ In: Belgisch Tijdschrift voor Philologie en Geschiedenis, XXX, 1952, pp. 834-837
[1953] Eeklo: Van Silexdrager tot Keurbroeder In: Het Koninklijk Atheneum te Eeklo viert zijn tweede lustrum, Eeklo s.d. [1953], pp. 119-179
1958 ‘Simon de Mirabello in Vlaanderen’.

1958: als overdruk uitgegeven door Drukkerij Standaert-Van Steene te Maldegem. -50p

In: Appeltjes van het Meetjesland; IX, 1958, pp 5-56
1960 ‘De Gentse klerken in de XIVde en VXde eeuw. Trouw en verraad.’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XI, 1960, pp 5-142
1961 ‘Het eerste bewind der Gentse hoofdmannen (1319-1329)’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XII, 1961, pp. 181-227
1961 ‘Van den Begynhove van Sente Lisbetten in Ghend’ In: “Schatten der Begijnhoven”, Snoeck-Ducaju, Gent, 1961

Catalogus van de tentoonstelling museum voor Schone Kunsten te Gent 1962
1962 Judith, stammoeder van de oudste graven van Vlaanderen.

1976: bibliofiel uitgegeven bij Hoste staelens te Gent. Met twaalf lavis- en pentekeningen van Victor Stuyvaert. Tweetalig Nederlands en Frans.

In: Appeltjes van het Meetjesland; XIII, 1962, pp. 242-249
1963 ‘De Gentse Schepenhuizen voor het midden van de XIV de eeuw’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XIV, 1963, pp. 122-134
1963 ‘De democraat Jacob van Artevelde, pionier van het Vlaams-Nationaal bewustzijn’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XIV, 1963, pp. 56-68
1965 ‘Het Alinshospitaal te Gent’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XVI, 1965, pp. 132-145
1967 ‘De Orangistische putsch van 28 oktober 1577 te Gent : En nog een en ander over de Calvinistische republiek’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XVIII, 1967, pp. 143-181
1969 ‘Gent in de XIVe en de XVe eeuw : Geloof en devotie, kerk en volk’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XX, 1969, pp. 194-217
1970 ‘De tempelridders en hun hof te Gent’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XXI, 1970, pp. 133-157
1970 ‘De abdij van Cambron in Vlaanderen voor de XIVe eeuw’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XXI, 1970, pp. 251-273
1971 ‘Een eeuw Eeklo’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XXII, 1971, pp. 157-249
1971 ‘De eerste protestanten te Eeklo’ In: Appeltjes van het Meetjesland; XXII, 1971, pp. 298-300
1972  ‘Rederijkers te Eeklo. Van de “Ghesellen van Rhetorica” tot “Eikels worden bomen”’.

Na een algemeen overzicht van de activiteiten van de Eeklose toneelverenigingen van halfweg de vijftiende tot het einde van de negentiende eeuw, volgen een reeks notities over markante figuren die bijdroegen tot de bloei van dit toneelleven.

In: Appeltjes van het Meetjesland, XXIII (1972) pp. 143-200
1972 ‘Oude taalproblemen te Eeklo’ In: Appeltjes van het Meetjesland, XXIII (1972) pp.3-5, 31.
 

Overzicht van zijn letterkundig werk per genre alfabetisch op titel

Dichtbundels
Achter de muur. (1957)
Blinde passagier. (1960)
De grote vaart. (1954)
Elegie voor een levende. (1961)
Gedichten 1924-1974. (1976)
Het evenwicht dat zijn schouders ophaalde.(1969)
Kimoon (1924)
Momenten (1936)
Profaan proces. (1944)
Rouwverzen. (1974)
Tussen gisteren en morgen (1964)
Uit ’s levens koorts. (1929)
Vertroosting der liefde.(1964)
Roman

Anna Golochin, de vrouw van één nacht (1945), het verhaal van een eigenaardig avontuur dat de schrijver in de gelegenheid stelt blijk te geven van zijn psychologisch inzicht en van zijn kunde om met sobere stijlmiddelen een aangrijpend effect te bereiken.

Novelle
Een pijnlijk Adieu [1942]
Historische romans
Jacob van Artevelde (1941, met illustraties van Fritz van den Berghe)

Novelle

  • Een pijnlijk adieu (met illustraties van Raf de Buck; De Vissende Kat, Gent, 1943)
  • De bruidstijd van Margareta, Gravin van Vlaanderen. (De Vissende Kat, Gent, 1947)

Essays

  • To risk or not to risk (De Vos, Gent 1957)
  • Pirandello en het Pirandellisme in: De Faun : critisch bulletin, jrg. 1 (1945), nr. 7
  • De Russische broeders Serapion en de Vlaamse Faunen in: De Faun : critisch bulletin, jrg. 1 (1945), nr. 7, p. 73-75
  • Moderne stromingen in de Russische literatuur (“De Faun” I, 13, Gent, 1945)

Toneel

  • De kwade maandag (H. Steyaert, Eeklo, 1950)
  • Het dwaallicht (I.A.C.I., Antwerpen 1933)

Spreekkoor

  • Reikt ons de handen (Stedelijke Vakschool, Gent 1946)

Hoorspel

  • Wilhelm Lichtenberg, Huwelijksexperiment of liefde overbodig. Luisterspel uit het Duits vertaald door P.R. (typoscript, 81 ff., gebonden, N.I.R. 1957)

Reportages

  • Zomers Parijs (Vooruit, Gent 1955)

Bloemlezingen

  • ‘JEUGD’
    (Bloemlezing voor Athenea en Middelbare Scholen, in samenwerking met Oscar Van Hauwaert).

    • 1ste druk Van Melle, Gent 1947
    • 2de druk Van Melle, Gent 1949
    • 3de druk Van Melle, Gent 1953
  • ‘BLOESEMS’
    (Bloemlezing voor L. en M. Ond. in samenwerking met O. Van Hauwaert).

    • 1ste druk Van Melle, Gent 1949
    • 2de druk Van Melle, Gent 1954

Historisch-wetenschappelijke publicaties