home | Inloggen
Aantal schrijvers: 555 | Aantal boeken:

15793

Walschap Alfons

ALFONS WALSCHAP

Londerzeel, 2 april 1903 – Antwerpen, 5 november 1938

Missionaris van het H. Hart, schrijver van enkele novellen en verhalen, componist van oa de zgn. Bantoe-missen

Broer van schrijver Gerard Walschap

 

BIOGRAFIE

2 April 1903: Geboren te Londerzeel als zesde van acht kinderen in het gezin Florent Walschap – Maria Peeters.  Zijn ouders baten een café annex kruidenierszaak uit.

  • Alfons Walschap was de jongere broer van Gerard, de bekende letterkundige. Dankzij onderpastoor Jan Hammenecker gingen beiden studeren aan de Apostolische School van Asse.

Volgt de klassieke humaniora, grotendeels aan het Klein Seminarie van Asse (1916-1924) met een interim wegens oorlogsomstandigheden (1917-1918) te Mechelen

INTREDE BIJ MISSIONARISSEN VAN HET HEILIG HART

Na zijn retorica treedt hij in bij de Missionarissen van het Heilig Hart.

1924:  Start van zijn priesteropleiding in het Scholasticaat van de Missionarissen van het Heilig Hart te Heverlee-Leuven.

21 september 1925: Legt zijn eerste geloften af.

  • Op het scholasticaat ontpopt hij zich als kunstenaar. Hij schrijft in het huistijdschrift  “De Toekomst” zijn eerste gedichten, speelt met zijn confraters toneelstukken door hemzelf bewerkt en realiseert als dirigent van het scholastiekenkoor opmerkelijke muziekprestaties.

21 september 1928: Legt de eeuwige geloften af

3 augustus 1930: Tot priester gewijd in de kerk van de Dominikanen te Leuven door Mgr. Lagae

NAAR DE MISSIE

12 januari 1932:  Vertrekt  aan boord van de Elisabethville als missionaris naar de Missie van Coquilhatville in de Congolese Evenaarsprovincie (heden Mbandaka)

Hij verbleef achtereenvolgens in Boënde (1932-1934), Bamanya (enkele maanden in 1934), Flandria – Boteka (1935-1936) en Bolima (1937-1938).

Walschaps relatief korte verblijf in toenmalig Belgisch Kongo leveren in diverse domeinen veelbelovende artistieke responsen op.

Op literair gebied enkele novellen en verhalen, op muzikaal gebied innovatieve religieuze gezangen met diepgaande beïnvloeding van de lokale muziekcultuur en een opmerkelijke inzichtelijk kritische noot bij wat gemeenlijk verstaan wordt onder de white man’s burden.

LITERAIRE ACTIVITEIT

December 1933: Na enkele gedichten en een kort verhaal “Broeder missionaris” in de huisbladen van de congregatie komt Walschap naar buiten in het katholieke tijdschrift Dietsche Warande en Belfort met een als ‘fragment’ aangeduide verhaal Bolalimai.

  • De kern van deze novelle behandelt het probleem van de évolué, die in de katholieke en protestantse missie boven zijn volk uitgroeit, er hooghartig op neerkijkt, en zich bij de dorpelingen wil doen gelden.

1935-1936: Walschap verblijft in de Missiepost Flandria-Boteka. Drie verhalen verschenen in het tijdschrift van de  “M.S.C. Annalen” nl.

  • In het gerechtshof van Bokala” (Annalen, 1935)
  • Schoot ik zelf die luipaard” (Annalen, 1936)
  • Bont’ oa Nkoi, de luipaardmens” (Annalen, 1936)

Bij Walschap rijpt het plan om een volledige roman te schrijven over zijn ervaringen met de mensen van de streek waar hij missionaris is.

Vanaf 1937 verschijnen er verschillende hoofdstukken van deze roman in wording die aanvankelijk als De kring sluit toe!, later als De ring sluit toe wordt aangekondigd.

1938: Publicatie van het verhaal Longwangu de smid.

  • Walschap brengt in deze verhalen begrip op voor de conflictsituatie waarin de inlandse bekeerlingen verzeild geraken, namelijk de tegenstelling tussen het traditionele, mythische wereldbeeld van de Congolees en het uitheemse christendom van de missionarissen.
  • Walschap kan daarenboven het – in onze ogen donkere mythische Afrika – evoceren als geen ander. Zijn muzikale oor laat hem ook toe om de ritmiek en de epiek van de verteltraditie over te nemen:

“De mens, de aarde, het woud, de moerassen en de stroom: het leven hier op aarde.
De voorvaderen: zij komen van ginder, van ginder ergens anders; zij zijn niet van hier ! Zij werden opgejaagd, opgedreven, door oorlog, ziekte, dood. Men stond hun naar het leven; de mens vlucht maar voor het aanschijn van de dood. Zij kwamen hier, sloegen een bres in de natuur, ontnamen het woud dit stukje aarde, en bouwden er hun dorp. Het dorp, het ligt hier; het is een rustplaats op aarde, een schuiloord voor vandaag. Voor morgen ? Wie wéét ? Wij weten het niet !”

MUZIKAAL

Walschap blijkt een scherp gevoel voor muziek te hebben. Vrij snel komt hij onder de indruk van de lokale muziektraditie en schrijft een kerst- en passiespel met veel dans en gezang in een stijl die ook de lokale bevolking zeer aansprak.

De composities worden overigens vaak in samenspraak van de deelnemende lokale koorzangers gemaakt. Zij geven aan hoe de muziek voor deze of gene gelegenheid in hun cultuur klinkt. Walschap luistert en past zijn partituur aan.

In korte tijd componeert hij zo tal van kerkelijke liederen, liturgische oratoria, een bundel Latijnse motetten in het Congolees en de eerste volledige mis in Afrikaanse stijl. Van die missen-  de zgn. Bantoemis of “messe congolaise” – zou hij er vijf hebben geschreven. Ze werden herhaaldelijk uitgevoerd, tot diep in de jaren 1950 toe.

Overigens werd bij de missionarissen van het Heilig Hart, – zoals ook bij sommige andere religieuze instituten – muziek componeren als een vorm van apostolaat beschouwd, als een manier om de westerse en niet-christelijke culturen dichter bij elkaar te brengen.

Excursie

Over zijn muziek schrijft J Spanhove msc in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator pp 197-198:

“In 1971 gaven de M.S.C. onder leiding van Albert De Rop en Joris Vlaminck, de bibliografie uit waarin de boeken en artikels door hun confraters geschreven, worden genoteerd. We halen uit deze bibliografie de reeks artikelen aan van of over het muzikale van Alfons:

  • Mis en drie liederen (Africanae Ephemerides Romanae 1938 p. 190)
  • Inheemse zang en muziek in de Nkundo-missie ( Missiologische Week Leuven 1938 p. 424)
  • Gedachten over de Negermuziek (Annalen 1939 p. 155)
  • Messe Congolaise (Edition Catholicité Lille rond 1947) – Dit is een gewijzigde naamloos uitgegeven mis.
  • La messe Bantoue (Aequatoria 1956, p. 29)
  • Douze chants indigènes sur texte latino u Lonkundo – geschreven door Paul Jans en Jules De Knop (Aequatoria 1956, p. 17)

[…]

Albert De Rop schreef in 1953 een artikel in “Zaïre” , p. 497, over de zgn Bantoe-mis, onder de titel “Kanttekeningen bij de Bantoe-mis”. De mis werd eerst uitgegeven onder de naam “Messe Congolaise”. Die uitgave was een plagiaat want het gebeurde zonder toelating van de componist P. Alfons Walschap.

Ze werd meer dan eens uitgevoerd, o a door de fraters scholastieken van de Witte Paters in de St-Michielskerk van Leuven. Het was duidelijk de mis van Alfons. Men had er de naam Bantoemis opgeplakt en weerom de naam van de auteur vergeten. De mis had echter niets met de Bantoe-stam, waartussen de Witte Paters werkten, te maken, maar wel met de stam van de Mongo of Nkundo negers. Ze moest in werkelijkheid Mongo-mis genoemd worden.

[…]

De missionarissen van het H. Hart gaven de mis opnieuw uit in 1956 in het Kongolees tijdschrift “Aequatoria”. Ze bewaarden hierbij, misschien onwijs, de naam “Messe Bantou”, omdat ze onder die titel door het plagiaat naam had gekregen. Die “Bantoe-mis” werd in België en ook in Frankrijk meermalen uitgevoerd. Zo in St-Goedele en in St-Jacob van de Coudenberg in Brussel, te Rijsel, en in de Michielskerk van Leuven enz.

Men vergat telkens de auteur te vernoemen. “

DE KOLONIALE GEDACHTE

1938: In een artikel in Zuurvrij, Berichten uit het Letterenhuis nr 35 december 2018, citeert Ruben Vanden Berghe uit een waarschijnlijk ongepubliceerd artikel (‘De ware koloniale auteur’):

“De negers zijn inderdaad anders dan wie ze zich in Europa voorstelt. Het zijn niet die wilden die men in deze oerwoudbewoners heel gaarne zou terugvinden, met veel genoegen zou herkennen, als de een of andere wilde man, die onze jeugd heeft doen schoon zijn van gedroomde avonturen. Hij is inderdaad ook niet half beschaafd, maar het is belachelijk te meenen dat hij niet beschaafd is […]. Hij is namelijk anders beschaafd.

En dat is voor den blanken indringer nog erger dan dat de neger niet beschaafd zou wezen. De botsing tusschen twee rassen met elk zijn eigen beschaving is wel heel wat dramatischer, dan dat een beschaafd ras een nietbeschaafd zou ontmoeten. De verwoesting die deze meeting hier teweeg gebracht heeft is reeds drama genoeg, om een kunstenaar werk te geven voor gansch een schrijversleven en nog. Een onuitputbare bron, is wel deze tragische vergissching, dat men meende met nietbeschaafden te doen te hebben, en dat het volstond er een Europeesch plaqué-beschaving op te lijmen.”

19 juli 1938: Keert – op doktersadvies – terug naar België omdat hij – naar later ontdekt wordt – aan een ernstige vorm van dysenterie lijdt.

Nog poogt hij zijn boek De ring sluit toe af te werken. Maar hoezeer hij zich inzet, de ziekte eist haar tol.

5 November 1938: Overlijdt in het Tropisch Instituut te Antwerpen.

 Epiloog

Het werk van Alfons Walschap blijft nog even nazinderen. Zijn religieuze composities worden regelmatig uitgevoerd tot diep in de vijftiger jaren toe.

1950: Regelmatig verschijnt een nagelaten gedicht waarvan zijn Laatste gedicht – gepubliceerd in het Nieuw Vlaams tijdschrift, 5 (oktober 1950), pp.146-148 – het meest indrukwekkende is.

1952: Zijn literair werk wordt bij uitgeverij De Sikkel verzameld uitgegeven onder de titel Het letterkundig werk van Alfons Walschap.

2003: Pater J. Spanhove msc publiceert een grondige biografie van Alfons Walschap, waarin zowel de persoon als het werk van zijn confrater grondig wordt beschreven. Het werk heeft bovendien de verdienste dat – benevens de illustraties – de brieven en literaire teksten zelf worden opgenomen, ook die teksten die in de archiefmappen zijn terechtgekomen.

Appreciatief: Wie het (beperkte) werk van Alfons Walschap leest, ervaart een fris taalgebruik en tevens een verademing. Dit is een buitenbeentje in onze koloniale literatuur. En wie even rondkijkt op het internet ziet dat Alfons Walschap misschien niet meer in de schijnwerpers staat maar zeker niet vergeten is.

MEER OVER ALFONS WALSCHAP

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Website

Referentie

  • Spanhove, J., Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator, Ascaniabibliotheek, Asse, 2003.  302 pp.; 23 x 16 cm; z-w-ill.
  • Ruben Vanden Berghe, De ware koloniale auteur. Alfons Walschap, missionaris, in: Zuurvrij, Berichten uit het Letterenhuis nr 35 december 2018, pp 13-21.

SMAAKMAKER

Laatste gedicht

Wat ik te zeggen begeer
versterft op mijn lippen,
wat ik te schrijven bedoel
ontsnapt aan mijn pen.

Zoo wil mij van langsom meer
in leegte ontglippen,
met wat ik gevoel,
ook wat ik ben.

Wat uit mijzelven treedt,
wat in mijn stem verluidt,
wat mijn gedachten kleedt,
het breekt mij niet dan lastig uit.

Het is bevreemdend ontdaan
van inhoud die kracht geeft
door zijn reden van ontstaan
die nog achteraf macht heeft.

Ik voel de oude lust niet meer,
die was wel dwaas maar zoet,
te zingen van onrustig bloed
en wat dies meer,

het oud genot, het oude zeer,
al even hoe ik ’t noem,
is het geluk, of is het doem,
of is het meer?

Het is een onontkoombre dwang
van in muziek gevangen slang,
twee oogen van een dier in ’t woud,
gevangen in een licht in ’t hout.

Het dier wordt stijf en stil.
Zaak is niet of het anders wil,
het is zoo dat ’t niet anders kan,
het is een ban, het is een ban.

Men zegt, het woord is in ’t begin.
’t Begin is wat verrukte of pijnde,
wat ik verafschuw of bemin.
Het woord komt pas aan ’t einde.

Begin is ’t beeld begrepen of gezien,
dat uit de diepten opgedoken,
zich met mijzelf vereenigt en nadien
in ’t woord gebaard wordt uitgesproken,

Ik kan mij niet meer goed
in woorden dwingen:
zij zijn te licht,
te ijdel en te dwaas,

ik hoor te diep in mij,
maar zonder woorden zingen,
ik voel uit diepten mij,
maar door een scheemrend waas

van tranen en van bloed
twee trage oogen dwingen
te staren in een aangezicht
dat mij wel huivren doet.

Het beeld van mijn vermoeden,
het doelwit van mijn wensch,
het oerbeeld van den goeden
en deernisvollen mensch.

Ik kan wat ons nog scheidt
niet lachend overwinnen,
ik ben nog niet bereid,
ik moet mij nog bezinnen

in traagheid van beleid,
opstand van mijne zinnen
tegen den schoonen strijd
met mijzelf te beginnen.

Ik ben niet wat ik lijk,
niet wat ik belijd,
niet wat ik wil,
ik vorder en wijk,
word luid en stil,
niets en wijd.

Ik weet niet wat des levens spel
anderen biedt,
ik ben de oorzaak wel
van eigen verdriet.

 

BIBLIOGRAFIE

Woordje vooraf

De bibliografische gegevens werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience –Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles
  • Piet Devos: Van reuzen tot dwergen. Bibliografie – Vlaamse schrijvers in de 20ste eeuw – Eerste drukken. Kortrijk, eigen beheer 2007
  • Spanhove, J., Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator, Ascaniabibliotheek, Asse, 2003.  302 pp.
  • Alfons Walschap | mukanda.univ-lorraine.fr

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klik op de foto.

Chronologisch overzicht

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1925-
1930
[Gedichten]

  • Jeugd-lied (1925
  • De Ervaring van de Zoekende Ziel (1925-26)
  • Gedicht [Gij zult dit maar begrijpen] 1926-27)
  • De Doler (1927-28)
  • Fluisteringen I & II (1927-1928)
  • Gebed voor nsze Vlaamse Dichters (1927-28)
  • De Moeder van de verloren Knaap zegt (1928-29)
  • Gedicht I. Op de dood van zijn zus Juliette (1928—29)
  • Gedicht II. Op de dood van mijn zus Juliette (1928-29)

 2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 73-82

In: De Toekomst, tijdschrift van het scholasticaat te Heverlee
1931 Broeder missionaris (novelle)

2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 84-89

In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart (Annalen) 42 (1931)
1933 Bolalimai, (verhaal)

1952: opgenomen in Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen pp 49-56.
2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 209-213.
2006: Franse vertaling in: Walschap (Alfons), “Bolalimai (fragment)”, in : Approches du roman et du théâtre missionnaires. Edité par Pierre Halen. Bern, Berlin, Bruxelles, Frankfurt a.M., New York, Oxford, Wien : Peter Lang, coll. Recherches en littérature et spiritualité, n°11, 206 p. ; pp.201-206.

In: Dietsche Warande en Belfort, 33 (1933), 10, pp. 822-826.

 ‘Bolalimai (Fragment) door Alfons Walschap. m.s.c.’

1933 Moma,  (verhaal)

2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 203-207

In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart (Annalen)44 (1933) pp.124-128.
1933 Bosomba, (verhaal)

1933: in Franse vertaling in: Annales de Notre -Dame du S. Coeur (Annales) 44 (1933) pp. 268-269.
1939: in: Hernieuwen 11 (1939) pp. 233-234.
2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 147-149

 

In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart (Annalen) 44 (1933) pp. 199-200;
1935 In het gerechtshof van Bokala-Yonda // Pendant mon séjour au tribunal de Bokala-Yonde. (verhaal)

2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 214-215

In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart  46 (november 1935) pp. 248; Franse vertaling in: Annales 46 (november 1935) pp.248
1936 Bont’oa nkoi, (De Luipaard-mensch // L’homme-léopard) (verhaal)

2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 163-167.

In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart  47 (1936) pp. 124-127; en in Franse vertaling in: Annales 47 (1936) pp.124-127
1936 Schoot ik zelf dien luipaard ? (verhaal)

2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator pp 216-218.

In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart  47 (1936) pp. 106-107
1937 De ring sluit toe. (verhaal)

1937: Ook in Elckerlic 3, (l937), 13, pp. 18-19; 34,16
1947: in Almanak, MSC, Borgerhout 1947, pp. 30-34.
1952: opgenomen in Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen pp 57-88.
1954: in Almanak, MSC, Borgerhout 1954  pp. 48-56

In: Dietsche Warande en Belfort 37, (1937), 2, pp. 81-88; 6, pp. 413-420; 7/8, pp. 523-524.

‘[1937/2]’, ‘De kring sluit toe! door Alfons Walschap m.s.c.’

‘De ring sluit toe door Alfons Walschap’

‘De ring sluit toe door Alfons Walschap m.s.c.’

1938 Longwangu de Smid; (verhaal)

1952: opgenomen in Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen pp 89-122.
2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 220-237.

 

In: Dietsche Warande en Belfort, 38 (1938), 10, pp. 102-105.

 ‘Longwangu de smid door Alfons Walschap m.s.c.’

1938 Tien Nkundo-rouwklachten (poëzie)

1952: opgenomen in Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen pp 127-132.
1973: Bantoe rouwklachten, Kerk en Leven november 1973, 42, p.5.
2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 245-248

In: Kongo-Overzee, 4 (1937-1938) pp. 210-214.
1938 Messe, Ave-Maria Stella, O Maria, O mon ame (religieuze muziektekst)

Disque : Société Sobedi, Gand. — Réédition : Messe congolaise à 4 voix, Éditions catholicité, Lille.

In: : J. Jans, Musique  religieuse pour indigènes, Afer, XIII, 1938, p. 169.—
1938 Inheemsche zang en muziek in de Nkundo missie. (lezing)

1939: gedeeltelijk heropgenomen : Gedachten over negermuziek, Aequatoria, II, maart, 1939, 3,  p. 25; Ann. O.-L.-Vrouw H.-Hart, juli 1939, 49° Jg, p. 155. Gedeeltelijke vertaling ; Réflexions à propos de la musique légère, Aequatoria, II, 1939, 3, p. 29;  Ann. N.D. Sacré-Cœur 1939, p. 155.
2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 265-269.

In: C. R. XVIe  Semaine de Missiologie,  Louvain, 1938, p. 424,

POSTUUM

1939 Zeven rouwklachten Likangola beweent haar zoon, door Alfons Walschap m.s.c.

1952: opgenomen in Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen pp 133-136.
2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator door J. Spanhove msc pp 249-250

In: Dietsche Warande en Belfort 1 (1939) pp.102-105.

 ‘Zeven rouwklachten Likangola beweent haar zoon door Alfons Walschap m.s.c.’

1949 Gedicht in het woud. (gedicht) In: Annalen van O.L.Vrouw van het H.Hart, 60 (1949), p.41
1950 Laatste gedicht. (gedicht)

1952: opgenomen in Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen pp 123-126.

In: Nieuw Vlaams tijdschrift, 5 (oktober 1950), pp.146-148
1951 De Aap (verhaal) In: Band, 10e jg. n°7-8, juli-augustus 1951, pp. 283-288.
1952 Het letterkundig werk van Alfons Walschap. Ingeleid en uitgegeven door Vital Celen met levensbericht door Gerard Walschap [& J. Moyens].

Bevat

Antwerpen: De Sikkel. -141 p.

Reeks: Kongo-Overzeebibliotheek, n°7.
Afmetingen: 21.80 x 16 (ingenaaid – zachte kaft)

1953 Het Woud ontwaakt (gedicht)

2003: in Pater Alfons Walschap m.s.c. Missionaris, componist, literator p. 254.

In:  Band, n°12, december 1953, p.12.
1958 Bij de dood van mijn moeder. Bij de dood van mijn zusje (gedichten). In: Almanak, (MSC, Borgerhout), 63 (1958), pp.40-41.
1966 Tropennacht (gedicht) In:  Asca Nostra,  8, (1966), p.87.
1973 Bantoe rouwklachten (poëzie) In: Kerk en Leven, 1-11-1973, n°42, p.5.
2003 Pater Alfons Walschap m.s.c. missionaris, componist, literator

Auteur: J. Spanhove msc.
Bevat: een uitgebreide biografie, brieven en alle literaire teksten van Alfons Walschap. Een diepgaande beschrijving van het muzikale werk.
Met veel documentair fotomateriaal

Asse: Uitgave “Ascaniabibliotheek” nr 71

Afmetingen: 23 x 16 (paperback)