home | Inloggen
Aantal schrijvers: 536 | Aantal boeken:

15559

Bayar, Maris

Maris Bayar

Borgerhout, 1937

Dichteres

Ze was redactrice van de literaire tijdschriften Trap en Radar, beheerde samen met Tony Rombouts: de uitgeverij Contramine, het driemaandelijks literair-kritisch en informatief tijdschrift Trap. Beiden stichtten de Trap-prijs voor poëzie.

« Het werk van Bayar en Rombouts […] is een extreem van ‘écriture artiste’, een verfijnd esthetisch spel op de rand van de kitsch, maar gepresenteerd en wellicht ook beleefd alse en houding van artistiek verzet, een ‘contramine’ van schoonheid ». (Hugo Brems en Dirk De Geest)

 

BIOGRAFIE

1937 : Marie Thérèse Fernanda Léonie Bayar, geboren in 1937 1937 in de volkse wijk  Berchem-Groenenhoek uit een Kempense moeder en een Waalse vader.

1951: Tot haar veertien jaar genoot ze  katholieke opvoeding bij de Zusters Apostolinnen, maar gaf in het begin van de jaren zestig onder invloed van de oosterse mystiek haar geloof op.

Dan volgen 5 jaar haartooi, inbegrepen een jaar bijzondere vervolmaking.

1956-1966: Beheert een kapperszaak in Wilrijk.

1957: Trouwt met een kleinzoon van Majoor Albert, opper-rijmeester van koning Albert. Een dochter wordt geboren: Pascale Albert.

1959: Het huwelijk wordt ontbonden.

1962: Ontmoet de Joodse student diplomatie en flamenco-gitarist Maurice Rosenfeld met wie ze drie jaar samenwoont.

  • Onder invloed van filosofische werken en oosterse mystiek geven beiden hun oorspronkelijk geloof op. Beiden bekeren zich tot het boeddhisme, wat bij haar zal evolueren naar zen-boeddhisme.
  • Deze periode leidt tot verinnerlijking van haar verzen die langzaam sterk genoeg worden om gepubliceerd te worden.

In 1965 loopt de verhouding stuk. Rosenfeld vertrekt als diplomaat naar Madagaskar. Toch blijven ze verder corresponderen en hij moedigt haar aan om te blijven schrijven. Ze publiceert in eigen beheer Ik laat mijn hoevetje dansen

1965: Bayar ontmoet de dichter en Pink Poet Hughues C. Pernath en heeft met hem een korte relatie van enkele maanden die voor haar doorslaggevend is op het gebied van poëzie. Pernaths gedichten doen haar besluiten op de literaire weg verder te gaan.

1966: Ontmoet de dichter Tony Rombouts met wie ze acht maanden later trouwt. Rombouts introduceert haar in Antwerpse kunstenaarskringen. Ze geeft haar kapperszaak op om zich volledig aan het dichterschap te wijden.

1967: Publiceert haar eerste bundel, De deur die gesloten bleef, uitgegeven door Adriaan Peel (1927-2009) in de thans gezochte Lepelreeks.

1968: Een jaar later verschijnt Zachte bodem bij Stuip, een tijdschrift uitgave onder beheer van Tony Rombouts. Haar gedichten waren verrassend, speels ingesteld op de taalwerkelijkheid. In het koor van de soms zwaar existentiële ernst van de (neo)- en/of (post)-experimentelen klonk de toon van haar gedichten verfrissend, ludiek en luchtig.

1970: Wordt een tweede dochter geboren, Iris Rombouts. In 1985 gaan Rombouts en Bayar na 19 huwelijk uit elkaar.

  • Vanaf 1973 wordt het salon van Maris Bayar en Tony Rombouts een vertrouwde, drukbezochte ontmoetingsplaats.

Bayar en Rombouts  stichten hun eigen private press: Contramine.

  • Op de legendarische Original F. M. Weiler’s Liberty National degelpers met pedaalaandrijving, een gevaarlijk XIX de eeuwse gietijzeren gevaarte, worden met benedictijns geduld tientallen dichtbundels uitgegeven.
  • De Pink Poets publiceerden er 7 bundels (twee bundels van Spillemaeckers, een van Bartosik, een van Conrad en drie van Jespers), naast 7 bundels van Maris Bayar en zes van Rombouts zelf.  De overige gepubliceerde bundels vloeiden uit de pen van een nogal heterogeen gezelschap, gaande van gezworen experimentelen als Peel, Ben Klein en Dirk Claus tot figuren uit de Radar-kring (Jan van der Hoeven, Hendrik Carette, Renaat Ramon) en dichters als Joris Denoo, Wilfried Adams, en Lucienne Stassaert.

Tussen 1973 en 1986 publiceert Maris Bayar tien bundels.

  • Haar bundels vormden een soort verhuld intiem dagboek en verwijzen haast zonder uitzondering naar concrete, reële situaties die voor de oningewijde lezer niet altijd even toegankelijk zijn. Zij onthult immers vooral door te verhullen. Ze kapselt zich in een aantal feilloze afweermechanismen (of overlevingsstrategieën) in: alles wat de eigenste eigenheid van haar innerlijk leven kan raken of aantasten, glijdt meteen af over het harnas van haar eenzelvigheid.
  • Woorden zijn voor haar dingen die haar beschermen en beveiligen tegen een buitenwereld die ze hardnekkig, wellicht uit zelfbehoud, weigert te zien zoals hij werkelijk zou kunnen zijn. En wanneer een pijnlijke luciditeit in haar verzen tot uitdrukking komt, dan gebeurt dit steeds met betrekking tot haar eigen persoon, uiteraard.
  • De dichteres verschijnt als een godin in ’t diepst van haar gedachten en zit in het ’t binnenst van haar ziel ten troon. Maar binnenin bijt de pijn zich uiteraard vast, wat dacht u wel. Het verglijden der dingen, de vergankelijkheid, het verval worden immers met de jaren onherroepelijk duidelijker:

 

De klok staat niet stil
De tijd staat niet krom
 
Of nog
 
Het menselijk huis dat zolang bestaat
Moet hersteld worden

 

1985: Rombouts en Bayar gaan na 19 jaar huwelijk uit elkaar.

1987: Ontmoet de mime-kunstenaar Luc Bes met wie ze vijf jaar samenwoont. Hij zal haar inspireren tot lyrische liefdesgedichten. In 1992 eindigt de verhouding.

1988: Die periode van tomeloze creativiteit wordt in 1988 besloten met Een ijzeren hand in een fluwelen handschoen, een bundel met passend gekozen titel, verschenen in 1988 bij An Dekker te Amsterdam. (Tussen haakjes, een hint voor exegeten, de titels van Maris’ bundels hebben altijd betrekking op louter biografische toestanden die ze aldus samenbalt, synthetiseert.)

Maris zou geruime tijd niet publiceren. Maar ze was wel hardnekkig aan het schrijven aan haar Epos van het groot ongelijk.

1990: Publicatie in eigen beheer van ‘Sneeuwbes. Liefdeslyriek, onthullende strofen in balladeske verteltrant en 1 doka-gedicht’.

1992: Toen ze in 1992 vijfenvijftig werd, stelde ze vast dat ze heel veel verdrongen had. Het mechanisme van de herinnering trad in werking, mede op gang gebracht door de Golfoorlog. ‘Het was net of er op de deur geklopt werd’, zei Bayar. Dat werd een ware psychologische schok. Plots gingen de sluisdeuren van het geheugen open en herbeleefde ze de donkere oorlogsjaren die ze als kind meemaakte. Haar werk zou een andere wending nemen.

1993: Begint Maris te schrijven aan haar levenswerk: memoires in dichtvorm.

  • Niet de vader, noch de moeder staan hier centraal (zoals het geval was in haar Vrouwelijke elegieën), wel de ziener, de man die haar jeugd betoverde en tijdens de angstige bezettingsjaren een beschermende en beslissende invloed had op haar ontwikkeling.

1998: Uitgever Walter Soethoudt brengt onder het inprint Facet het eerste deel uit van Maris’ epos: Fleur de Flandre.

“Eigenlijk, zegt Maris, ben ik een poëtische romancière”. Ik ben een fantasieloze dichteres. Zij i s anders dan wij, hoorde ze vaak thuis zeggen. Ze voelde zich afgesloten van familie en volk. “Pijnlijk voor een kind”, vertrouwde ze me toe. “Ik had gelukkig destijds mijn frivoliteit mee, waarmee ik het gered heb. Op school bracht ik de kinderen aan het lachen.”

In haar epos zit ze gekneld tussen hooggestemd uiting geven aan haar gevoelens en het onverbloemd weergeven van de werkelijkheid..

Lyrisch realisme dus? Neen, ik zou zeggen maris-realisme.

2004: Een tweede uittreksel verscheen bij P te Leuven, onder de welsprekende titel Ares.

2005 : Verscheen bij Uitgeverij Litera-Este.het derde luik : Het epos van het groot ongelijk. Memoires in dichtmaat

2011: Er verschijnt een verzamelbundel ‘Opgerichte poëzie’ waarin haar eerste 10 dichtbundels opnieuw aan het lezerspubliek worden aangeboden.

Bayars poëzie verscheen in volgende tijdschriften:  Stuip, Trap, Radar, Koebel, Yang, Het Nieuw Vlaams Tijdschrift, Het tienjaarlijks tijdschrift, DW&B, Vrouw en Beeld en Boek, Eigen Wegen, Poëziekrant, Surplus, Balustrade, Literair kookboek, STROOM.

Een korte situering

Het werk van Bayar en Rombouts zelf is een extreem van ‘écriture artiste’, een verfijnd esthetisch spel op de rand van de kitsch, maar gepresenteerd en wellicht ook beleefd alse en houding van artistiek verzet, een ‘contramine’ van schoonheid. In de kringen rond Tony Rombouts wordt Maris vereerd als « de inkarnatie van de muze zelf » : « zo leeft Maris tussen ons : als meisje, als mythe, als mens. » (Radar, jrg. 2, nr. 2, 1976)

Uit : Hugo Brems en Dirk De Geest,Opener dan dicht is toe. Poëzie in Vlaanderen 1965-1990 (Leuven 1991, Acco), p.51-53.

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

Website

Referenties

  • Hugo Brems en Dirk De Geest,Opener dan dicht is toe. Poëzie in Vlaanderen 1965-1990 (Leuven 1991, Acco)

 

SMAAKMAKER

Vaders staalgroene ogen
Flitsen fel
 
Onder de schuin gedragen stetson.
Hij glimlachte leep met manlijke mond.
 
Een knappe jongen is Vader, een Dandy,
De Ster van Bethlehem, dacht het kind.
 
Hij wierp met véél zwier de koperen ring
Van de scheerriem over deurklinken,
 
Spande zijn biceps.
Scherpte het scheermes.
 
Soms gewaagde Vader, O Zeus, Wolkenverzamelaar te zijn
En liet het scheerschuim sneeuwen.
 
Tik, gekscheerde hij, hier spinnenkop,
Snowballs op je benieuwde neus.
 
Bovendien balanceerde hij fiks in handstand
Op wankele keukenstoelen,
 
Doorkruiste onstuimig
Benepen kamers.
 
Vader liep als een volbloed, Arabische hengst,
Verkwanselde automobielen zoals men paarden temt.
 
Droeg als allerlaatste op de Kroon der uitstervende
Stamboom
Een oudeeuwse Tziganennaam doch
 
Voor een figuur van formaat gelijk Vader
Moet dat schrikbaren zijn geweest.
 
Het kind rook in de piepkleine pachtkamer
Van de doodgewone Langemarckstraat nr. 5,
 
Zijn parelend zweet.
Dàt was Hercules, Krijgsman en Heethoofd in huis en
 
Hemelhoog op zijn vierkante schouders
Torende het aankomende kind dat als toeschouwster
 
Naar Epen, Sagen, Bijbelverhalen, boemeltreinen
En snelvuurkanonnen keek.
 

******

 

Dus hij ging niet,
want ze weenden
om dat ongewisse
in het oudere en jongere leven.
 
Zoals wolken wonderbaarlijk zweven,
dansten ze met waardigheid.
Dicht tegen elkaar aangeduwd,
hoofden schouderdiep gebogen,
 
in de stank van bier en brillantine,
tussen verschraalde minnaars
die bijwijlen
oneindig weemoedig zingen.
 
Ze dansten
godganse tierende nachten met twee,
op blues in bars.
Openliggen ging de zee.
 
Uit: Ares. Uitgeverij P, Leuven, 2002

 

BIBLIOGRAFIE

De gegevens van deze bibliografie werden onder meer nagekeken bij

  • Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience – Antwerpen.
  • Koninklijke Bibliotheek van België – Brussel / Bibliothèque Royale de Belgique – Bruxelles
  • POËZIECENTRUM vzw- Gent
    • Naast de Poëzieshop biedt het Poëziecentrum voor liefhebbers van antiquarische kleinoden ook een uitgebreid aanbod modern antiquariaat aan. Recentelijk werd het aanbod uitgebreid tot meer dan 3500 titels èn werden alle prijzen geherwaardeerd. Je vindt een overzicht van al de antiquarische titels op Antiqbook.

Chronologisch overzicht

Jaar Titel Fotogalerij Uitgeverij 1ste druk
1966 Ik laat mijn hoevetjes dansen. (poëzie) Wilrijk: eigen beheer. -6p.
1967 De deur die gesloten bleef. (poëzie) Antwerpen: Uitgeverij Lepel (Graaf van Hoornstraat 32). –[22]p.
Reeks: Lepelreeks nr 10
Afmetingen: 26.40 x 21.10 (ingenaaid – folio – plastieken stofomslag waarop de titel en naam van de auteur)
Kolofon: Deze bundel ‘De deur die gesloten bleef’ van Maris Bayar is nr 10 in de lepelreeks.
100 exemplaren en dit is nr 36
Luxe-uitgave:vergulde kaft met bedrukte plastic beschermhoes.
1968 Zachte Bodem. Al je gronden zon; gedichten 1967 – 1968. (poëzie) Antwerpen: Stuip. -29p.
Reeks: Stuip. – Hoboken; vol. 13
Afmetingen: 17.10 x 10.80 (geniet)
Colofon: De dichtbundel ‘Zachte bodem’ van Maris Bayar, verscheen in de maand december van het jaar1968, als dertiende van het literair tijdschrift Stuip.
De opdracht hiervoor werd gegeven door Tony Rombouts, verantwoordelijke uitgever, Volksstraat 58, Antwerpen. De oplage bedraagt 200 exemplaren. Dit is nummer 183.
1973 De heerlijkheid omhelzen. (poëzie)
Gedichten van Maris Bayar
Pentekening van Ingrid De Croock.
Gedrukt op vijf kleuren papier
Antwerpen: Uitgeverij Contramine. -28p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 2
Afmetingen: 19.90 x 23 oblong (gelijmd)
Colofon: De dichtbundel ‘De heerlijkheid omhelzen’ van Maris Bayar, geïlllustreerd door Ingrid de Croock, verscheen in de maand september 1973 als tweede nummer van de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z;w.
De opdracht hiervoor werd gegeven door Tony Rombouts, die eveneens zorgde voor typografie en lay-out.
De oplage bestaat uit :
-5 luxe exemplaren, gesigneerd door dichteres en illustratrice, gemerkt M-A-R-I-S, bevattende een suite van de illustraties op geglansd papier, gedichten in het handschrift van de dichteres en één van de originele pentekeningen waarnaar de illustraties werden gemaakt;
-165 Gewone exemplaren, alle met de hand genummerd, bevattende een xerografie van het handschrift van de dichteres. Dit is nummer 133
1974 Dwerg : poëtisch schimmenspel / van Maris Bayar ; met drie handgekleurde lithografieën van Patrick Conrad (poëzie)
Met illustraties van Patrick Conrad, Axel de Meester en Gerald Dauphin.
Antwerpen: Uitgeverij Contramine.-31p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 7
De oplage bedraagt 75 genummerde en getekende exemplaren
1975 Als Maris Dante zoent. Gedichten van 1965 tot 1975. (poëzie- verzamelbundel)
Met een voorwoord van Julien Vandiest.
Deeltitels: Ik laat mijn hoevetjes dansen; De deur die gesloten bleef; Zachte bodem; De heerlijkheid omhelzen; De dwerg; Les lilas; Als Maris Dante zoent.
Antwerpen: Walter Soethoudt. -127p.
Reeks: Kijkgatpaperback nr 32
Afmetingen: 19 x 12.50 (ingenaaid)
Druk: Walter Soethoudt
1976 Lof voor Onwerkelijken. (poëzie)
Uitgeversomslag geïllustreerd door Paul Ausloos.
Illustraties van Saint – Remy.
Deeltitels: De schone slaper; De vermisten; Here vreugde; Vogelnesten met verdorde anjers.
Antwerpen: W. Soethoudt. -74p.
Afmetingen: 22.50 x 14.50 (ingenaaid – geïllustreerde stofomslag)
Gedrukt op blauw papier.
1977 Les Chevaliers Bayard. (poëzie) Antwerpen: Uitgeverij Contramine. -36p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 20
1978 De innerlijke Belediging. (poëzie)
Met frontispice van Roel Richelieu Van Londersele
Antwerpen: Uitgeverij Contramine. -37p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 26
Afmetingen: 27 x 17.50 (gelijmd)
Colofon: “De innerlijke belediging” een dichtbundel van Maris Bayar met frontispice van Roel Richelieu Van Londersele, verscheen in de maand oktober 1978, als 26ste nummer van de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z;w.
Druk, typografie en lay-out werden verzorgd door Tony Rombouts met behulp van een Original F. M. Weiler’s Liberty National degelpers met pedaalaandrijving.
De gedichten werden gezet uit een 12 punts letter Mediaeval en gedrukt op Malmo Antilope van 145g.
De oplage bestaat uit 300 genummerde exemplaren. Dit is nummer 156.
1980 Vrouwelijke Elegieën. (poëzie)
Deeltitels: Introitus; Requiem; Condoleantie; Het begrafenismaal.
De omslagtekening is van Louise Chevalier.
Antwerpen: W. Soethoudt – Contramine. -80p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 29
Afmetingen: 21 x 14 (ingenaaid)
Colofon: ‘Vrouwelijke Elegieën’ een dichtbundel van Maris Bayar, geschreven te Antwerpen van 1 oktober 1978 tot 28 februari 1978, verscheen in de maand maart 1980, met medewerking van uitgeverij Walter Soethoudt, als 29ste nummer in de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z.w.
De bundel is gezet uit Bodoni 11 punt bij middel van Photosetting door Soethoudt te Antwerpen.
De druk werd verzorgd door Kempische Boekhandel te Retie.
1981 Heldendichten – Zeegezichten. Autobiografische gedichten. (poëzie) Antwerpen: Uitgeverij Contramine. – [49]p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 36
Afmetingen: 26.60 x 17.20 (ingenaaid)
Colofon: ‘Heldendichten – zeegezichten’ een dichtbundel van Maris Bayar verscheen in de maand oktober 1981, als 36ste nummer van de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z.w.
Druk, typografie en lay-out werden verzorgd door Tony Rombouts met behulp van een Original F. M. Weiler’s Liberty National degelpers met pedaalaandrijving.
De gedichten werden gezet uit een 12 punts letter Mediaeval. Ze werden gedrukt op Flash print van 120g.
25 luxe exemplaren, genummerd en gesigneerd door de medewerkers, werden gedrukt op azuurkleurig scaldiacover 00 van 200 gram. Ze bevatten in bijlage een gedicht in het handschrift van de dichteres.
1982 Levend in Leningrad. Een gespalkt gedicht. (poëzie) Antwerpen: Uitgeverij Contramine. –[32]p.
Afmetingen: 27 x 17 (gelijmd)
Colofon: “Levend in Leningrad”, een dichtbundel van Maris Bayar geïllustreerd met frontispice van de auteur, verscheen in de maand oktober 1982, als 40ste nummer van de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z.w.
Druk, typografie en lay-out werden verzorgd door Tony Rombouts met behulp van een Original F. M. Weiler’s Liberty National degelpers met pedaalaandrijving.
De gedichten werden gezet uit een 10 punts letter Helvetica. Ze werden gedrukt op Flash print van 120g.
50 luxe-exemplaren, genummerd en gesigneerd door uitgever en auteur, werden gedrukt op Carmen Andrinopelrood van 140 gram.
Dit is nummer III
1984 Verzamelwoede. (poëzie) Antwerpen: Uitgeverij Contramine. –[44]p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 55
Afmetingen: 26.70 x 17 (gelijmd)
Colofon: “Verzamelwoede”, een cyclus gedichten van Maris Bayar verscheen in de maand september 1984, als 55ste nummer van de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z;w.
Druk, typografie en lay-out werden verzorgd door Tony Rombouts met behulp van een Original F. M. Weiler’s Liberty National degelpers met pedaalaandrijving.
De gedichten werden gezet uit een 12 punts letter Mediaeval. Ze werden gedrukt op Flash print van 120g.
Van de oplage werden de eerste 150 met de hand genummerd. Dit is nummer 4.
1986 De parade der paladijnen. Een wagenspel in onverbloemde verzen met herdenking der grijze pijnen van het ontsnapte zelf . (poëzie)
Deeltitels: Inleiding:Wat men [niet] moet weten; Eerste bedrijf: vorming van het gezelschap; Tweede bedrijf: apologie van een nar; Derde bedrijf: de koning drinkt; Vierde bedrijf: ontbinding van het gezelschap.
De omslagfoto is van Axel de Meester
Antwerpen: Uitgeverij Contramine.- 124p.
Reeks: Poëziereeks. – Antwerpen; vol. 63
Afmetingen: 21 x 13.80 (paperback)
Colofon: ‘Parade van de paladijnen’, een wagenspel in onverbloemde verzen met herdenking der grijze pijlen van het ontsnapte Zelf, geschreven door Maris Bayar, verscheen in oopdracht van Tony Rombouts, in het najaar van 1986, als 63ste nummer van de poëziereeks van de Uitgaven Contramine v.z.w.
1988 Een ijzeren hand in een fluwelen handschoen. (poëzie)
Omslagontwerp: Ann Dekker
Zetwerk: Vidicom-Vidizet bv – Den Haag
Amsterdam: An Dekker. -66p.
Afmetingen: 20 x 12.50 (ingenaaid)
1990 Sneeuwbes. Liefdeslyriek, onthullende strofen in balladeske verteltrant en 1 doka-gedicht. (poëzie)
Deeltitels: Inleidende strofe; Een gezang aanheffen, dichtstuk 1; De dichtader laten vloeien, dichtstuk 2; Het vorstelijk groen, dichtstuk 3; Openliggen, dichtstuk 4; Vitaliteit, 1 doka-gedicht
Antwerpen: Eigen beheer. -51p.
Afmetingen: 29.20 x 20.80 (ingelijmd met plastieken omslag)
1998 Fleur de Flandre. (poëzie)
Deeltitels:Eerste deel: Sneeuwbes; Tweede deel: Toestanden; Derde deel: Boeddha en de boomgaard der zilverberken; Vierde deel: Sneeuwbes; Vijfde deel: Moeder gebeeldhouwd
Omslag: Iris Rombouts
Antwerpen: Facet. -238p.
Afmetingen: 21 x 13 (ingenaaid)
2002 Ares. (poëzie) Leuven: Uitgeverij P. -64p.
Afmetingen: 21 x 12.80 (ingenaaid – met flappen)
Gezet in Pinion
Gedrukt door Drukkerij Overloop, Wilsele
2005 Het epos van het groot ongelijk. Memoires in dichtmaat. (poëzie)
Foto omslag: Joost Joossen
Ontwerp omslag: Vpm Bio
Oostende: Uitgeverij Litera-Este. -220p. (Foto’s)
Afmetingen: 21 x 14.80 (ingenaaid – met flappen)
Gezet in Times New Roman
Gedrukt door drukkerij De Schacht Brugge
2011 Opgerichte poëzie. Gedichten 1975-1988. (poëzie – verzamelbundel)
Met een bibliografische schets door Aleidis Dierick.
Omslagfoto: © Iris Rombouts.
Deeltitels: Lof voor Onwerkelijken (pp 11-53); Les chevaliers Bayard (pp 54-67); De innerlijke belediging (pp 68-96); Vrouwelijke Elegieën (pp 98-149); Heldendichten zeegezichten (pp 150-177); Levend in Leningrad (pp 178-197); Verzamelwoede (198-229); Parade der paladijnen (pp 230-287); Een ijzeren hand in een fluwelen handschoen (pp 288-338).Biografische schets (pp 339-340).
Bayar 14 Aartselaar: Stichting Charles Catteau. -349p.
Afmetingen: 23 x 15.10 (ingenaaid)

 

Overzicht per genre – alfabetisch op titel

 

  • Als Maris Dante zoent. Gedichten van 1965 tot 1975. (1975)
  • Ares. (2002)
  • De deur die gesloten bleef. (1967)
  • De heerlijkheid omhelzen. (1973)
  • De innerlijke Belediging. (1978)
  • De parade der paladijnen. (1986)
  • Dwerg : poëtisch schimmenspel (1974)
  • Een ijzeren hand in een fluwelen handschoen. (1988)
  • Fleur de Flandre. (1998)
  • Het epos van het groot ongelijk. Memoires in dichtmaat.(2005)
  • Heldendichten – Zeegezichten. Autobiografische gedichten. (1981)
  • Ik laat mijn hoevetjes dansen. (1966)
  • Les Chevaliers Bayard. (1977)
  • Levend in Leningrad. Een gespalkt gedicht. (1982)
  • Lof voor Onwerkelijken. (1976)
  • Opgerichte poëzie. Gedichten 1975-1988. (2011)
  • Sneeuwbes. (1990)
  • Verzamelwoede. (1984)
  • Vrouwelijke Elegieën. (1980)
  • Zachte Bodem. Al je gronden zon; gedichten 1967 – 1968. (1968)