home | Inloggen
Aantal schrijvers: 461 | Aantal boeken:

13558

Mennes, Paul

Paul Mennes

1967

Paul Mennes debuteerde met Tox, waardoor hij werd gezien als een Vlaamse exponent van de ‘Generatie Nix’, gegroepeerd rond het tijdschrift Zoetermeer. Zijn werk wordt vaak geassocieerd met de brat-pack-schrijvers Brett Easton Ellis en Douglas Coupland.

BIOGRAFIE

1967: Geboren te Mechelen.

Hij studeerde toegepaste communicatiewetenschappen en kunstgeschiedenis, maar beëindigde deze opleidingen vroegtijdig. Hij was een tijdje werkloos en had nadien diverse baantjes. Zoals bijvoorbeeld: schoonmaker in een fabriek, arbeider in een vleesverwerkingsbedrijf, verkoper van video’s in een hifi-zaak, medewerker op de aankoopdienst cd’s van Fnac Antwerpen.

1994:  Debuutroman ‘Tox’, waarvoor hij de Vlaamse debuutprijs ontvangt.

  • De roman schetst een zeer humoristisch beeld van de Lost Generation, de Generatie-X, de patatgeneratie of hoe de nihilistische pubers toen ook genoemd werden.
  • Het boek trok de aandacht omdat Mennes als een van de eersten een portret maakte van deze generatie, en vooral omdat hij een stuk beter schreef dan zijn Nederlandse collega’s als Ronald Giphart of Van Erkelens.
    De personages zijn onvriendelijke nihilisten, maar de manier waarop Mennes ze toont, is erg grappig. Zo denkt Tox over zijn moeder: ‘Wat ik voor mijn draagster voel, voelen anderen voor hun afwasmachine: het is erg handig zo’n ding in huis te hebben, maar op den duur worden zelfs de paar minuten die je eraan spendeert te veel.’ Liever hangt hij in een disco, waar op monotone industrialmuziek geoefend wordt op de favoriete dans, de ‘Waar Is Mijn Contactlens’.

1995:  Volgt de roman ‘Soap’.

  • Het verhaal is verteld als een soapserie, maar dan op de manier van de nineties: veel seks, veel moorden en af en toe de valse sentimenten die nu eenmaal inherent zijn aan een soap. De personages in het boek kunnen de realiteit alleen te vergelijken met wat men kent van soaps (die op hun beurt juist op die realiteit geënt zijn): ‘Het lijkt op wat op de mensen op de televisie voor elkaar schijnen te voelen.’ en ‘Het was anders dan hij zich had voorgesteld. Het was anders dan op de televisie.’

1997:  De verhalenbundel ‘Web’.

  • De titel van die laatste bundel verwijst volgens de auteur niet alleen naar het samplen, maar ook naar de verwevenheid van de verschillende verhalen, en naar het grote ‘web’ van verbindingen tussen de literatuur, muziek en tv. Maar, nog steeds volgens Paul Mennes, het is vooral een afkorting van ‘Weer Een Boek’.

1999:  Verschijnt ‘Kaufhaus’.

  • Kaufhaus is een onderdeel van het multimedia-project Kaufhaus Inferno dat Mennes samen met illustrator Eric Joris concipieerde naar Dante’s Divina Comedia. Naast een boek bestaat het project ook uit kunst op het internet, een theatervoorstelling, een strip én een tentoonstelling.
  • Kaufhaus toont de wereld der verdoemden als een drukbezocht winkelcentrum, het Mekka van de consumptiemaatschappij. In Mennes’ versie van de helletocht worden de rivieren van de onderwereld liften en de veermannen liftboys. Vergilius, Dante’s gids, zeult een laptop met zich mee en spreekt in tenenkrommende anglicismen.

2001:  Publiceert ‘Poes poes poes’ .

  • Een Vlaams dorp wordt overspoeld door cameraploegen en journalisten die allemaal ter plekke de zonsverduistering willen verslaan. Mennes thematiseert de mediatisering van de maatschappij, die steeds meer drijft op reclame (‘koopporno’) en hypes, en hij bekritiseert de macht van televisie en het journalistentuig
  • Een zin uit ‘Poes poes poes’ wordt door het literaire tijdschrift Tzum uitgeroepen tot beste zin in verhalend proza van 2001. De bekroonde zin luidt als volgt: “Soms had ze er toch een beetje spijt van dat ze geen feng-shui, tai chi, macrobiotiek of biseksualiteit gekozen had voor haar spirituele groei.” De jury prijst ‘het ironische karakter van de zin waarin verschillende modieuze termen na een opsomming tot een climax komen. De zin geeft een tijdsbeeld weer en is door de satire tegelijkertijd een commentaar op de moderne tijd.’ De prijs bestaat uit een bokaal en een bedrag in euro’s, gelijk aan het aantal woorden in de zin (24 dus).
  • ‘Poes poes poes’ haalt de longlist van de Gouden Uil literatuurprijs 2002.

Paul Mennes bewerkt de roman tot een experimenteel theaterfeuilleton-op-doek in vijf afleveringen, dat qua vorm lijkt op een televisiefeuilleton én tegelijkertijd elementen uit film en theater incorporeert. Het stuk gaat in 2003 in première.

2007:  ‘Kamermuziek

  • Kamermuziek is geen autobiografische roman, maar Mennes buit er zijn verlies van taal en wereld in uit om er bijna allegorisch de ontwerkelijking mee te weerspiegelen waaraan onze eigen tijd ten prooi is, onder invloed van de virtualisering, informatisering en mediatisering van de alledaagse leefwereld. Nieuw is dat thema niet voor de lezers van Toast (1998, de trilogie die de romans Tox, Soap (1995) en de verhalenbundel Web (1997) verzamelt). Maar in Kamermuziek heeft Mennes wellicht net door de crisis van de laatste jaren meer dan ooit een vorm te pakken die zijn inhoud voorbij de gimmick weet te dragen. Met niets dan een simpel verhaaltje heeft hij een claustrofobische roman geschreven die zich, eenmaal binnen, opent als een labyrint. Je stapt er binnen in het leven van een jongeman die zich ‘geblokkeerd’ voelt zitten in een computerspel op een level dat veel te moeilijk is. Maar je gaat er niet buiten zonder het gevoel dat zijn poging om met twee generatiegenoten een huis te delen en een thuis te vinden vooral iets zegt over de manier waarop het samenleven vandaag wordt geblokkeerd door de mate waarin we de werkelijkheid zelf meer en meer als een computer- of televisiespel ervaren. Een spelletje waarbij op straat al eens met een mes moet worden gestoken, of waarin een huis ten prooi valt aan een extreme make-over.

Uit: rekto:verso – Opgepast: instortingsgevaar  Nr 23   mei-juni 2007 auteur Tom Van Imschoot

 

2009: Radioboek Het aanzoek  bij http://www.radioboeken.eu/

2010:  In ‘Het konijn op de maan’ wordt voor de tweede keer kennismaken met Samuel Penn.

  • ‘t Moet zijn dat de slacker van om en bij de dertig in ‘Kamermuziek’ nog niet ál zijn illusies had verloren: hij verhuist naar Osaka, om er dicht bij zijn potentiële fiancée Midori te kunnen bivakkeren. Alle goede bedoelingen ten spijt verzeilt Penn finaal in de beklemmende cul-de-sac waar ook Billy Murray zich al vastreed in ‘Lost in Translation’. Zelfs zijn eigen relatie strandt in non-gesprekken: hij is Midori dan wel naar het andere eind van de wereld gevolgd, ze lopen er voortdurend naast elkaar te lullen.

Mennes heeft een grote passie voor elektronische muziek en ontwerpt ook eigen composities, zogenaamde soundscapes. Die stukken zijn te horen op festivals als ‘De Nachten’ en ‘Crossing Border’.

In de romans van Paul Mennes komt de tegenstelling tussen lichtvoetige oppervlakkigheid en cultuurkritiek samen: zijn romans zijn satires die zich richten tegen de oppervlakkige consumptiecultuur, maar spreken zich nauwelijks in cultuurkritische termen uit. Het werk van Mennes wordt dan ook vaak geassocieerd met de brat-pack-schrijvers Brett Easton Ellis en Douglas Coupland.

Publiceerde ook in het tijdschrift De Brakke Hond.

 

BRONNEN

Websites

 

SMAAKMAKER

Van Paul Mennes kun je niet zeggen dat zijn idioom aan de hogere cultuur offert. Veel ‘O fuck’ en smakeloze grapjes in de trant van ‘tante Treblinka want ze rookt als een schoorsteen’. Veel Engels trouwens ook, zozeer dat het bijna op een pastiche gaat lijken: ‘Er is een kortere weg, maar dan moet ik door het shopping center en na negen uur is dat wel behoorlijk creepy. Dan krioelt het er van de dealers, de skatemutanten en andere weirdo’s’.

Een karakteristieke passage is de volgende:

‘Raoul en ik spelen Triviant zonder bord. We nemen willekeurig kaarten uit het doosje en lezen de vragen aan elkaar voor.
“Oké,” zeg ik, “hier is er eentje voor jou: Op welk eiland leven de meeste vuursalamanders?”
“De meeste wat?” zegt hij.
Ik herhaal de vraag. Raoul kijkt me korzelig aan.
“Tina Turner.”
“Volgens mij is dat niet het juiste antwoord,” zeg ik zonder het kaartje om te draaien.
Raoul verliest zijn geduld. “Ik heb van mijn leven nog nooit een vuursalamander van dichtbij gezien,” zegt hij “laat je moeder toch met rust”.
Hij steekt de tweehonderdste mentholsigaret van de dag op.
Blijkbaar kan Raoul niet goed tegen zijn verlies. Hij inhaleert alsof de rook tot in zijn tenen moet doordringen.
“Het was jouw idee om triviant te spelen,” zeg ik.
“Ik heb Alzheimer. Een kutspel is het. Daarnet werd ik verondersteld te weten wie er in 1923 het open kampioenschap dwergslingeren voor dames won en nu vraag je me op welk eiland de meeste vuursalamanders wonen.”
Hij overdrijft. Bij mijn weten zit er in de hele doos geen enkele vraag over dwergslingeren. Wel eentje over het record paalzitten en misschien ook wel eentje over grafliggen.’

 

BIBLIOGRAFIE

De bibliografische gegevens werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience – Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles.
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007.

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klikt u op de foto.

Chronologisch overzicht

Jaar   Titel  Fotogalerij  Uitgeverij 1ste druk
 1994  Tox. (roman)
Omslag: Ron van Roon, Amsterdam
Foto Omslag: Alan David Tu, Toonbeeld, Amsterdam
Foto auteur: Ronald Berckmans.
Vlaamse debuutprijs
 Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar./ Antwerpen : Dedalus. -131p.
Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
 1995  Soap. (roman)
Omslagontwerp: Ron van Roon, Amsterdam
Illustratie: André Ringel
Typografie: Marjan GGerritse
Foto auteur: Firmin de Maître © De Standaard/Het Nieuwsblad.
 Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar./ Antwerpen : Dedalus -128p.
Afmetingen: 22.50 x 15 (gelijmd)
 1997  Web. (verhalenbundel)
Omslag: Ron van Roon, Amsterdam
Foto auteur: Ronald van Heerik / Hollandse Hoogte
 Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -119p.
Afmetingen: 22.50 x 15 (gelijmd)
 1998  Toast. trilogie van Tox & Soap & Web (trilogie)  Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -253p.
 1999  Kaufhaus. (roman) Hedendaagse parafrase in woord en beeld van enkele zangen uit de ‘Goddelijke Komedie’ van Dante.
Big shopper. – Maakt deel uit van het multimediale project: Kaufhaus Inferno.
 Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -59p.
 2001  Poes Poes Poes. (roman)  Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -160p.
 2007  Kamermuziek. (roman)  Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -191p.
2010 Het konijn op de maan. (roman) Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -192p.
2014 Niets bijzonders. (roman) Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar. -144p.

Paul Mennes schreef ook de inleiding voor het boek: “Heden soup!’ van Wim Helsen. Amsterdam: J.M. Meulenhoff, 2007. 69p.