home | Log in
Aantal schrijvers: 459 | Aantal boeken:

13440

Zvonik, Loekie

Maakt deel uit van:

Loekie Zvonik

Gent, 17 januari 1935 – Hasselt, 10 augustus 2000

Foto: Rikkes Voss

Eig. Hermine Louise Marie Zvonicek

Prozaschrijfster

Bekend werd ze met “Hoe heette de Hoedenmaker?” (1975), een grotendeels autobiografische en filosofische roman over de zin van leven, liefde en dood .

 

BIOGRAFIE

17 januari 1935: Geboren als Hermine Louise Marie Zvonicek in de  Gentse bijloke. Dochter van Bohuslav Zvonicek en Louise Buche een Limburgse van Vlaams-Waalse afkomst.

1935-1945: Woont in Eeklo en volgt onderwijs aan de Stedelijke school aldaar. Verhuist naar het Waasland. Volgt middelbaar onderwijs aan de Onze-Lieve-Vrouwe-Presentatie  in Sint Niklaas.

1953-1957: Studeert Germaanse Filologie aan de Rijksuniversiteit te Gent o.m. bij de Rilke en Kafka-kenner Prof. Herman Uyttersprot.

Huwelijk met Rudolf Strybol, doctor in de filosofie.

Het paar verhuist naar Hasselt.

1960-1994: Lerares Nederlands en Duits aan het R.I.T.O. te Hasselt.

1964: Debuut in het Nieuw Vlaams Tijdschrift nr 2 met het verhaal `Maar in plaats van de koekoek’.

Geboorte van een zoon Joris (Jirko).

1971-1972: Verblijf van 10 maanden in de Kaapprovincie van Zuid-Afrika.

1972: Publicatie [als Loekie Zvonicek] van : Kinderen krijgen’ in: Nieuw Vlaams Tijdschrift, 25 (1972) 5, mei/juni, 481-493.

  • Ook in Paul De Wispelaere, “Vlaamse verhalen na 1965″ Manteau  1984. -480p.
  • Ook in de bloemlezing Voor kinderen voelen. Verhalen rondom de kinderwens. red. Martien Kappers, De Arbeiderspers 1994

1975: Debuut als romanschrijfster met Hoe heette de Hoedenmaker?

  • Schrijfster stelt de vraag naar de zin van liefde en dood, een thematiek die ze in haar tweede roman in een bredere context nader uitwerkte. In beide romans komen de personages op een reis tot een dieper contact waardoor de gestelde vragen zich intens aan hen opdringen. Een tweede thema is het verzet tegen de moderne massamaatschappij die de individuele ontwikkeling in de weg staat. Reizen vormt daarbij het symbool voor het leven zelf: de mens onderweg naar de dood.
  • In zijn referaat “ Grenzen verleggen de Vlaamse prozaliteratuur 1970-1985” stelt H. Bousset onomwonden : Het beste boek van Loekie Zvonik (Hermine Zvonicek, 1935) blijft wellicht haar ontroerende debuutroman Hoe heette de hoedenmaker? (1975), waarin ze haar relatie met de Vlaamse auteur Dirk de Witte beschrijft tot aan diens zelfmoord. Door aan te tonen hoe Didier, alias De Witte, een naar-de-dood-gedrevene is, schrijft ze zelfverwijt en allicht ook wroeging van zich af om een nieuw leven te beginnen
  • Bekroond met de prijs van het beste literaire debuut.

1977: Publicatie van ‘De witte dame’ . (in: “Vrouwen in Vlaanderen schrijven nu : nieuwe verhalen van 22 romancières. “; Zele : Reinaert Uitgave 1977. -433p.)

Publicatie van “Net iets voor Emma” in Averbodes jaarboek.

1979: Publicatie van haar tweede roman  “Duizend jaar Thomas” – bekroond met de Yang prijs.

1980: Mathias Kempprijs (5-jaarlijkse romanprijs van de twee Limburgse provincies) voor “Duizend jaar Thomas”.

Publikatie van “Brief” in het speciaal nummer van het tijdschrift Kreatief  jg. 14, nr 2-3, p. 134-138 over ‘Het jongste Vlaamse proza: een stille generatie ?’

1983: Publicatie van haar derde en laatste roman “De eerbied en de angst van Uri en Ima Bosch

10 augustus 2000: Overlijden van de schrijfster te Hasselt.

 

BEKRONINGEN

  • 1976: Debuutprijs 1976 van de Vereniging ter bevordering van het Vlaamse Boekwezen voor Hoe heette de Hoedenmaker?
  • 1980: Mathias Kempprijs (5-jaarlijkse romanprijs van de twee Limburgse provincies) voor “Duizend jaar Thomas”.
  • 1982: De Yangprijs en de Matthiasz Kempprijs voor Duizend jaar Thomas (1979)

 

SMAAKMAKER

Ik zou bij groottante Louise wonen. Dat was al sinds jaren zo afgesproken. Ze gaf me de logeerkamer op de zolderverdieping. Het bed lag vol geborduurde kussens en ervoor stonden een ronde tafel en een rieten stoel op een gebreid tapijt.Je werktafel, zei ze. In het midden ervan had zij boeken gelegd, Lamartine en Stendhal, als het mooiste wat zij ooit had leren kennen.Toen bracht ze me naar de muur tegenover het venster. In zilveren lijstjes hingen er de foto’s van haar leven. Louise onder hoeden van tule, kant en vogeltjes, zittend op terrasjes in Spa, wandelend door de dreven van Kurorte in Bohemen, bebloemde theekopjes hanterend in Salzburg, door een verrekijker turend in Wenen.Ik heb je zoveel te vertellen, zei ze, ik heb nog in de negentiende eeuw geleefd, ik heb mensen gezien van wie jij de namen zal leren. Maar laat ik je eerst helpen met uitpakken, er ligt lavendel in de kleerkast.

Openingsparagraaf uit Hoe heette de hoedenmaker ?


HET BEGIN
Ze komen, riep mijn vader, nu is het ook al oorlog bij ons.
We liepen weg uit Eeklo. Moeder stootte voortdurend tegen andere mensen aan omdat ze niet keek waar ze haar voeten zette, ze zat met haar gedachten in de wolken, in het ijle uitspansel, alsof het vliegtuig dat pirouettes maakte boven de boomkruinen ieder ogenblik naar beneden kon storten.

Openingsparagraaf uit Duizend jaar Thomas.

 

29 juni
Om vijf uur ‘s morgens stonden de rijkswachters voor de deur. Wij moeten helaas, zeiden ze en sloegen de ogen neer. U bent toch Mevrouw Bosch ? en dit is toch je adres ? de heer Uria  Bosch is toch uw echtgenoot ? ze staat het er, Uria Bosch.
Ze wou het uitstellen. Ze wou tijd winnen, in de overtuiging dat er tijd te winnen viel. Nachtmerries eindifen niet op deze manier. Bange nachten eindigen in opluchting, in dankbaarheid, omdat het leven beter en dwingender werd na elke doorstane angst.
Een ongeval, zeiden ze, op weg naar Diest.

Openingsparagraaf uit De eerbied en de angst van Uri en Ima  Bosch.

 

Geraadpleegde bronnen

Websites

Referenties

  • Hannemieke Stamperius. 1996. ‘Het spreken van de stilte. Loekie Zvonik, bekommerd om wat de mensen elkaar aandoen’. In: Keustermans, Lisette; Raskin, Brigitte (red.), Veel te veel geluk verwacht. Schrijfsters in Vlaanderen 1, Amsterdam: Meulenhoff  p. 197-213.
  • Mijn dank gaat ook uit naar Willem Roels, die een groot pleitbezorger is van het werk van Loekie Zvonik. Hij werkt momenteel aan een biografische studie van de schrijver Dirk de Witte (wat dus ook met Loekie te maken heeft), en aan een essay omtrent Loekie Zvonik zelf.  Schrijversgewijs hoopt dat het werk van Loekie Zvonik aldus weer op de leestafel zal komen te liggen.

 

BIBLIOGRAFIE

Woordje vooraf

  • De universiteitsbibliotheek te Leuven bezit meerdere scripties en studies over de boeken van Zvonik.

De bibliografische gegevens werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience –Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles
  • Universiteitsbibliotheek – Katholieke Universiteit Leuven
  • Universiteitsbibliotheek Gent
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007 (devospiet@skynet.be)

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klik op de foto

Chronologisch overzicht

Romans in boekvorm

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1975 Hoe heette de hoedenmaker? (roman) 

Omslag en typografie: Frits Stoepman gvn
Antwerpen: Uitgeverij Standaard. / Amsterdam: P.N. van Kampen.  -147p. 

Reeks: Gemini literaire paperbacks nr 40 (Glp40)
Afmetingen: 20.x 12.50 (paperback)
Druk: Smits Wommelgem
1979 Duizend jaar Thomas. (roman) 

Omslag: Robert Nix
Antwerpen-Amsterdam: Standaard Uitgeverij. -128p. 

Afmetingen: 20 x 12.50 (paperback)
Druk: Smits Wommelgem-Antwerpen
1983 De eerbied en de angst van Uri en Ima Bosch. (roman) 

Omslagtypografie: Rikkes Voss
Omslag naar De hel (rechterluik van de triptiek) De Hooiwagen van Jeroen Bosch
Foto Rikkes Voss
Antwerpen: A. Manteau. -158p. 

Reeks: Grote Marnixpockets nr 247 (gmp 247)
Afmetingen: 17.75 x 11.25 (paperback)
Druk: Smits Wommelgem-Antwerpen

 

Verhalen en één gedicht in tijdschriften en bloemlezingen

1964 `Maar in plaats van de koekoek’. (verhaal) In: Nieuw Vlaams Tijdschrift nr 2
1972 ‘Kinderen krijgen’ (verhaal) In: Nieuw Vlaams Tijdschrift, 25 (1972) 5, mei/juni, 481-493. (Ook in Paul De Wispelaere, “Vlaamse verhalen na 1965″ Manteau  1984. -480p.)
1977 ‘De witte dame’ . (verhaal) In: “Vrouwen in Vlaanderen schrijven nu : nieuwe verhalen van 22 romancières. “  /  Zele : Reinaert Uitgave. -433p.
1977 “Net iets voor Emma”. (verhaal) In: Averbodes jaarboek.
1980 “Brief” In: Kreatief  jg. 14, nr 2-3, p. 134-138. Speciaal nummer over ‘Het jongste Vlaamse proza: een stille generatie ?
1981 ‘De witte dame’ . (verhaal) In:  24 Manieren om in tranen uit te breken. Nederlandse verhalen door vrouwen over vrouwen. Samengesteld door Hannemieke Stamperius. Uitgave: Amsterdam, Bert Bakker, 1981. 279p.
1983 ‘Het zout der aarde’ (gedicht) In: ‘Roepen om de dag/Appèl au jour – Gedichten en verhalen’. Uitgave van Amnesty International.
1984 “De kleine deegtrog” (verhaal) In: Topics Magazine nr 34 van 22 augustus 1984
na 1984 ‘Treinen bij avond’ (verhaal) In: Flair. 

Verschenen na 1984.

Naschrift

Loekie Zvonik was geen dichteres, maar heeft toch één gedicht geschreven dat gepubliceerd werd. We geven het hier weer omdat het een weerspiegeling is van de toenmalige tijdsgeest

 

Voor de miljoenen doodgefolterden
Voor de miljoenen die nog leven
***
HET ZOUT DER AARDE
***
Als ons de vrijheid gegeven wordt
zullen wij dansen en springen
over de angst in het pijnhok berichten
over de stank in de cellen vertellen
onze verhakkelde handen verbergen
met parelmoer onze bochel bekleden
schoonrijden op onze kreupele voet.
Als ons het leven gegeven wordt
gaan wij Juana begraven
haar armen van de schandpaal haken
de regen op haar heupen drogen
de vliegen oogsten uit haar ogen
de mieren plukken uit haar lenden
de machetes uit haar benen halen
de coyotes scheuren uit haar buik.
Als ons een later gegeven wordt
gaan wij de spoorlozen zoeken
blinden wat zalf op de steekwonden wrijven
doven met gave gebaren verblijden
stommen een kunsttong van ijzerhard smeden
gekken bedaren en rietvlechten leren
lammen met krukken en bezems verrukken
zieken van zweten en braken genezen
wezen van vaders en moeders voorzien.
***
Als ooit de vrede geboren wordt
gaan wij met eeuwen vertraging
te eten geven wie van honger sterft
te drinken schenken wie van dorst krepeert
wat rijkdom delen met wie naakt vergaat
wat troost verlenen aan wie beul moest zijn
de doodseskaders bannen uit het land
de wetten maken in de onschuldstaat
de daden van rechtvaardigheid verbreiden
zoals de zoon der mensen in het berglied zei.