home | Inloggen
Aantal schrijvers: 532 | Aantal boeken:

15464

Gijssels Willem

Maakt deel uit van: ,

Willem GIJSSELS

gijssels-0a
ca. 1918 foto Richard Lhonneux,[Letterenhuis]

Dendermonde, 23 april 1875 – Antwerpen 5 februari 1945

Liederdichter en lyricus, gelegenheidsdichter, librettist en vertaler

Gijssels was vooral een man van het gelegenheidsgedicht. Hij schreef er honderden, zowel op de dag van Borms’ veroordeling in 1919 (ps. W. Strybits) als voor de opening van de Antwerpse Scheldetunnels in 1933; in het Antwerpse satirische weekblad Tybaert de Kater (1890-1960) had hij als Salamander een berijmde ‘column’.

Hij schreef cantates  ter herdenking van Hendrik Conscience in 1912, getoonzet door August de Boeck, en van Albrecht Rodenbach in 1931, op muziek van Jef van Hoof.

Hij schreef het Lied van het Algemeen Nederlandsch Verbond, getoonzet door Emiel Hullebroeck in 1908, het lied van de IJzerbedevaarten O Kruis van den IJzer, getoonzet door Jef van Hoof in 1924, het Staplied van den Vlaamschen Toeristenbond, getoonzet door Renaat Veremans in 1931, en de liederen, eveneens op muziek van Veremans, voor de eerste Vlaamse films van Jan Vanderheyden, De Witte (1934) en Uilenspiegel leeft nog (1935).

Pseudoniemen: Willy Wielants, W. Strybits, Salamander

BIOGRAFIE

23 april 1875: Geboren te Dendermonde, als één van de negen kinderen van een marmerhouwer. Zijn moeder Constantia Hiel, stierf in 1882, zijn vader op 26 augustus 1888.

Tijdens de ziekte van zijn vader verbleef de familie te Appels bij Dendermonde. Willem werkte er op het land.

Na de dood van vader trokken de kinderen naar Brussel.

1889-1891:  Middelbaar onderwijs te Brussel.

  • Hij had er de Vlaamsgezinde Limburger Jan Matthijs Brans als leraar. Brans was tevens medestichter van het literaire genootschap De Distel (‘stekelig maar niet hekelig’)
  • Zijn oom langs moederszijde Emmanuel Hiel was ook lid van De Distel.

1892: Van leerjongen in een kunstbloemenzaak werd hij nu klerk bij de Great Eastern Railways te Brussel.

Al spoedig zou hij een tijdlang als ‘junior clerk’ naar Londen worden gestuurd om er o m als tolk in Liverpool Station te fungeren.

  • In Engeland schreef hij het gedicht Vlaanderen (’t Zijn weiden als wiegende zeeën), dat in 1912 door Renaat Veremans op muziek werd gezet, en in Vlaanderen zeer populair zou worden. Het werd in 1928 in de bundel Zij zingen

Bij zijn terugkeer te Brussel bleef tot in WO I beambte bij de Britse spoorwegmaatschappij.

1893-1895: Onder de schuilnaam Willy Wielants publiceerde hij verschillende gedichten in lokale bladen zoals de Gazette van Dendermonde, het liberale Turnhoutse weekblad De Waarheid (1895); het geïllustreerde Brusselse weekblad Vlaamsch en Vrij (1893)

1897-1909: Vrij snel werd hij door de jonge Antwerpse groep – Lode Baekelmans, Ary Delen, Jan Eelen, Victor Resseler, Leo van Rien e a – ingepalmd en publiceerde hij verzen in de Antwerpse bladen Onze Vlagge (in 1897), Alvoorder (in 1900), Ontwaking (van 1903 tot en met 1909) en in het Utrechts Antwerpse blad Nieuwe Arbeid (in 1903-1904). In 1903 zal hij ook nog enkele gedichten afstaan aan het tijdschrift Vlaanderen van Herman Teirlinck.

1900: Werd lid van het Brusselse literaire genootschap De Distel.

16 november 1901: Trouwde met Adelina Lauwens uit Brussel. Haar zus Mathilde zou het jaar nadien Herman Teirlincks eerste vrouw worden.

1903: Medestichter van de kunstkring Doe Stil Voort, waar o a Felix De Boeck zijn eerste artistieke contacten opdeed.

  • Deze kring heeft een bijzondere geschiedenis. Ze werd ontbonden vlak voor het uitbreken van WO I. In 1912 was Gijssels wegens flamingantisme reeds uit de kring gezet.
  • In 1917 werd de kring – onder bescherming van de Raad voor Vlaanderen – heropgericht onder impuls van een aantal kunstenaars als Felix De Boeck, Prosper De Troyer, Victor Servranckx : Jan Cockx, Jos Leonard, Jozef Peeters, en Edmond Van Dooren.. Het voorzitterschap van de nieuwe Doe Stil Voort werd toevertrouwd aan Willem Gijssels.
  • Dit met Duits geld gefinancierde activistische initiatief had niet de bedoeling om te breken met de vooroorlogse Vlaamse cultuur, maar als een soort ontmoetingsruimte te fungeren waar traditionalisten en modernisten de contouren voor een gezonde Vlaamse cultuur konden uittekenen, als alternatief voor de als decadent beschouwde Belgische cultuur uit de vooroorlogse jaren.
  • In 1918 werd de vereniging ontbonden. Gijssels moest op de vlucht voor de Belgische repressie.
  • Jozef Peeters zou vanaf september 1918 de meest moderne stroming uit Gijssels’ kunstkring (Edmond van Dooren, Emiel Mayeux, Alfons Marchant en even later ook Felix de Boeck en Prosper de Troyer) in de nieuw opgerichte Kring ‘Moderne Kunst’ rond zich verenigen.

1903: Publicatie van zijn eerste dichtbundel Wandelingen.

  • Pas een kwarteeuw later 1927 verschijnt de tweede en derde bundel Van bos en bomen en In 1928 verschijnt Zij zingen, een verzameling kindergedichten. Zijn laatste bundel Leven en droom verschijnt in 1935.

1904: Betrokken als stichtend lid – samen met o a de componist Arthur Wilfort en zanger Floris T’Sjoen –  van de Vlaamsche Muziekschool (nadien Wilfort-Muziekschool genoemd), ook was hij actief – ook met Arthur Wilfort – bij muzikale initiatieven zoals de uitgave van Het Vlaamsche Lied, en de liederavonden voor het volk.

27 november 1911: Bezoek van Koningin Wilhelmina van Nederland aan de Grote Markt te Brussel. Als protest dat alles in het Frans zou verlopen ontrolde zich vanaf het Vlaamsch Huis (Grote Markt nr 16) een groot spandoek met daarop de tekst: Spreek uw taal. Blijkens getuigenissen een idee van Gijssels.

1914-1918: Tijdens Wereldoorlog I bleef Gijssels niet passief in de Vlaamse Beweging.

15 november 1915: Open brief gericht aan de Koning van het Nationaal Vlaamsch Verbond, ondertekend door A.J. de Vos als voorzitter en Willem Gijssels als ‘schrijver’.

  • Het Verbond – sinds 1891 actief als bovenpartijdige studie- en actiecomité van de Vlaamsgezinden – protesteerde hiermee tegen de administratieve sancties die tegen de in Nederland verblijvende activisten René de Clercq en Antoon Jacobs bij Koninklijk Besluit waren uitgevaardigd.
  • De Clercq was ontslagen als leraar aan het atheneum te Gent en Jacobs was geschrapt van de lijst van kandidaat-leraren.
  • Het Vlaamsch Nationaal Verbond schreef: “België zal op dualistische of federatieve voet heringericht worden met afzonderlijk zelfbestuur voor Vlaanderen en Wallonië of het zal niet langer leefbaar blijken. Caveant Consules!”

gijssels-3    gijssels-4

Oktober 1916: Nam van Oktaaf Steghers de redactie over van het uitgesproken flamingantische blad Vlaamsch Leven – ‘Zelfstandig Vlaamsch Geïllustreerd weekblad’(1915-1918)

gijssels-8

  • Het blad bracht regelmatig verslag over de vernederlandsing van de Gentse Universiteit, de Vlaamse werking in het krijgsgevangenkamp te Göttingen en publiceerde voortdurend artikelen over Vlaanderens grootheid.
  • Niet onvermeld mag blijven dat het blad ook de literaire verzamelplaats was van bijna alle debuterende jongere dichters van die tijd: Victor J. Brunclair, Gaston Burssens, Marnix van Gavere, Marnix Gijsen, Armand W. Grauls, Raymond Herreman, Karel Leroux, Joannes Marijnen, Alice Nahon, Paul van Ostaijen, Maurice Roelants, Urbain van de Voorde, Frank van den Wijngaert en anderen.

Maart-april 1917: Kroonde zich tot voorzitter van de heropgerichte kunstkring ‘Doe Stil Voort’ (zie hoger)

  • Leestip: Dennis van Mol, Willem Gijssels doet stil voort. De activistische droom van een ‘gezond’ Vlaanderen en de ontwikkeling van een artistieke voorhoede. In: Zacht Lawijd,  jg. 14 nr 3, Juli/augustus/september 2015 pp 71-92.

1918: Gijssels moest de wijk nemen naar Nederland, om vervolging voor activisme te ontkomen. Hij trok naar Den Haag, waar hij als proeflezer van het Frans- en Engelstalige dagblad La Gazette de Hollande en met privé-lessen Frans aan de kost moest zien te komen.

1921-1931: Eind 1921 kwam hij berooid terug in Antwerpen, waar hij klerk bij een scheepvaartbedrijf werd.

1 augustus 1931: De Antwerpse socialistische schepen Willem Eekeleers deed hem – op voorspraak van Emmanuel de Bom – aanstellen als tijdelijk bediende bij de Stadsbibliotheek.

7 januari 1933: Op de Antwerpse gemeenteraad wordt beslist tot de oprichting van een nieuw museum  – dat even later Museum van de Vlaamsche Letterkunde zal heten. Gijssels wordt belast met de inventarisatie van alle tot hiertoe aan het virtuele instituut geschonken bezittingen.

gijssels-0

Lode Baekelmans, geflankeerd door zijn naaste medewerkers Willem Gijssels (links) en Leo van Riel (rechts). 1933.

1933-1944: Werkte in het Museum samen met Lode Baekelmans en later, toen Baekelmans in 1937 algemeen bestuurder werd van de overkoepelende Stadsbibliotheek, met Ger Schmook. Zijn rol als oproerkraaier in de jaren tot de Eerste Wereldoorlog ruilde hij in voor een functie achter de schermen. Een decennium lang zou hij een steunpilaar zijn voor het Letterenmuseum.

1935: Opvoering van de opera Mater Dolorosa gecomponeerd door een jonge Daniël Sternevelt op een libretto van Willem Gijssels

  • Het libretto bevond zich al die jaren in het bezit van Paul Gilson die, ontgoocheld door een systematische tegenwerking, lang over zijn creatief hoogtepunt heen was en niet meer de moed kon opbrengen om nog een opera te produceren. Daarom gaf hij het door aan zijn toenmalige leerling. Sternefeld begon aan het werk in 1932 en voltooide de partituur op 29 december 1934.
  • Na de creatie werd Mater Dolorosa nog uitgevoerd tijdens concertante uitvoeringen in de radio in 1939 en in 1967, terwijl de K.V.O. het stuk scenisch opnieuw opvoerde in 1968. Telkens gebeurde dit onder leiding van de componist zelf. Het libretto werd vertaald in het Frans door Michel de Ghelderode en in het Duits door Hans Esdras Mutzenbecher, de regisseur van de première. Toch werd het werk waarschijnlijk nooit in andere talen gezongen.
  • Voor uitvoeringen en discografie: http://www.worldcat.org/oclc/811254366/editions?editionsView=true&referer=di
  • Over de opera zelf:  Sternefeld, Daniël | Studiecentrum voor Vlaamse Muziek

11 december 1944: Geschorst door burgemeester Camille Huysmans, omdat hij tot de begunstigden had behoord van de ‘Commissie tot uitvoering van de herstelverordening van 6 september 1940’ (de zgn Bormscommissie).

  • De doelstelling van deze commissie, opgericht door de Militaire Bevelhebber in België en Noord-Frankrijk en genoemd naar haar voorzitter August Borms, die op 12 april 1946 wegens collaboratie zal worden gefusilleerd in de rijkswachtkazerne te Etterbeek,  was schadevergoeding en herstel in rechten toe te kennen aan gewezen activisten uit de Eerste Wereldoorlog. Gijssels meende aanspraak te kunnen maken –overigens met positief resultaat – op dergelijke rehabilitatie.

5 februari 1945: Overlijden van Willem Gijssels.

Epiloog

1953: De naam van de geschorste ‘tijdelijke’ bediende werd gegeven aan een nieuwe straat op de Antwerpse Linkeroever.

1955: Zijn graf werd overgebracht naar het Erepark van de begraafplaats Schoonselhof.

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Website

Referentie

  • Ludo Simons, Willem Gijssels inleiding bij Een vedel in den avond , Poëtisch Erfdeel der Nederlanden vol 78, Uitgeverij Heideland, Hasselt. 1972 (pp5-14)
  • Gwennie Debergh, Lof van het stof. Een geschiedenis van het AMVC Letterenhuis. Uitgeverij Meulenhoff/Manteau, Amsterdam/Antwerpen, 2008. 351p.
  • Dennis van Mol, Willem Gijssels doet stil voort. De activistische droom van een ‘gezond’ Vlaanderen en de ontwikkeling van een artistieke voorhoede. In: Zacht Lawijd,  jg. 14 nr 3, Juli/augustus/september 2015 pp 71-92.

SMAAKMAKER

Uit Wandelingen (1903)

Langs nevelwanden heeft nieuwsgierigheid
Mij in beminde dromen stil gedragen;
Oplijnend stonden al de beelden daar
Van ’t noodlot als zovele hinderlagen.

Uit schemerdiepte naar een vlammenveld
Ben ik met vlijt en blijde drift geklommen;
het zongoud trilde door het wijd gezang,
Waarin spring-jeugdig aarde en hemel zwommen.

’t Geluk is daar, nu voort! – Een bijster spoor
En wist ik van den rechten weg te scheiden;
Een woord, een wenk, de schaduw eens gedachts
vermochten mij langs allen kant te leiden.

Mij, dolaard met een onberekend doel,
Is ’t zwerven, drift uit weerloosheid, geboren.
Gedachten, gezangen, vond ik hier en daar
Als halmen op mijn wandelweg verloren.

Doet ‘wandelingen’ mij den zoeten troost
Voor leed, de erinnering aan vreugd gewinnen!
een vrij gemoed mocht zingen…en mijn oogst
Of ’t storme thans, mijn halmenoogst is binnen!

Vrouwenlippen (uit Liederen 1927)

Hoe glad de vrouwenlippen
De woorden glippen,
Woorden als lenterozen
Die geuren, fleuren en kozen.

Woorden vol geheimen
Die tevens vleien en vlijmen
Verlichten en verduisteren
De zielen die ernaar luisteren.

Marleentje (uit Liederen 1927)

Ik pakte dat Marleentje al bij der hand;
Marleentje, Marleentje vond dat plezant
Ze liet zich leiden
langs groene weiden.
Och! Wat zijn er toch meisjes in ’t land!
Als mijn Marleentje, Marleentje, Marleentje,
Zo is er maar eentje!

Ik kuste dat Marleentje op hare mond;
Marleentje, Marleentje, vond dat gezond;
Ze zou niet geren
Zich tegenweren.
Och! Wat lopen er meisjes in ’t rond!
Als mijn Marleentje, Marleentje, Marleentje,
Zo is er maar eentje!

Ik trouwde met Marleentje niet lang nadien;
Marleentje, Marleentje, werd geern gezien.
Dra zong mijn vrouwken
Een douwriedouwken
Ja, er zijn er veel schoner misschien!
Als mijn Marleentje, Marleentje, Marleentje,
Zo is er maar eentje!

Ik wilde dat Marleentje niet sterven kon;
Marleentje, Marleentje is mijne zon.
Want viel ik zonder
Ik ging ten onder;
Geen meisje wie ik mijn harte nog jon
Als mijn Marleentje, Marleentje, Marleentje,
Zo is er maar eentje!

 

BIBLIOGRAFIE

Woordje vooraf

De bibliografische gegevens werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience –Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles
  • POËZIECENTRUM vzw – Gent

Om de foto’s in de fotogalerij te vergroten klik op de foto

Chronologisch overzicht

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
 1903  Wandelingen. (poëzie)

Deeltitels: Wandelingen. Eerste reeks; Regenintermezzo; Wandelingen. Tweede reeks; Nachtmijmering; Liederen
 gijssels-5  Antwerpen: De Nederlandsche boekhandel /Amsterdam: Veen.  -184p.

Afmetingen: 21 x 15.50 (ingenaaid)
Gedrukt op de persen van J.-E. Buschmann te Antwerpen.
 1927  Van bosch en boom. (poëzie)

Siering van Alb. Daenens.
Platen gesneden door Albert Daenens in 1918
Deeltitels: Het beloken hofken (pp 9-18); Van bosch en boom (pp 19-108); Het woud (pp 109-121).
 Gijssels 9  Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel.  -127p.

Afmetingen: 19.60 x 14.80 (ingenaaid)
Colofon: Dit boek is gedrukt op de persen der drukkerij ‘HOOGER OP’ Helmstr. 87 Borgehout bij Antwerpen in April negentien honderd zeven en twintig.
1927  Liederen. (poëzie)  Antwerpen : Gust Janssens, druk. -140p.
1928  Zij zingen. (poëzie)

Teksten met lettervignetten gedrukt in een kader in verschillende kleur
gijssels-1  Brussel: J. Meuwissen. -194p.

Drukk. J. Félix.
Afmetingen: 25.50 x 19.50
Elektronisch beschikbaar:
Willem Gijssels, Zij zingen · dbnl
1935 Leven en droom. Liefdelyriek. (poëzie)  gijssels-6 Den Haag:  Zuid-hollandsche Uitgeversmaatschappij. -99p.
1936 De krekel en de mier: spel voor kinderen (jeugdtheater)

Omslag met illustratie in kleur van Jan Waterschoot.
Antwerpen: Uitgeverij Jos Janssens. -16p.

Reeks: Tooneelfonds Jos. Janssens. – Antwerpen; vol. 662.
Afmetingen: 19.50 x 12.50 (Gebrocheerd, met geïllustreerde uitgeversomslag in kleur)
1936 Het klooster. (toneel)

Oorspronkelijke auteur: EMILE VERHAEREN Oorspronkelijke titel: Le Cloître. (1900)
In het Nederlandsch nagedicht door Willem Gijssels.
(Naar den veertiende druk in 1927 uitgegeven door de “Mercure de France”)
 Verhaeren 45 Antwerpen: Uitgeverij Jos Janssens. -66p.

Afmetingen: 20 x 15
Reeks: Vlaamsche tooneelverzameling van Lodewijk Janssens . reeks voor gemengde rollen ; 16 Nota: « Het Klooster » werd opgevoerd door de K.N.S. te Antwerpen op 31 april 1927. De vertaling was van Willem Gijsels.
Ook in september 1935 de Koninklijke
Vlaamschen Schouwburg te Brussel in een regie van Gust Maes.
1941 Willem Gijssels . LXV Stemmen over den dichter in bonte volgorde (door de tijdsomstandigheden onderbroken)  gijssels-2 Delplace, Koch & Co – Het Tooneel Antwerpen 1941 -24p.

Overdruk uit “HET TOONEEL” 23 april 1940

 POSTUUM

1972 Een vedel in den avond. (anthologie)

Verzameld en ingeleid door Ludo Simons;
Bevat gedichten uit de bundels: Wandelingen; Tybaert de kater (jg 1922); Van bos en boom; Liederen; Zij zingen; Leven en droom
 gijssels-7 Hasselt: Uitgeverij Heideland. -79p.

Afmetingen: 18 x 10.70 (pocket)
Reeks: Poëtisch Erfdeel der Nederlanden vol. 78