home | Inloggen
Aantal schrijvers: 536 | Aantal boeken:

15559

Vansina, Dirk

DIRK VANSINA

vansina-0

Antwerpen, 25 mei 1894 – Leuven, 16 januari 1967

Dubbeltalent: kunstschilder en literator

Dichter van een achttal bundels poëzie , die getuigen van een diepe religiositeit verbonden met de opvatting dat de kunst, dus ook de poëzie, ‘zich als tolk van de gemeenschappelijke ziel tot het volk’ moet richten.

Redacteur van “Dietsche Warande en Belfort”(1918-1940); Beheerder en redacteur van “De pelgrim (1929-1931); Medestichter van “Volk”, maandschrift voor Dietse Kunst en Kultuur (1935-1941)

Promotor was van het Vlaamse Volkstoneel en pelgrimdramaturg bij uitstek,, dat de Pelgrim-idee vertolkt met zijn leesdrama’s “De deemstering der zielen” en zeker “De Tragedie van God en Mens”

Het hoogtepunt in het œuvre van Dirk Vansina vormen zijn essays en biografieën. Zijn werken over Pascal (1954), Hölderlin (1963) en Dostojewski (1964) kennen op dat moment in Vlaanderen hun gelijke niet. Een soort magnum opus is de biografie over zijn levenslange vriend Cyriel Verschaeve: “Verschaeve getuigt“, dat in 1955 verschijnt in Deel I van Verschaeve’s Verzameld Werk, en in 1957 als een zelfstandig boekwerk.

 

BIOGRAFIE

25 mei 1894: Dirk Vansina werd als Desiderius Vansina geboren te Antwerpen, in een kroostrijk gezin van 12 kinderen. Zijn moeder Maria Theresia van Goubergen hield een internationaal befaamd kunstborduurwerkatelier in de Keizerstraat te Antwerpen, dat gespecialiseerd was in liturgische gewaden, kerkvanen en later ook grote kunstvlaggen voor verenigingen.

Vansina studeerde handel in het Sint-Jan Berchmanscollege te Antwerpen, met de bedoeling om – gezien hij de enige zoon in het gezin was – het kunstborduurwerkatelier van zijn ouders over te nemen.

Bovendien moest hij tekenlessen volgen. Zo kwam hij terecht in het flamingantische milieu van Sam De Vriendt en diens vader ‘ere-pelgrim’ Juliaan, wat voor zijn verdere leven bepalend zou blijken te zijn.

Hij werd er klaargestoomd voor een opleiding schilderen aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten te Antwerpen in de klas van portretschilder baron Isidoor Opsomer (Lier).

Het werd zijn grote droom om een carrière uit te bouwen als kunstschilder, maar zijn ouders wilden er niet van horen. Dit conflict bracht de jonge Dirk op de rand van een zenuwinzinking en als compromis mocht hij in Brussel Oosterse en Egyptische kunst studeren.

Dat hij als tekenaar best wel talent had, mag blijken uit het feit dat hij op de wereldtentoonstelling van 1930 in Antwerpen een gouden medaille mee naar huis mocht nemen voor een reeks houtskooltekeningen.

1910: Debuteerde met enige gedichten in het vrijzinnige studentenweekblad “Carolus”;

  • “Toen ik 15-16 jaar was, publiceerde ik – gelukkig onder schuilnaam – mijn eerste Rodenbachiaanse verzen over de maagd van Vlaanderen, enfin Rodenbach op zijn allerslechtst. Die verschenen in Carolus, het weekblad der vrijzinnige studenten waar ook Fritz Francken en Paul Kenis aan meewerkten.” (J. Florquin, in: Ten huize van… 4 (1968))

WERELDOORLOG I

  • Meldde zich als oorlogsvrijwilliger tijdens Wereldoorlog I.
  • Hij leerde er kapelaan Cyriel Verschaeve kennen met wie hij een levenslange vriendschap sloot.
  • Actief in Frontbeweging: nam het initiatief, daarin gesteund door Jozef Muls, alle literatoren aan het IJzerfront te verenigen rond een tijdschrift, waardoor “Nieuw Vlaanderen” ontstond (1918); Het eindoffensief maakte dat het project niet kon worden uitgevoerd.

NA DE EERSTE WERELDOORLOG

1918: Op vraag van Jules Persijn en M.E. Belpaire werd hij redacteur van “Dietsche Warande en Belfort”, met de bedoeling het tijdschrift weer op de sporen te krijgen. Hij bleef redacteur tot aan de tweede wereldoorlog.

1918-1924: Het waren de jaren dat Vlaanderen bekend stond in de grote hernieuwing van het (katholiek) toneel en hij een promotor was van het Vlaamse Volkstoneel. Hij was medestichter en lid raad van beheer Vlaams Volkstoneel, maar om ‘ethische en esthetische redenen’ nam hij samen met Wies Moens in 1925 ontslag;

  • Vansina publiceert een vierdelig groots opgezet leesdrama “De deemstering der zielen” (‘De Dood der Chimera’s’ (1923), ‘Lenore’ (1923), ‘De Daad’(1924) en ‘De Eeuwige Verlossing’ (1924))

1920: De bundel “Louteringsvuur” – dat tijdens zijn oorlogsjaren was ontstaan – was, zoals zijn meeste werk, religieus geïnspireerd. Het is een poëzie die getuigt van een bezinning op het leven.

In J. Weisgerber en M. Rutten (redactie), Van Arm Vlaanderen tot De voorstad groeit. De opbloei van de Vlaamse literatuur van Teirlinck-Stijns tot L.P. Boon (1888-1946). Standaard Uitgeverij, Antwerpen 1988, is Prof.L. Gillet niet mals voor de poëzie van Vansina:

De poëzie van Dirk Vansina (1894-1967) is opgeschroefd, in de stijl van C. Verschaeve. Zoals uitgedrukt in Wat wij willen, het ‘Ten geleide’ bij het eerste nummer van De Pelgrim, wil zij haar wortels slaan in ‘het vergoddelijkt leven der ziel in het rumoer der aarde’. (De Pelgrim, 1e jg., nr. 1)

De jonge frontsoldaat Vansina had uit de IJzerloopgraven een bundel poëzie meegebracht: Louteringsvuur (1920), zo mogelijk nog traditioneler van structuur en tammer van uitdrukking dan de oorlogsverzen van A. van Cauwelaert, D. Boens of F. de Pillecyn. Niet alleen waren deze dichters door de vijandelijkheden afgesneden van de beweging van het Duitse expressionisme, blijkbaar waren ook de vernieuwingen van Franse zijde, ingezet met Romains’ unanimisme, ongemerkt aan de frontstrijders voorbijgegaan. Vansina’s eerste poëzie wordt ontsierd door ‘retorisch gezwam’ en overspannen beeldspraak, door slecht verteerde, in elk geval niet verwerkte reminiscenties:

O laat mij lijden, God, met hen die smartlijk lijden.
 Laat mij doorvoelen wat hun lijdend hart doorstond.
 Laat mij met hen Uw dreigende einders tegenschrijden
 Met twijfelmoede ziel en drooggeschroeide mond.

 D. Vansina, Vluchtelingen, II, in Scheppend Werk, I, Gooreind-Antwerpen z.j., blz. 13.

Of:

Mijn volk, daar uw nood mijn schoonheidsdroom kwam storen
 Werd ik als één die uit de slaap ontwaakt.

 Ibidem, blz. 14.

1929-1931: Beheerder en redacteur “De pelgrim”; (over  Het tijdschrift ‘De Pelgrim’, over  De Pelgrimbeweging – Kerknet)

Leverde als pelgrimdramaturg het omvangrijkste werk, dat de Pelgrim-idee vertolkt:   de tweede cyclus drama’s ‘De Tragedie van God en Mens’ (‘Adam’, ‘De Messias’ en ‘De Antichrist’)

  • 1931: ‘Adam’ werd in opgevoerd door de paters Augustijnen te Gent
  • 1933-1935: Fragmenten uit deze trilogie werden voorgedragen door het kunstgezelschap ‘Pogen’ op zijn rondreizen, onder leiding van Jan Stalmans.
  • De dramatische kunst van Dirk Vansina schonk toondichter Theo de Joncker inspiratie voor twee partituren voor groot orkest (fragmenten uit ‘De Messias’ en ‘Adam’), die door het orkest van het N.I.R. werden uitgezonden in 1938, 1939, 1940, 1944.

1930: Nam in Antwerpen de zaak van zijn ouders over.

1935: Medestichter van “Volk”, maandschrift voor Dietse Kunst en Kultuur, dat in 1941 door de bezetter werd opgedoekt omwille van ‘te nationalistisch’ en medewerker E. van der Hallen stond bekend als ‘te katholiek’.

Werkte een tijd in de zaak van zijn ouders tot hij verhuisde naar Gooreind, waar hij een steenbakkerij overnam.

1938: Publicatie van Het liederboek van Elckerlyc

We laten opnieuw Prof. Gillet aan het woord:

Een diepe religiositeit verbonden met de opvatting dat de kunst, dus ook de poëzie, ‘zich als tolk van de gemeenschappelijke ziel tot het volk’ moet richten, vindt haar neerslag in Het liederboek van Elckerlyc (1938). Een eigenaardig mengsel van cultuurromantiek en machtsdrang vindt uiting in een zin als: ‘Aan de scheppende ziel van zijn dichters en den arm van zijn krijgers dankt een volk zijn bestaan’.

Stug en stroef rijmt Vansina in honderden verzen ‘gemeenplaatsen’ aan elkaar:

‘Gemeenplaats / Al wat ik zal schrijven. / De aarde is oud / En mensen altijd mensen blijven’. Kreten en rijmen van het verdwaasde ik gaan er vooraf aan Liederen van groot verlangen, op hun beurt gevolgd door Geprevelde en gestamelde strofen van het bezonnen ik. Nogmaals mist Vansina hier de scheppingskracht om een overdaad aan gedachteninhoud tot dichtkunst om te vormen.

In latere bundels, Liederen van dwaas begeren (1943), Liefdes getijden (1950), Ontraadselde beelden (1951), slaagt Vansina er een enkele maal in, door meer soberheid en zelfbeperking, ook een juister aanslaan van het reëel menselijk gevoel, een bijna gaaf gedicht te schrijven, niet bedorven door grootspraak, opgestapelde eruditie, uitgestalde belezenheid en, bovenal, verbale ongebreideldheid

Een zuivre sneeuwvlok het gedicht
 Dat op mijn adem zweeft
 En van mijn leven leeft.

Ofwel:

Dit is, naakt als een open hand
Het rijk-dooraderd waterland
Van greppels en kanalen.

 

WERELDOORLOG II: 1940-1945

Gedurende de tweede wereldoorlog weigerde hij in nationaalsocialistische cultuurorganisaties actief te worden.

1940: Filips van Chieti (1940) sluit aan bij de nationalistische rage die de geheroïseerde Gulden-Sporenera verheerlijkt maar mist zowel psychologisch als dramaturgisch en scenisch ver- en uitbeelding, terwijl zelfs de lectuur gehinderd wordt door het oratorische geweld van al deze Übermenschen. (Weisgerber p. 393)

1941: Bij het eerste jaar van W.O. II schreef Vansina weer dramatisch werk, de groots opgezette Bijbelse ‘Sage van Kai-Roi’, bevattende een ‘Voorspel’, ‘Kaïn’s dood’ (1941), ‘Schilo, het zwaard’(1941) en ‘De Ark’ (1942).

NA DE OORLOG

Zijn naoorlogse werken zijn van beduidend hogere kwaliteit.

1949: Erg bevriend als hij was met priester Cyriel Verschaeve, stond hij aan wiens sterfbed in Solbad Hall (Tirol).

1951: Met de bundel Ontraadselde Beelden versobert zijn stijl. Hij slaagt erin zichzelf te beperken tot de essentie en de opgestapelde eruditie en verbale ongebreideldheid achterwege te laten. Dat levert hier en daar een redelijk gaaf gedicht op.

Het hoogtepunt in het œuvre van Dirk Vansina vormen zijn essays en biografieën.

Zijn werken over Pascal (1954), Hölderlin (1963) en Dostojewski (1964) kennen op dat moment in Vlaanderen hun gelijke niet. Vansina lukt het hier om diep in het werk en het wezen van de behandelde kunstenaar door te dringen. In de geest van zijn schilderkunst vat hij zijn geschreven portretten zo op dat de levende mens er uitkomt.

1956: Een soort magnum opus is de biografie over zijn vriend Cyriel Verschaeve: “Verschaeve getuigt“, dat in 1955 verschijnt in Deel I van Verschaeve’s Verzameld Werk.

Dirk Vansina was trouwens lid van het redactiecomité dat de uitgave van Verschaeve’s Verzameld werk verzorgde.. Hij zal voor twee delen de inhoud verzorgen:

  • 1955: Toneelwerken door Cyriel Verschaeve, onder toezicht en met een inleiding.
  • 1955: Poëzie van Cyriel Verschaeve, met inleiding en aantekeningen, alsook inleiding tot ‘Uren bewondering’.

1959: Onder leiding van Dirk Vansina werd nog een poging ondernomen om de idee van de Pelgrim een nieuw elan te geven in een aktiecomité voor de kristelijke waardigheid in de religieuze kunst. (KWRK).  In een eerste nummer van een «seizoenenreeks» publiceerde Vansina: «Wat beoogt het aktiekomitee ter vrijwaring van de kristelijke waardigheid in de religieuze kunst?» Deze brochure werd gevolgd door drie andere: «De moderne kristelijke kunst» en «Kerkebouw» door P.J.A. Nuyensen «Kunst en Mystiek» door prof.dr. L. Reypens (1960).

1960:De zoektocht van Elkerlyc” is zijn enige roman, waar echter ook tal van gedichten in voorkomen.

16 januari 1967: Dirk Vansina overleed te Leuven.

Het archief van Dirk Vansina bevindt zich in het KADOC te Leuven.

Als schilder behandelt hij voornamelijk religieuze thema’s: zijn voorbeelden zijn de symbolisten en de prerafaëlieten, vandaar ook zijn voorliefde voor de allegorie, visionaire beeldspraak;
Neo-impressionistische werken;
Nam meermaals initiatief op het domein van de kunstnijverheid (vlaggen, steenbakkerij);

Al met al zijn Vansina’s verzen de vrucht van een hardnekkig misverstand omtrent het wezen van de poëzie. De miskenning van het elementair taalkundig vakmanschap ten bate van een opvatting volgens welke poëzie uitstorting van hart en geest is, zonder de eis te erkennen van een, zij het minimale, vormgeving, maakt van de uitgebreide verzenproduktie van Dirk Vansina het schoolvoorbeeld van ontspoorde poëzie.

 

BEKRONINGEN

1928: Prijs voor Literatuur van de provincie Antwerpen;
1930: Gouden Medaille voor Schilderkunst op de wereldtentoonstelling te Antwerpen voor zijn houtskooltekeningen;
1955: Prijs Scriptores Catholici voor zijn essay over Pascal;
1957: Eerste Cyriel Verschaeveprijs van het Jozef Lootensfonds voor zijn werk “Verschaeve getuigt” (1956);
1959: Treedt op in het “Aktiecomité ter vrijwaring van de christelijke waardigheid in de religieuze kunst”;
1964: Ereteken van Ridder in de Kroonorde op de jaarvergadering van Kunstenaars voor de Jeugd.

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Websites

 

BIBLIOGRAFIE

Woordje vooraf

  • Na het chronologisch overzicht vindt u een beknopt overzicht per genre.

De gegevens van deze bibliografie werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience – Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles
  • Universiteitsbibliotheek Leuven.
  • POËZIECENTRUM vzw- Gent

Chronologisch overzicht

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1917 De kroon van doornen. Mystiek-symbolisch sinnespel. (poëzie)
1920 Louteringsvuur. Oorlogsverzen.

Met eene aanteekening van den schrijver.
Antwerpen: Buschmann. -59p.
1922 Cyriel Verschaeve. (brochure) Antwerpen: Kiliaan. -44p.

Reeks: Verhandelingen van de Algemeene Katholieke Vlaamsche Hoogeschooluitbreiding. – Antwerpen, 1908 – 1924; vol. 205.
Afmetingen: 21 x 14 (geniet)
Druk: Dirix-Van Riet (Antwerpen)
1923

1924
De deemstering der zielen. (toneel: leesdrama)

1ste cyclus leesdrama’s, hierin zijn gebundeld: “De dood der Chimera’s” (1923), “Lenore” (1923), “De Daad” (1924), “De Eeuwige Verlossing” (1924).
1961: Definitieve versie bij De zilverberk te Gooreind als deel van Scheppend werk / Vansina, Dirk. – Gooreind, 1960, currens; vol. 2 -438p.
 
 Bussum: Brandt -4 volumes
1923 De dood der Chimera’s. Toneelspel in drie bedrijven. (toneel: leesdrama)

Eerste deel van de cyclus De deemstering der zielen.
 Antwerpen: Het Vlaamsche land . -118p.
1923 Lenore

Tweede deel van de cyclus De deemstering der zielen.
Antwerpen: Het Vlaamsche land. -179p.
1924 De Daad.

Derde deel van de cyclus De deemstering der zielen.
Antwerpen: Het Vlaamsche land. -158p.
1924 De eeuwige verlossing.

Vierde deel van de cyclus De deemstering der zielen.
Leuven: S.V. Vlaamsche Boekenhalle. -130p.

Druk : Erasmus (Gent)
1927 Dostojewsky. (essay)

1963: Herwerkte versie opgenomen in Verzameld Werk, Essays Deel I Uitg. Zilverberk te Gooreind. -211p.
 Antwerpen: N.V. Leeslust. -160p.
1927 Het boek der liefde. Liefdesgedichten. (poëzie)

1928: herdruk bij N.V. Leeslust, Antwerpen.
 Vansina 3 Antwerpen: N.V. Leeslust / Eindhoven: N.V. Lecturis. -54p.

Afmetingen: 19.50 x 15.10 (ingenaaid)
Gedrukt op de persen van V. Van Dieren & Co Venusstraat, 27 – Antwerpen
1929

1931
De tragedie van God en mens. (dramatische poëzie)

2de cyclus leesdrama’s, hierin zijn gebundeld: “Adam” (1929), “De Messias” (1931), “De Antichrist” (erfzonde -en verlossingsthematiek, 1931) .
 Fragmenten hieruit werden op toneel uitgevoerd door “Pogen” (1931-1935) en NIR (1938-1944).
1929 Adam, een dramatisch gedicht.

Eerste deel van ‘De tragedie van God en Mensch’.
Antwerpen: N.V. Leeslust. -59p.
1931 De Messias. Dramatisch gedicht door Dirk Vansina.

Tweede deel van ‘De tragedie van God en Mensch’.
 Vansina 4 Antwerpen: N.V. Leeslust. -69p.

Afmetingen:21.30 x 16.70 (ingenaaid)
Gedrukt op de persen van V. Van Dieren & Co Venusstraat, 27 – Antwerpen MCMXXXI
1931 George Minne. (essay)

1963: Heruitgave in Verzameld Werk. Essays deel II Uitgeverij Zilverbek te Gooreind.
in het Duitse tijdschrift “Kunst und Dekoration”
1935 Cyriel Verschaeve.

1937: 2de druk bij uitgeverij Zeemeeuw, Brugge. -123p.
1944: 3de bijgewerkte uitgave bij uitgeverij Zeemeeuw, Brugge -140p.
Brugge: Uitgeverij Zeemeeuw. -122p.

Druk: N.V. Drukkerij Erasmus, Ledeberg/Gent. Prijs: 18 fr.
1938 Het liederboek van Elckerlyc (poëzie)

Deeltitels: Inleiding(pp.5-14); Kreten en rymen van het verdwaasde ik (pp. 15-88); Liederen van groot verlangen (pp. 89-111); Geprevelde en gestamelde strophen van het bezonnen ik (112-168).
 Vansina 2 S.l., S.n., S.a. -169p.

Afmetingen: 18.20 x 12.50 (ingenaaid)
Druk: N.V. Vonksteen, Langemark
1938 Geprevelde strophen, zijnde een onderdeel van het liederboek. (poëzie)

Deeltitels: Aan Maria (pp. 5-8); Gebeden onder het kruis (pp. 9-16); eerste reeks (pp. 17-30); Tweede reeks (pp. 31-56); Derde reeks (pp. 57 -62).
Dit is een afzonderlijke uitgave van het laatste deel uit ‘Het liederboek van Elckerlyc’
Vansina 1 Antwerpen, Vlaamsche boekcentrale, S.a.. -63p.

Afmetingen: 18.20 x 12.50 (ingenaaid)
Druk: N.V. Vonksteen, Langemark
1941 Kaïn’s dood. (leesdrama)
Eerste deel van de cyclus Sage van Kai – Roi.
Vansina 10 Brugge: Uitgeverij “Wiek op”. -102p.

Afmetingen: 19.8 x 13.4 (ingenaaid)
Druk: Desclée De Brouwer, Brugge. Prijs: 24 fr.
Van dit boek werden gedrukt, benevens de gewone oplage, 5 exemplaren op Hollandsch papier “Van Gelder en zonen” – genummerd van I tot V –
1941 Filips van Chieti. Treurspel met vlaams-nationale inslag. (toneel)
1964: Herwerkte versie in: Toneel. Scheppend werk / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 3 -363p.
1941 Het wezen der Kunst. (essay)

1963: Heruitgave in Verzameld Werk. Essays deel II Uitgeverij Zilverbek te Gooreind.
Brugge: Uitgeverij “Wiek op”. -48p.

Druk: Walleyndruk, Lange Rei 51, Brugge. Prijs: 10 fr.
1942 Schilo, het zwaard. (leesdrama)
Tweede deel van de cyclus ‘De Sage van Kai – Roi’.
 Vansina 11 Brugge: Uitgeverij “Wiek op”. -105p. Prijs: 24 fr.

Afmetingen: 19.8 x 13.4 (ingenaaid)
Van dit boek werden gedrukt, benevens de gewone oplage, 5 exemplaren op Hollandsch papier “Van Gelder en zonen” – genummerd van I tot V –
1942 De Ark. (leesdrama)
Derde deel van de cyclus ‘De Sage van Kai – Roi’.
 Vansina 9 Brugge: Uitgeverij “Wiek op”. -108p.

Afmetingen: 19.8 x 13.4 (ingenaaid)
Van dit boek werden gedrukt, benevens de gewone oplage, 5 exemplaren op Hollandsch papier “Van Gelder en zonen” – genummerd van I tot V –
1942 Albrecht Rodenbach. (bloemlezing) Diest: Kunstuitgeverij Pro Arte. -86p.

Reeks: Keurbladzijden uit de Nederlandsche letterkunde. – Diest; vol. 21
1942 Jules Persijn. (bloemlezing)

Ingeleid en samengesteld door Dirk Vansina
Diest: Kunstuitgeverij Pro Arte. -93p.

Reeks: Keurbladzijden uit de Nederlandsche letterkunde. – Diest; vol. 23
1943 Liederen van dwaas begeren. (poëzie)  Vansina 6 Brussel: Uitgeverij Steenlandt. -16p.

Reeks:   De Bladen voor de Poëzie. Jrg.7, nr.10 [eerste serie].
Afmetingen: 22.10 x14.50 (geniet)
1943 Hölderlin. (essay)

1963: Heruitgave in Verzameld Werk. Essays deel II Uitgeverij Zilverbek te Gooreind.
Brugge: Uitgave Wiek op. -242p.

Druk: Walleyndruk, Brugge. Prijs: 100 fr.
1943 Jan Van Puyenbroeck. (brochure)

Uitgegeven in opdracht van “Volk en kunst” en den “Interprovincialen cultuurdienst”
 Antwerpen: Standaard. -29p.
Reeks: Kunstenaars van heden
Druk: Van Dieren (Antwerpen)
1944 Cyriel Verschaeve. (biografie)

Derde bijgewerkte heruitgave van 1935
 Brugge: Uitgeverij Zeemeeuw. -140p.
1949 De Vlaamse primitieven. (essay)

Met 43 platen.
Leuven: Davidsfonds. -206p.

Reeks: Keurreeks / Davidsfonds. – Leuven; vol. 42.
1950 Liefde’s Getijden. (poëzie)  Vansina 5 Brugge: Uitgave Wiek op. -72p.

Afmetingen:21.70 x 13.70 (ingenaaid)
Colofon: De bundel “Liefde’s getijden” werd in het voorjaar negentienhonderd vijftig gedrukt en voor de eerste maal uitgegeven door de uitgeverij “Wiek op” te Brugge en in haar opdracht gedrukt op de persen van de drukkerij Vonksteen te Langemark.
1951 Ontraadselde beelden. (poëzie) Antwerpen: Die Poorte. –58p.
1954 Pascal. (essay)

Omslagillustratie: Paul Ausloos.
1963: Heruitgave in Verzameld Werk. Essays deel I Uitgeverij Zilverberk te Gooreind.
Antwerpen: Sheed & Ward. -264p.

Druk: Govaerts, Deurne.
Er is ook een uitgave bij Brand nv te Bussum:. -259p.
1957 Verschaeve getuigt. (biografie) Brugge: Uitgeverij De Zeemeeuw. -877p.

Afmetingen: 23 x 15 (gebonden met stofomslag)
1958 De zoektocht van Elkerlyc. (roman)

Scheppend Werk Dirk Vansina Deel IV
Gooreind: De zilverberk. -435p.
1960 Cyriel Verschaeve als beeldhouwer. (monografie) Brugge: Uitgave Wiek op. -62p.

Druk: Lannoo Tielt.
1960 Wat beoogt het aktiekomitee ter vrijwaring van de kristelijke waardigheid in de religieuze kunst? (brochure) Antwerpen: Aktiekomitee K.W.R.K. -16p.

Reeks: De seizoenen. – Antwerpen; vol. 1: 1
1961 Poëzie.

Scheppend Werk Dirk Vansina Deel I
 Gooreind: De zilverberk / Antwerpen: Standaard Boekhandel. -425p.
1960

1964
Verzameld scheppend werk en essays (6 dln) Gooreind: De zilverberk
Essays

1960: Pascal. Dostojewski. Essays / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 1 531p
1960: Hölderlin. Het wezen der kunst. George Minne. Essays / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 2-375p.

Scheppend werk

1961: Poëzie. Scheppend werk / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 1 -425p.
1961: De deemstering der zielen. Scheppend werk / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 2 -438p.
1964: Toneel. Scheppend werk / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 3 -363p.
1960: De zoektocht van Elckerlyc. Scheppend werk / Vansina, Dirk. – De zilverberk, Gooreind; vol. 4 -435p.
Vansina 8
1966 De liefde leeft. (poëzie – bloemlezing)

Foto auteur: Foto Daniel, Oostrozebeke.
Verantwoording: De verzen werden naar het behandelde thema ingedeeld. Ze werden afgedrukt naar de definitieve tekst zoals hij werd vastgelegd in: Scheppend werk en Essays. Behalve dan de gedichten op blz. 10, 12, 14, 44, 53, 65, 67, die werden ontnomen aan ‘De zoektocht van Elckerlyc’ en dit op blz. 11   dat uit de ‘Deemstering der Zielen’ (deel II) werd gelicht, zal men ze in Poëzie I terug vinden. Er werd geen dramatische poëzie opgenomen.
 Vansina 7 Hasselt, Uitgeverij Heideland pvba. -77p.

Reeks: Poëtisch erfdeel der Nederlanden nr 47
Afmetingen:18 x 10.80 (pocket)

 

BEKNOPT OVERZICHT PER GENRE

 

Verzameld scheppend werk en essays (6 dln) (1960-1964)

Verzen

  • 1920: Louteringsvuur
  • 1927: Het boek der liefde, een herdruk verscheen in 1928)
  • 1938: Het liederboek van Elckerlyc.
  • 1938: Geprevelde strophen, zijnde een onderdeel van het Liederboek.
  • 1943: Liederen van dwaas begeren
  • 1950: Liefde’s getijden
  • 1951: Ontraadselde beelden
  • 1961: Poëzie.

Dramatische poëzie

  • 1917: De kroon van doornen. Mystiek-symbolisch sinnespel. Definitieve versie in Poëzie 1961.
  • 1929: De tragedie van God en mens, I. Adam.
  • 1931: De tragedie van God en mens, II. De Messias
  • 1931: De tragedie van God en mens, III. De Antichrist.
    • In 1964 verscheen een herdruk in Scheppend Werk, Deel III, met een herwerking van De Messias en een nieuwe versie van De Antichrist.
  • 1941: Sage van Kai Roi, I. Kaïn’s dood.
  • 1942: Sage van Kai Roi, II. Schilo, het zwaard
  • 1942: Sage van Kai Roi, III. De Ark.
    • In 1961 verscheen een herdruk in Scheppend Werk, Deel I, Poëzie.
  • 1964: Philips van Chiëti in Scheppend Werk, Deel III, Toneel.

Roman

  • 1960: De zoektocht van Elkerlyc, bevat een groot aantal gedichten.
    • Eerste boek: De onvolwassen mens (pp.9-106)
      Tweede boek: De tuchteloze mens. (pp.107-178)
      Derde boek: Mens en medemens. (pp.179-300)
      Vierde boek: Mens en godmens. (pp.301-427)

Leesdrama

  • 1923: De deemstering der zielen, I. De dood der Chimera’s
  • 1923: De deemstering der zielen, II. Lenore
  • 1924: De deemstering der zielen, III. De Daad
  • 1924: De deemstering der zielen, IV.De eeuwige verlossing.
  • In 1962 verscheen een herdruk in Scheppend Werk Deel II.

Essays

  • 1924: Dostojewski
  • 1935: Cyriel Verschaeve, een tweede druk verscheen in 1937, een derde in 1944.
  • 1941: Het wezen der kunst.
  • 1942: Hölderlin Een herwerkte herdruk verscheen in 1965 in Essays II.
  • 1950: De Vlaamse Primitieven.
  • 1955: Pascal Een herdruk verscheen in 1963 in Essays I
  • 1955: Verschaeve getuigt, in Deel I van Verschaeve verzameld werk. In 1956 verscheen een afzonderlijke publicatie.
  • 1959: Verschaeve als beeldhouwer
  • 1963: Dostojewski (herwerkte versie opgenomen in Essays I)
  • 1965: Het wezen der kunst, in Essays II
  • 1965: George Minne, in Essays II

Brochures

  • 1922: Cyriel Verschaeve
  • 1943: Jan van Puyenbroeck
  • 1951: Bindtekst IJzerbedevaart (verslagboek)
  • 1960: Wat beoogt het Aktiekomité ?

Keurbladzijden en bloemlezingen

  • 1938: Poëzienummer van het tijdschrift Volk (in samenwerking met Karel Vertommen)
  • 1942: Jules Persijn
  • 1942: Albrecht Rodenbach

Tekstuitgaven

1943: Jozef Muls’ werk (Bloemlezing gepubliceerd ter gelegenheid van Muls 60ste verjaardag)

Ingeleid door Jan Hallez en Dirk Vansina met een bibliographie door Rob. Roemans
Ontwerp bandversiering: Hooger Nationaal Instituut voor Architectuur en Sierkunsten
Diest: Kunstuitgeverij Pro Arte. -541p.
Afmetingen: 24 x 16 (gebonden – harde linnen kaft)
Colofon:
Dit boek werd samengesteld ter gelegenheid van den 60en verjaardag van Prof. Dr. Jozef Muls, als blijk van dank en waardeering voor de groote diensten welke hij aan ons volk bewees, door zijn rustelooze arbeid, zijn geschriften, lessen en voordrachten, zijn raad en leiding, alle uiting van zijn nobel hart en van zijn rijk talent.
Aan deze uitgave verleenden hunne medewerking:
Jan Hallez en Dirk Vansina, door het schrijven der inleidende studies en het samenstellen van de bloemlezing; R. Roemans, door het opmaken der bibliographie; het Hooger Nationaal Instituut voor Architectuur en Sierkunsten, door het ontwerpen van de bandversiering; de drukkerij De Vos-Van Kleef, Antwerpen, voor het verzorgen van den druk; Jos Philippen, Dir. Van “Pro Arte” door het waarnemen van de leiding dezer uitgave.
In ’t jaar onzes Heeren MCMXLII

1954-1961: Cyriel Verschaeve Verzameld Werk (8 delen), als lid van het redactiecomité voor:

  • 1955: Toneelwerken door Cyriel Verschaeve, onder toezicht en met een inleiding
  • 1955: Poëzie van Cyriek Verschaeve, met inleiding en aantekeningen, alsook inleiding tot Uren bewondering.